Artiestenovereenkomst met aanspraak op drie toekomstige albums en eeuwigdurend exploitatierecht is niet in strijd met artikel 25f(1) Aw

05-08-2025 Print this page
IEPT20250805, Hof Amsterdam, Ronnie Flex v Top Notch

Artiestenovereenkomst met aanspraak op drie toekomstige albums en eeuwigdurend exploitatierecht is niet in strijd met artikel 25f(1) Aw. Geen sprake van onvoldoende bepaalde looptijd in de zin van artikel 25f(1) Aw indien het aantal werken en de termijnen waarbinnen daarop aanspraak kan worden gemaakt voldoende zijn begrensd, ook al bestaat bij het aangaan geen zekerheid over het moment waarop deze zal eindigen. Geen sprake van onredelijk lange looptijd in de zin van 25f(1) Aw. Geen sprake van een onredelijk bezwarende looptijd bij een eeuwigdurend exploitatierecht indien dat recht betrekking heeft op een begrensd aantal werken dat binnen een voldoende afgebakende periode moet worden vervaardigd en de artiest deelt in de exploitatieopbrengsten. Artikel 25f(1) Aw ziet op de periode waarin aanspraak bestaat op exploitatie van toekomstige werken en niet op de periode waarin reeds tot stand gebrachte werken mogen worden geëxploiteerd. Bovendien rust op een exploitant geen mededelingsplicht om een artiest te wijzen op de mogelijkheid juridische bijstand in te schakelen indien de overeenkomst en algemene voorwaarden duidelijk zijn, de artiest wordt bijgestaan door een manager en geen onduidelijkheid over de inhoud van de overeenkomst kenbaar maakt. 


De rechtbank IEPT20240117 wees de vorderingen af. Het Hof vernietigt het bestreden vonnis uitsluitend voor zover daarbij de gevorderde verklaring voor recht over het eindigen van de Overeenkomst is afgewezen, en verklaart voor recht dat de Overeenkomst is geëindigd op 22 september 2019.

 

ARTIESTENOVEREENKOMST - NABURIGE RECHTEN



Vernietiging Overeenkomst

Ronnie Flex voert aan dat hij een verkeerde voorstelling van zaken heeft gehad en dat hij bij een juiste voorstelling van zaken de Overeenkomst niet zou zijn aangegaan. Hij wijst op onduidelijkheid over de looptijd van de exclusieve samenwerking, de exploitatie van zijn naburige rechten en oneerlijke kostenverdelingen. Volgens hem heeft Top Notch haar mededelingsplicht geschonden. Het hof oordeelt echter dat de bepalingen in de overeenkomst duidelijk zijn en dat Ronnie Flex, bijgestaan door een ervaren manager, de inhoud had kunnen begrijpen. Top Notch hoefde hem daarom niet te waarschuwen of juridisch advies aan te bevelen. Grief I wordt verworpen.

 

Looptijd
Het hof oordeelt in deze zaak dat de artikelen 2 en 3 van de overeenkomst tussen [appellant] en Top Notch niet vernietigbaar zijn op grond van artikel 25f Auteurswet of artikel 2b Wet op de naburige rechten. Volgens het hof is de looptijd van de overeenkomst weliswaar afhankelijk van toekomstige gebeurtenissen, maar toch voldoende bepaalbaar: Top Notch kan maximaal vier albums uitbrengen, met telkens achttien maanden tussen elke verlenging. Daarmee is de periode waarbinnen Top Notch aanspraak kan maken op toekomstige werken duidelijk begrensd. Ook heeft [appellant] invloed op de looptijd doordat hij de muziek aanlevert.


Het hof verwerpt het argument dat de looptijd onredelijk lang of bezwarend is. In de muziekindustrie zijn meerjarige samenwerkingen met beginnende artiesten gebruikelijk, mede ter bescherming van investeringen van de platenmaatschappij. De mogelijkheid van eeuwigdurende exploitatie van bestaande opnamen is ook niet bezwarend, omdat het aantal werken beperkt is en [appellant] mede profiteert via royalty's.


Ten slotte wijst het hof het beroep op dat de looptijd naar redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar is, af. [Appellant] heeft onvoldoende onderbouwd dat hij financieel verlies heeft geleden. Bovendien zijn de bepalingen over billijke vergoeding niet van toepassing op de overeenkomst van vóór 1 juli 2015. Ook de verschuiving naar digitale exploitatie wordt niet als onvoorziene omstandigheid gezien. De grieven van [appellant] falen.


Einde overeenkomst
De overeenkomst tussen partijen eindigde op 22 september 2019, 18 maanden na de release van het laatste album in 2018. Het hof verwerpt eerdere einddata zoals 15 januari of 17 juli 2016. Aangeleverde opnames of onderhandelingen na 2017 wijzigen de einddatum niet. Grief III slaagt deels.


(Financiële) gevolgen einde Overeenkomst
[Appellant]’s vorderingen over kosten en opbrengsten na die datum zijn ongegrond. Top Notch mocht gemaakte kosten deels verrekenen; één bedrag (€59.450,90) wordt gecorrigeerd. De overige verrekende bedragen voor liveoptredens en sponsoring zijn gerechtvaardigd. De gevraagde verklaringen voor recht worden afgewezen.


Overdracht rechten/exploitatie
De artikelen over overdracht en exploitatie van rechten zijn volgens het hof duidelijk en niet tegenstrijdig. Ronnie Flex kan zich niet beroepen op het contra-proferentembeginsel en heeft geen opzegbaar licentierecht. De eeuwigdurende exploitatie is niet onredelijk of onaanvaardbaar. Er zijn geen concrete feiten aangevoerd. Grief V wordt verworpen.


Fonogrammenproducent
Ronnie Flex stelt dat hij (deels) als fonogrammenproducent moet worden aangemerkt, omdat hij het initiatief nam bij opnamen, deze (mede) produceerde en financieel bijdroeg. Het hof oordeelt echter dat volgens de overeenkomst Top Notch verantwoordelijk was voor het vervaardigen van de opnamen, zowel organisatorisch als financieel. De producers werden door Top Notch ingeschakeld en droegen hun rechten aan haar over. Ook blijkt uit documentatie dat Top Notch aanzienlijke kosten heeft gedragen voor studiohuur, producers, mixing en mastering. Ronnie Flex heeft zijn stellingen onvoldoende onderbouwd met concrete feiten. De investering in apparatuur en tijd duidt op betrokkenheid als maker, maar toont geen volledige productie- of financiële verantwoordelijkheid aan. Daarom is Ronnie Flex niet aan te merken als fonogrammenproducent van de opnamen die onder de overeenkomst zijn uitgebracht. Grief VI faalt.

 

Het Hof vernietigt het bestreden vonnis uitsluitend voor zover daarbij de gevorderde verklaring voor recht over het eindigen van de Overeenkomst is afgewezen, en verklaart voor recht dat de Overeenkomst is geëindigd op 22 september 2019.

 

IEPT20250805, Hof Amsterdam, Ronnie Flex v Top Notch
ECLI:NL:GHAMS:2025:2089