Februari 2018

Print this page

IEPT20180228, HvJEU, mobile.de v EUIPO

Gerecht heeft terecht geoordeeld dat Kamer van Beroep rekening mocht houden met aanvullende bewijzen van normaal gebruik die buiten door Kamer gestelde termijnen zijn overlegd: aanvulling bewijzen die zelf binnen door het EUIPO overeenkomstig regel 40(6), van de uitvoeringsverordening gestelde termijn zijn verstrekt mogelijk nadat termijn is verstreken, artikel 40(6) Uitvoeringsverordening is geen “andersluidende bepaling” ex artikel 76(2) UMeV, die tot gevolg zou hebben dat Kamer van Beroep geen rekening mag houden met aanvullende bewijzen van gebruik van betrokken oudere merk. Nietigheidsafdeling kan geen nieuwe bewijzen voor normaal gebruik van oudere merk onderzoeken voor diensten waarvoor Kamer van Beroep definitief heeft geoordeeld dat dit bewijs niet was geleverd.

 

IEPT20180228, Rb Den Haag, Smienk v Otolift

Mededelingen die uitsluitend afbrekend zijn ten aanzien van producten of diensten van een concurrent zijn geen (oneerlijke) handelspraktijken (artikel 6:193c BW). In casu enkel sprake van afbrekende mededelingen ten aanzien van producten of diensten Smienk. Sprake van ongeoorloofde vergelijkende reclame (artikel 6:194c BW): audio-opnames van telefoongesprekken met medewerkers Otolift kunnen als bewijs dienen van mededelingen Otolift, zijn niet onrechtmatig verkregen, voldoende onderbouwd dat uitlatingen goede naam Smienk aantasten en/of kleinerend zijn over producten en diensten Smienk, niet onderbouwd door Otolift dat uitlatingen waar zijn.

 

IEPT20180228, Rb Den Haag, Easygroup v Carrefour

Rechtbank Den Haag onbevoegd ten aanzien van Carrefour Belgium in hoofdzaak over gestelde merkinbreuk: bevoegdheid ten aanzien van Carrefour S.A. leidt niet tot bevoegdheid ten aanzien van Carrefour Belgium, bevoegdheid kan ook niet worden ontleend aan artikel 4.6 lid 5 BVIE. Onbevoegdheid heeft echter niet tot gevolg dat de rechtbank ook ten aanzien van Carrefour S.A. onbevoegd is.

 

IEPT20180227, Hof Den Haag, Medac v Accord

Verschilmaatregel conclusie 1 EP 332 t.o.v. Jansen publicaties: verhoging concentratie MTX van 25mg/ml naar 50mg/ml, dat leidt tot technische effect van pijnvermindering en daardoor verbetering therapietrouw. EP 332 niet inventief: uit stand van techniek / algemene vakkennis vakman blijkt dat nadeel van pijnbeleving aan bekende subcutane MTX injecties was verbonden, vakman zou in Jørgensen aanwijzing vinden dat de bij subcutane injecties ervaren pijn samenhangt met het te injecteren volume en dat 0,5 ml voor de hand liggend (maximaal) ‘streefvolume’ is, omdat daarboven pijn significant toeneemt, algemene vakkennis dat volumevermindering kan worden bereikt door verhoging concentratie werkzame stof, streefvolume van 0,5 ml leidt tot bij gebruikelijke dosering van 25 mg/ml tot concentratie van 50 mg/ml. Onvoldoende onderbouwd dat vakman geen redelijke verwachting van succes zou hebben door zorgen over biobeschikbaarheid en/of toxiciteit van hogere concentratie MTX.

 

IEPT20180227, Rb Den Haag, Ono v Pfizer

Vzgr Rb Den Haag onbevoegd. Van zowel primaire (opheffing schorsing verleningsprocedure EP 517) als subsidiaire vordering (beëindiging in Duitsland aanhangige opeisingsprocedure) ligt schadeveroorzakend feit buiten Nederland. Schade die Ono c.s. in Nederland stelt te lijden door niet kunnen handhaven EP 517 ten aanzien waarvan NL rechter mogelijk bevoegd is staat in te ver verwijderd verband van specifieke vorderingen Ono c.s.: vorderingen zien enkel op acties die in buitenland moeten worden ondernomen, wens Ono c.s. om EP 517 na verlening in Nederland zo nodig te kunnen handhaven schept geen bijzonder nauwe band die bevoegdheid van de Nederlandse rechter om kennis te nemen van de ingestelde vorderingen rechtvaardigt.

