€ 250 voor plaatsen foto op weblog voor duur van 16 maanden

Print this page 28-11-2019
IEPT20191015, Rb Amsterdam, Foto op blog

Inbreuk op foto eiser door deze op website te plaatsen. Beroep op artikel 18a Aw faalt: overname oude column [betrokkene] met foto [betrokkene] betreft geen “ander werk”. Beroep op artikel 19(3) Aw faalt: foto niet in opdracht [betrokkene] gemaakt. Schadevergoeding van € 250 toegewezen: gebruikelijke tarief van eiser, kantonrechter van oordeel dat bedrag redelijk is voor duur van publicatie foto (16 maanden). Geen gebrek aan naamsvermelding: over rechterzijde foto staat pseudoniem en handelsnaam eiseres gedrukt. Geen onrechtmatige uitlatingen: hoewel uitlatingen negatief en onnodig grof van toon zijn niet zo onbetamelijk dat grenzen toelaatbare zijn overschreden.

 

AUTEURSRECHT

 

Eiser is professioneel fotografe en handelt onder de naam [bedrijf]. Omstreeks september 2011 heeft zij een foto gemaakt van [betrokkene]. De foto stond in 2017 op de website van eiseres. Over de lengte van de rechterzijde van de foto staat in witte letters gedrukt: “[bedrijf]”. Op 23 maart 2017 heeft gedaagde een column van [betrokkene] uit 1992 geplaatst op zijn weblog. Bij deze column stond de hiervoor genoemde foto afgebeeld. Gedaagde heeft geen toestemming van eiseres verkregen voor het gebruik van de foto. Eiseres heeft gedaagde gesommeerd om de foto te verwijderen en om € 500 voor de inbreuk op haar auteursrecht te betalen. Gedaagde heeft dat niet gedaan en heeft zijn reacties aan eiseres in een blogpost opgenomen op zijn weblog, welke hij ook op zijn Facebookpagina tijdlijn heeft geplaatst. Uiteindelijk heeft gedaagde eiseres aangeduid als mevrouw [smaadwoord]. Eiseres vordert nu een schadevergoeding wegens de gestelde auteursrechtinbreuk en rectificatie op de weblog en Facebookpagina van gedaagde.

 

De kantonrechter oordeelt dat de foto auteursrechtelijk beschermd is en dat sprake is van auteursrechtinbreuk. Er wordt een schadevergoeding van € 250 toegewezen voor de auteursrechtinbreuk, welk bedrag overeenkomt met het gebruikelijke tarief van eiser. Dit is volgens de kantonrechter een redelijk bedrag voor de duur van de publicatie van de foto, 16 maanden. Dat eiseres afhankelijk van de hoedanigheid van haar contractspartij en de gemaakte contractuele afspraken ook andere tarieven hanteert voor het gebruik van haar foto’s is in deze zaak niet relevant. Als gedaagde vooraf toestemming had gevraagd aan eiseres voor het  gebruik van de foto van [betrokkene] (of na de sommatie van eiseres daarover op een redelijke manier contact met haar had gezocht), had hij kunnen onderhandelen over dat tarief. Dat heeft gedaagde niet gedaan en dat komt dus voor zijn eigen rekening en risico. Er wordt geen schadevergoeding toegewezen wegens het gestelde gebrek aan naamsvermelding, nu over de rechterzijde van de foto het pseudoniem en de handelsnaam van eiseres gedrukt staan.

 

De kantonrechter is van oordeel dat geen sprake is van onrechtmatige publicaties. Hoewel de uitlatingen negatief en onnodig grof van toon zijn, zijn de uitlatingen niet zo onbetamelijk dat de grenzen van het toelaatbare zijn overschreden. Eiseres baseert een deel van haar vordering op de stelling dat gedaagde haar zou hebben aangeduid als oplichtster, fraudeur of nepfotograaf. [eiseres] heeft echter niet toegelicht waaruit blijkt dat gedaagde dergelijke bewoordingen over haar heeft gebruikt.

 

De IEPT-versie volgt

 

ECLI:NL:RBAMS:2019:8643