Beide partijen hebben activiteiten uitgebreid in de richting van de ander, maar geen verwarring
19-10-2022 Print this page
Handelsnaam [eiser01] en [gedaagde01] vertonen onmiskenbare gelijkenissen: dominante bestanddeel van de handelsnaam van [gedaagde01] vertoont visuele en auditieve gelijkenis. Geen verwarringsgevaar te duchten: aard en doelgroep van beide ondernemingen verschillen in elk geval in oorsprong. [eiser01] heeft nagelaten om aan te tonen in welke mate als gevolg van geografische overlap reëel verwarringsgevaar is te duchten.
HANDELSNAAMRECHT - GEEN VERWARRINGSGEVAAR
Medio 2021 heeft eiser geconstateerd dat Boeg Bouw gebruik maakt van een handelsnaam en daarmee volgens eiser op verschillende wijzen inbreuk op haar handelsnaam.
Het dominante bestanddeel van de handelsnaam van gedaagde vertoont onmiskenbaar visuele gelijkenis. Dat het auditief in Limburgs/Duits als 'bög' wordt uitgesproken, is niet onderbouwd. Begripsmatig zijn het geen beschrijvende handelsnamen.
Aannemelijk is dat beide partijen (een deel van) hun activiteiten hebben uitgebreid in de richting van de ander. Het is aannemelijk dat zij feitelijk in zekere mate overlappend landelijk bereik hebben. Eiser heeft echter nagelaten om te onderbouwen dat zij haar handelsnaamrecht kan doen gelden buiten de regio Limburg. De aard en de doelgroep van beide ondernemingen verschillen. Eiser is kleinschalig uitzendbureau in Zuid-Limburg. Boeg Bouw richt zich op hoger opgeleid technisch personeel voor MKB+ en grote ondernemingen.
Alles afwegende komt de voorzieningenrechter dan ook tot het voorlopige oordeel dat, ondanks de geconstateerde gelijkenissen, mogelijke raakvlakken en overlap, geen (direct of indirect) verwarringsgevaar valt te duchten als bedoeld in artikel 5 Hnw.
IEPT20220530, Rb Rotterdam, BoeG Uitzendbureau v Boeg Bouw