Geen auteursrecht, maar wel slaafse nabootsing luiertas

24-07-2025 Print this page
IEPT20250606, Rb Zeeland-West-Brabant, Luiertas

Eiseres bracht in 2021 een luiertas op de markt en zette dit in 2025 voort via haar BV. Gedaagde lanceerde in 2024 een soortgelijke tas. De rechter oordeelt dat de tas van eiseres geen auteursrechtelijke bescherming geniet wegens een functionele en banale vorm. Wel is sprake van slaafse nabootsing: gedaagde nam kenmerken vrijwel één op één over, bestelde eerst zelf een tas van eiseres, en week onvoldoende af om verwarring te voorkomen. Gedaagde moet de nabootsing staken, rectificeren en wordt veroordeeld tot betaling van €2.122,16 aan proceskosten.


SLAAFSE NABOOTSING

Eiseres dreef een eenmanszaak en heeft juli 2021 een luiertas op de markt gebracht. In 2025 als BV voortgezet als online verkoper van luiertassen. Haar eenmanszaak is in 2025 geruisloos ingebracht in de BV en dat alle rechten en verplichtingen van de eenmanszaak daarbij zijn overgegaan. Gedaagde heeft in 2024 luiertas gelanceerd.


Het makerschap heeft eiseres onderbouwd met tekening en correspondentie met de patroonmaakster, als uiteenzetting van het ontwerpproces.


De voorzieningenrechter is van oordeel dat de tas van eiseres geen blijk geeft van persoonlijke, vrije en creatieve keuzes van de maker. De luiertas is een draagtas met een bepaalde basisvorm. De buitenzijde van een draagtas heeft bepaalde wezenlijke kenmerken zoals een bepaald formaat om verschillende items te kunnen vervoeren, een rechthoekige of vierkante vorm, hengsels, een open of afgesloten bovenkant. De basisvorm wordt bepaald door de gebruiksbestemming en is daardoor mede functioneel bepaald. Deze basiskenmerken zijn niet te monopoliseren. De vorm van de tas is gangbaar en banaal.


De conclusie is dat de elementen die eiseres noemt grotendeels onbeschermd, niet origineel of functioneel bepaald zijn. Hoewel ook een combinatie van onbeschermde elementen tot bescherming zou kunnen leiden, is dat hier niet aan de orde.
 

Slaafse nabootsing
Eiseres stelt dat de tas een eigen gezicht op de markt heeft en dat thans een vergelijkbare zoekopdracht op Google niet of nauwelijks resultaten oplevert. De voorzieningenrechter is van oordeel dat met de tas niet voldoende afstand is genomen om zo verwarring tussen de beide tassen te voorkomen. Naar het oordeel van de voorzieningenrechter zijn de kenmerken van eiseres nagenoeg één op één overgenomen door gedaagde . De beperkte verschillen vallen teniet in de vergelijkbare totaalindruk van de beide tassen en zijn zo beperkt dat die door de weinig oplettende consument van dit type product niet zullen worden opgemerkt.
 

Voldoende aannemelijk is verder dat gedaagde met de tas opzettelijk eiseres heeft nagebootst. Gedaagde heeft namelijk voordat zij haar tas op de markt heeft gebracht eerst op 22 januari 2024 een tas bij eiseres besteld. Weliswaar is aangevoerd dat zij meerdere luiertassen heeft besteld om zo uitvoerig onderzoek te kunnen doen naar de luiertassen die al op de markt verkrijgbaar waren, maar een onderbouwing hiervan ontbreekt. De keuzes die zijn gemaakt, zijn dus enkel terug te voeren op de tas van eiseres. Gedaagde had eenvoudig kunnen afwijken van de tas zonder afbreuk te doen aan de deugdelijkheid of bruikbaarheid van haar luiertas. Doordat gedaagde dit heeft nagelaten, heeft zij niet alles gedaan wat redelijkerwijs mogelijk en nodig is om te voorkomen dat gevaar voor verwarring ontstaat.


De voorzieningenrechter beveelt binnen 48 staking van de slaafse nabootsing van de tas van eiseres en rectificatie. Veroordeling in de proceskosten van €2.122,16.  


ECLI:NL:RBZWB:2025:4513