Geen octrooi-inbreuk: eerst pasteurisatie en daarna mesofiele vertering

07-09-2022 Print this page
IEPT20220712, Rb Den Haag, SEaB v The Waste Transformers

Kort geding-zaken zijn gevoegd. Octrooien voor geautomatiseerde inrichtingen voor draagbare containers voor anaerobe vertering van afval. Incidenten zekerheidstelling proceskosten afgewezen. In de hoofdzaken betreft het inzage inzage ex artikel 843a Rv. Omdat de inbreuk op octrooien onvoldoende aannemelijk is, wordt inzage ex 843a Rv afgewezen.

OCTROOIRECHT - ZEKERHEIDEXHIBITIE BEWIJSMATERIAAL

 

SEaB is een onderneming die sinds 2011 wereldwijd actief is op de markt voor de ontwikkeling van duurzame verteringsoplossingen voor organisch afval. Met een speciaal verteringsprocedé wordt onder meer warmte en elektriciteit opgewekt en het restproduct is als meststof geschikt. SEaB heeft hiervoor octrooien (EP589 en EP420) voor een verplaatsbare installaties waarmee afval op locatie kan worden gerecycled. 


In het incident tot zekerheidstelling in beide zaken constateert dat de uitzondering van artikel 224 lid 2 sub a Rv geldt gezien artikel III van het aanvullend verdrag. Daarin staat geen zekerheidstelling nodig is wanneer onder gelijke omstandigheden de ander in het gebied van de andere Verdragspartij niet verplicht is zekerheid te stellen voor de proceskosten.
 

De Octrooien hebben kort gezegd betrekking op geautomatiseerde inrichtingen voor draagbare containers (houders) voor anaerobe vertering van afval. TWT c.s.past deze kenmerken van de octrooien, voorshands oordelend, niet toe. In de Waste Transformers vindt immers eerst mesofiele vertering plaats en pas daarna wordt gepasteuriseerd. De omstandigheid dat afvalwater (na pasteurisatie) kan worden teruggevoerd naar de mengtank, maakt niet dat er (ook) sprake is van een traject waarbij eerst wordt gepasteuriseerd en vervolgens mesofiel verteerd. 
 

De door SEab verzochte inzage, gericht op het vinden van bewijs dat er mogelijk ook andere kleinere tanks zijn waarin eventueel pasteurisatie of thermofiele anaerobe vertering plaatsvindt, is niet meer relevant is. Dat bewijs maakt niet alsnog dat er sprake is van inbreuk.
 

De vorderingen worden afgewezen. Liquidatietarief van € 656,- voor een eenvoudig kort geding in incident (vanwege ontbreken onderbouwing conform 1019h Rv) te betalen door TWT. En in de hoofdzaken een afgesproken €10.000 te betalen door SEaB.



ECLI:NL:RBDHA:2022:6786