Memo over bedreiging in telefoongesprek met projectleider windmolens niet onrechtmatig
20-11-2025 Print this pageDe gemeente Barneveld handelde niet onrechtmatig na een telefoongesprek waarin [eiser] zei dat de achterban zou eisen het “niet bij woorden te laten”. De projectleider ervoer dit als bedreigend, wat in een openbaar memo en krant werd vermeld. De rechtbank oordeelt dat deze weergave voldoende steun in de feiten vindt en dat nadere verificatie niet nodig was. Beroepen op grondrechten en het Verdrag van Aarhus falen.
Deze zaak betreft de vraag of Gemeente Barneveld onrechtmatig heeft gehandeld naar aanleiding van een telefoongesprek tussen [eiser], voorzitter van Actiecomité Voorthuizen Windmolens NEE, en de projectleider windmolens. Tijdens dat gesprek zei [eiser] dat de druk van de achterban groter zou worden als de gemeente openstaande vragen niet zou beantwoorden en dat de achterban dan zou eisen dat het actiecomité het “niet bij woorden zou laten”. De projectleider heeft deze uitspraak als bedreigend ervaren. Dit werd opgenomen in een memo dat aan de gemeenteraad werd gestuurd en openbaar werd gemaakt, waarna een artikel in de Barneveldse Krant verscheen waarin [eiser] met naam en functie werd genoemd.
[eiser] vordert onder meer een verklaring voor recht dat de gemeente hem ten onrechte heeft beschuldigd van bedreiging, rectificatie en schadevergoeding. De rechtbank oordeelt dat de uitlatingen in het memo voldoende steun in de feiten vinden. Vast staat dat [eiser] de genoemde woorden heeft gebruikt en dat hij, toen de projectleider vroeg wat hij daarmee bedoelde, antwoordde dat hij dat niet weet. Hij heeft op dat moment niet verduidelijkt dat geen sprake was van een bedreiging. Dat hij later uitlegde dat hij doelde op acties zoals een demonstratie of geluidsprotest verandert niet dat dit niet aan de projectleider was meegedeeld.
Volgens [eiser] was het gesprek onplezierig en werden er over en weer verwijten gemaakt, maar dat neemt niet weg dat de projectleider zich bedreigd heeft gevoeld. De gemeente mocht de uitlating als “niet acceptabel” kwalificeren. Nadere fact-checking was niet vereist, omdat het ging om de subjectieve beleving van de betrokken ambtenaar en zijn verslag daarvan is besproken met [eiser].
De rechtbank oordeelt dat de in het memo opgenomen uitlatingen voldoende steun in de feiten vonden. De rechtbank concludeert dat de gemeente niet onrechtmatig heeft gehandeld. Het beroep op het Verdrag van Aarhus en op grondrechten (artikel 7 Gw, artikel 19 IVBPR, artikel 10 en 11 EVRM) slaagt niet, omdat [eiser] niet heeft onderbouwd dat deze rechten zijn beperkt.
Gemeente Barneveld heeft niet onrechtmatig gehandeld. Het beroep op het Verdrag van Aarhus faalt: het staat niet in de weg aan opschorting van overleg of het verstrekken van informatie hierover. Ook het beroep op artikel 7 Grondwet, artikel 19 IVBPR, artikel 10 en 11 EVRM slaagt niet, omdat [eiser] onvoldoende heeft gemotiveerd dat het handelen van de gemeente deze rechten van het actiecomité beperkt en waarom dat onrechtmatig zou zijn.