Utrechtse Taxi Centrale vordert succesvol verbod op Taxi Utrecht Centrale
08-07-2026 Print this page
UTC en [de taxichauffeur] exploiteren taxibedrijven in Utrecht. UTC vordert met een beroep op haar handelsnaam Utrechtse Taxi Centrale een verbod op de handelsnamen “Taxi Utrecht Centraal”, “Taxi Utrecht Centrale” en “TUC”. Het hof verwerpt de klacht over de procesgang bij de rechtbank en oordeelt dat de finale kwijting hierop niet ziet. De handelsnamen zijn misleidend en wekken, mede door de inburgering van de oudere handelsnamen van UTC, verwarringsgevaar. Voor “TUC” ontbreekt dat gevaar. Het vonnis wordt bekrachtigd, behalve voor het verbod op het gebruik van “TUC”.
HANDELSNAAMRECHT
UTC exploiteert na een fusie van twee oudere coöperaties sinds 1993 in de stad Utrecht en omstreken haar taxionderneming onder de handelsnamen “Utrechtse Taxi Centrale”, “Utrechtse Taxicentrale”, “UTC” en “U.T.C.”. [de taxichauffeur] doet dat sinds 2018 onder de naam Taxi Utrecht Centrale.
Grief over gang van zaken bij rechtbank
De rechtbank heeft haar beslissing over akte niet dienen uitgewerkt: [de taxichaffeur] heeft niet op de voorgeschreven manier (te weten door het instellen van een incidentele vordering) verzocht om verwijzing naar kanton. De vorderingen van UTC zijn toegewezen. Volgens [de taxichauffeur] had de griffie hem moeten berichten dat het verzoek tot verwijzing niet op de juiste manier was aangebracht, zodat hij het verzuim kon herstellen. Volgens hem is sprake van schending van hoor en wederhoor en excessief formalisme. Het hof oordeelt dat hij daarbij geen belang heeft, omdat zijn verweer in hoger beroep alsnog wordt beoordeeld en geen aanspraak bestaat op behandeling in twee feitelijke instanties.
Vanwege eerdere schikking heeft de finale kwijting geen betrekking op de handelsnamen “Taxi Utrecht Centraal”, “Taxi Utrecht Centrale” en “TUC”.
Misleidend karakter van handelsnamen
UTC stelt dat de handelsnamen “Taxi Utrecht Centrale” en “Taxi Utrecht Centraal” misleidend zijn, omdat zij de indruk wekken dat sprake is van een taxicentrale en een grotere organisatie dan feitelijk bestaat. De rechtbank heeft dit oordeel gevolgd. In hoger beroep heeft [de taxichauffeur] alleen het verwarringsgevaar betwist en niet het misleidende karakter. Daardoor staat vast dat deze handelsnamen misleidend zijn, zodat dit de toewijzing van de vorderingen zelfstandig draagt. De handelsnaam “TUC” is niet als misleidend aangemerkt.
Verwarringsgevaar
Tussen partijen is niet in geschil dat de handelsnamen van UTC ouder zijn en dat beide partijen dezelfde taxidiensten in Utrecht aanbieden. Hoewel de handelsnamen van UTC beschrijvend zijn, hebben zij door langdurig gebruik en inburgering onderscheidend vermogen verkregen. Het hof oordeelt dat de handelsnamen “Taxi Utrecht Centraal” en “Taxi Utrecht Centrale” door hun sterke gelijkenis met de handelsnamen van UTC verwarringsgevaar opleveren. Voor “TUC” geldt dit niet: de afwijkende volgorde van de letters voorkomt verwarringsgevaar, zodat het gebruik van die handelsnaam niet wordt verboden.
Het hof bekrachtigt het vonnis met uitzondering van de verbod op gebruik van de aanduiding "TUC".