HvJ EU: geen minimum aan creatieve activiteit voor model en invloed van modetrends op de algemene indruk
24-12-2025 Print this page
Geen minimum aan creatieve activiteit vereist voor bescherming gemeenschapsmodellen
De Gemeenschapsmodellenverordening nr. 6/2002 stelt geen andere, aanvullende voorwaarden dan nieuwheid en eigen karakter. Zodat de houder of ontwerper niet hoeft aan te tonen dat er sprake is van een minimum aan creatieve activiteit.
De verschijningsvorm is het doorslaggevende element voor de aan gemeenschapsmodellen geboden bescherming.
Die voorwaarden (nieuwheid en eigen karakter) houden slechts in dat het model waarvoor bescherming als gemeenschapsmodel is aangevraagd wordt vergeleken met het vormgevingserfgoed, aangezien de regeling voor gemeenschapsmodellen gebaseerd is op de algemene indruk die het voortbrengsel bij een geïnformeerde gebruiker wekt, en niet op de vraag of er sprake is van een minimum aan creatieve activiteit.
De bescherming van een model verschilt op dat punt van ‘’werken’’ in de Auteursrechtrichtlijn.
Dat het recht op een gemeenschapsmodel toekomt aan de ontwerper of zijn rechtverkrijgende brengt evenmin een extra voorwaarde mee.
Vooraf door leverancierscatalogi bepaalde uiterlijke kenmerken en ad hoc aanpassingen met de door leverancier aangeboden onderdelen staan op zichzelf niet in de weg aan erkenning van eigen karakter
Een gemeenschapsmodel kan bestaan uit verschillende oudere modellen wanneer het daaruit voortvloeiende model, afzonderlijk beschouwd, niet dezelfde algemene indruk wekt als die welke door die oudere modellen wordt gewekt. Dit wordt ook bevestigd door het feit dat het voor de bescherming die een gemeenschapsmodel niet is vereist dat de houder of ontwerper van het model ook aantoont dat dit model het resultaat is van een minimum aan creatieve activiteit.
Modetrends beperken de ontwerpvrijheid niet zodanig dat dit de drempel voor modelbescherming verlaagt
Kenmerken die aan modetrends zijn verbonden verschillen van kenmerken die zijn verbonden aan de technische functie of toepasselijke wettelijke voorschriften, omdat die laatste zowel onvermijdelijk als permanent of duurzaam zijn.
Zodat kleine verschillen tussen een of meer oudere modellen en het aan de orde zijnde model niet reeds voldoende kunnen zijn om een andere algemene indruk en dus een eigen karakter aan te nemen.
Kenmerken die voortvloeien uit modetrends zijn niet van minder belang voor de algemene indruk die het wekt bij de geïnformeerde gebruiker
Dat verschillen tussen modellen gebaseerd zijn op modetrends, maakt de geïnformeerde gebruiker in beginsel niet minder oplettend.
Dat onderdelen alomtegenwoordig zijn kan invloed hebben op esthetische perceptie of commercieel succes, maar is niet relevant bij de beoordeling van eigen karakter.
Het is aan de verwijzende rechter om te beoordelen of de verschillen voldoende groot zijn voor een andere algemene indruk, dan wel slechts onbeduidende details betreffen.
IEPT20251218, HvJEU, Deity Shoes v Mundorama
ECLI:EU:C:2025:983 en zaak C-323/24