Inbreuk op auteursrechten [A] op diss track door uitzending daarvan door Roddelpraat: Roddelpraat heeft geen licentie of toestemming van [A], geen uitputting van uitzendrechten. Geen rechtsgeldig citaat (artikel 15a Aw): De diss track is volledig uitgezonden door Roddelpraat, onvoldoende toegelicht waarom dit noodzakelijk zou zijn Geen gerechtvaardigd beroep op korte weergave van actuele gebeurtenis (artikel 16a Aw): Gebeurtenis was wel actueel, maar rechtvaardigde niet om de diss track in zijn geheel uit te zenden terwijl die geen feitelijke informatie bevatte over het genoemde gedrag. Geen parodie (artikel 18b Aw): Niet valt in te zien in welk opzicht de uitzending een parodie vormt. Recht op privacy van [A] prevaleert boven vrijheid van meningsuiting van Roddelpraat: Het gaat louter om speculatie en niet om een feit dat wordt bevestigd: Dat [A] nadeel zou ondervinden van de uitzending is voorzienbaar.
AUTEURSRECHT - PUBLICATIE-PRIVACY
Het gaat in dit kort geding om een conflict over een uitzending van Roddelpraat, die een veel bekeken programma op een juice kanaal maakt. In die uitzending wordt een diss track afgespeeld van Famke Louise, een bekende muzikant-influencer. De makers van Roddelpraat hebben vervolgens een deel van de uitzending besteed aan het bespreken van de tekst daarvan. Daarbij hebben zij een lezing van die tekst besproken die erop neerkomt dat een andere bekende Nederlander grensoverschrijdend gedrag heeft vertoond tegenover de muzikant-influencer. De voorzieningenrechter IEPT20220316 heeft Roddelpraat bevolen de uitzending offline te halen. Roddelpraat heeft daartegen hoger beroep ingesteld, vooral omdat hij beschikt over nieuw bewijsmateriaal waaruit zou blijken dat de rap al lang voor de uitzending openbaar gemaakt was. Het hof bekrachtigt het vonnis waarvan beroep.
Roddelpraat stelt dat de diss track reeds openbaar is gemaakt. Dat zou op een verjaardagsfeestje zijn en verklaart is dat dit een professioneel optreden was en waarvoor is betaald. Ook indien dit het geval is, wat wordt betwist, heeft Famke Louise het recht om zich als maker te verzetten.
Roddelpraat heeft geen licentie of toestemming. Nu de volledige diss track is uitgezonden, komt haar geen beroep op citaatrecht ex 15a Aw toe. Noch valt in te zien dat de parodie-exceptie van 18b Aw toepasselijk is. Dat appellanten grappen maken en lachen en zich onverbloemd uitdrukken, maakt de uitzending nog geen parodie. Dat Roddelpraat de diss track mocht gebruiken voor berichtgeving over een actuele gebeurtenis, ten tijde van de uitzending van de Me-too-problematiek rond The Voice Of Holland en de rol van [C] zou kunnen passen. Maar dat rechtvaardigt geen gehele uitzending van de diss track die geen feitelijke informatie bevat over het genoemde gedrag van [C].
Dat Famke Louise nadeel zou ondervinden van de uitzending was voorzienbaar. De publicatie van haar track, met de niet terechte duiding dat zij de track bedoeld had als beschuldiging tegen [C] wegens seksueel misbruik, stelde haar zonder reden in een ongunstig daglicht. De op zichzelf vaststaande omstandigheid dat [A] een publieke figuur is die zelf de media niet schuwt, is niet voldoende om dit soort beschadigende uitingen te rechtvaardigen.
De Grondrechtenafweging valt in het voordeel van de bescherming van de persoonlijke levenssfeer.
Dat Roddelpraat nu voldoende belang heeft bij het wederom online zetten van de uitzending, met een niet nader omschreven rectificatie, is niet aannemelijk geworden. Daartoe volstaat het belang van archivering niet. Bovendien zou met het weer online zetten opnieuw inbreuk op het auteursrecht worden gemaakt.
IEPT20221213, Hof Amsterdam, Roddelpraat