Hoge Raad laat arrest hof in Lira/Ziggo in stand

02-10-2020 Print this page
IEPT20201002, HR, Lira v Ziggo

(Met dank aan Thijs van Aerde (Houthoff), Jeroen van Hezewijk (Freshfields)

 

Een overdracht bij voorbaat aan een derde voorafgaand aan het moment waarop de maker met de filmproducent overeenkomt een bijdrage aan de film te leveren, heeft geen rechtsgevolg indien de maker niet schriftelijk met de producent een afwijking van artikel 45d (oud) Aw is overeengekomen. Artikel 26a Aw niet van toepassing indien geen sprake is van een eerdere openbaarmaking: het begrip “gelijktijdige, ongewijzigde en onverkorte uitzending” moet worden uitgelegd overeenkomstig het begrip “doorgifte via de kabel” uit de SatKabRichtlijn, geen aanleiding om terug te komen op het oordeel uit het Norma-arrest dat “doorgifte via de kabel” als bedoeld in art. 1 lid 3 SatKabRichtlijn een eerdere openbaarmakingshandeling (eerste uitzending) veronderstelt.

 

AUTEURSRECHT

 

Lira vordert in deze procedure dat het de kabelexploitanten wordt verboden om zonder toestemming van Lira de door haar vertegenwoordigde auteursrechtelijk beschermde werken openbaar te maken en daarnaast vergoeding van de schade die Lira en de door haar vertegenwoordigde auteurs hebben geleden en nog zullen lijden als gevolg van openbaarmakingen na 1 oktober 2012.

 

Lira legt aan deze vorderingen ten grondslag dat de kabelexploitanten inbreuk maken op de aan Lira door middel van de Aansluitingscontracten overgedragen auteursrechten. Daarnaast baseert Lira haar vorderingen op art. 26a Aw, dat aan collectieve beheersorganisaties het recht geeft om namens de makers jegens de kabelmaatschappijen toestemming te verlenen voor uitzending.

 

De Hoge Raad oordeelt dat een overdracht bij voorbaat aan een derde voorafgaand aan het moment waarop de maker met de filmproducent overeenkomt een bijdrage aan de film te leveren, geen rechtsgevolg heeft indien de maker niet schriftelijk met de producent een afwijking van artikel 45d (oud) Aw is overeengekomen.

 

Artikel 26a Aw is naar het oordeel van de Hoge Raad bovendien niet van toepassing indien geen sprake is van een eerdere openbaarmaking. Het begrip “gelijktijdige, ongewijzigde en onverkorte uitzending” moet worden uitgelegd overeenkomstig het begrip “doorgifte via de kabel” uit de SatKabRichtlijn. De Hoge Raad ziet geen aanleiding om terug te komen op het oordeel uit het Norma-arrest dat “doorgifte via de kabel” als bedoeld in art. 1 lid 3 SatKabRichtlijn een eerdere openbaarmakingshandeling (eerste uitzending) veronderstelt.

 

IEPT20201002, Hoge Raad, Lira v Ziggo

 

ECLI:NL:HR:2020:1548