WAMCA-procedure voor misbruik economische machtspositie: te hoge prijs voor geoctrooieerd geneesmiddel
17-07-2024 Print this page
WAMCA-procedure waarin de eisende stichting Farma ter Verantwoording een verklaring van recht vordert dat geneesmiddelenfabrikant AbbVie onrechtmatig heeft gehandeld en misbruik heeft gemaakt van haar economische machtspositie door een te hoge prijs te vragen voor het geneesmiddel Humira in de periode waarvoor het middel octrooibescherming genoot. De rechtbank is bevoegd ten aanzien van de Amerikaanse gedaagde omdat die met de Nederlandse gedaagde een economische eenheid vormt bij de prijsbepaling van het Humira medicijn en het op de Nederlandse markt brengt. Ten aanzien van de Duitse gedaagde is ze niet bevoegd, omdat onvoldoende is gebleken van samenhang tussen de vorderingen op de Nederlandse en de Duitse gedaagde.
De stichting voldoet aan de wettelijke eisen voor een collectieve actie. De vorderingen ten behoeve van de achterban zijn te bundelen. Verder is eiseres representatief voor haar achterban en zijn de vorderingen voorgelegd aan de juiste rechter en zijn die vorderingen niet kennelijk ongegrond. De eisende stichting is dus ontvankelijk in deze WAMCA-procedure.
Het door AbbVie ter discussie gestelde belang van eiseres (dan wel haar achterban) bij de vorderingen kan pas volledig aan de orde komen in de inhoudelijke fase van de procedure. Dan zal hierover worden beslist. De volgende fase is de inhoudelijke behandeling van de vorderingen van de eisende stichting.