 

IEPT20180221, Rb Den Haag, Celltrion v Biogen

Octrooi EP 313 voor behandeling chronic lymphocytic leukemia niet inventief: inventiviteit conclusie 1 en 3 volgens hulpverzoek beoordeeld aan de hand van publicatie McLaughlin, omdat in octrooi genoemd CLL als aan in McLaughlin genoemde  SLL gerelateerde ziekte kan worden gezien, McLaughlin vormt voor gemiddelde vakman voldoende incentive voor onderzoeken gebruik van rituximab voor behandeling van CLL patiënten in hogere doseringen dan wekelijks 375 mg/m2 (zoals in McLaughlin genoemd), gelet op Maloney ligt dosering van 500mg/m2 (zoals genoemd in het octrooi) voor de hand. Jensen publicatie vormt geen pointer away: Jensen zou vakman enkel alert hebben gemaakt op optreden TLS.

 

IEPT20180221, Rb Den Haag, HE Licenties v VG Colours

Hanson (waarvan HE Licenties onderdeel is) heeft na pleidooi gedeeltelijk afstand gedaan van NL 904 door hoofdconclusies 1 en 11 te beperken tot planten die behoren tot orchideeënfamilie. Beperkte versie NL 904 geldt als grondslag VRO-procedure: akte van afstand in octrooiregister ingeschreven, afstand van octrooi is van openbare orde en voor beslissing van belang, waardoor HE Licenties verplicht was ontwikkeling volledig en naar waarheid aan te voeren (artikel 21 Rv), onwenselijke situatie om uitspraak te doen op basis van achterhaalde versie octrooi. Voor zover VG Colours in verdediging wordt geschaad door beoordeling beperkte versie NL 904 wordt zij in gelegenheid gesteld verweer meer specifiek te richten op conclusies zoals beperkt. Geen inbreuk op werkwijzeconclusies 1-3, 5, 6 en 10:  bij werkwijze VG Colours wordt kleurstof ingebracht in conisch gat, dat na inbrengen kleurstof met wax wordt afgesloten, conische gat voldoet niet aan kenmerk 1.4 van NL 904. Orchideeën VG Colours voldoen aan alle deelkenmerken conclusie 11. NL 904 nieuw ten opzichte van door VG Colours aangedragen publicaties. VG Colours mag nadere argumenten inzake nietigheid conclusie 1 NL 904 zoals beperkt aanvoeren. Geen onrechtmatig wapperen: bevat geen onjuistheden, betreft geen sommaties en geen duidelijke kansloze aanspraak op octrooi. EP 278 nieuw ten opzichte van Arborjet-publicatie: openbaart niet de kenmerken van een final hole volgens het octrooi. EP 278 inventief ten opzichte van NL 581: bevat geen enkele aanwijzing voor hoe verbeterde en/of verhoogde opname van substantie in plant kan worden verkregen.

 

IEPT20180221, Rb Den Haag, L’Oréal v NRS

Inzage afgewezen: inbreuk op IE-recht dient voldoende aannemelijk te zijn, hiervan is bij gestelde levering van gedecodeerde parfumproducten aan [A] geen sprake wegens ernstige twijfel aan authenticiteit factuur, ook levering gedecodeerde producten aan ANS onvoldoende aannemelijk, ongeautoriseerde parallelimport onvoldoende onderbouwd. Inbreukvorderingen gelet op het bovenstaande eveneens afgewezen: onvoldoende onderbouwd.

 

IEPT20180221, Rb Midden-Nederland, Foto Nelson Mandela

Geen licentie over foto Nelson Mandela aan gedaagde geleverd: geen wilsovereenstemming tussen partijen over bewerkstelligen licentie op foto.

 

IEPT20180221, Rb Amsterdam, Royal Pro v Joba

Geen sprake van onrechtmatig handelen Joba door sluiten exclusieve distributieovereenkomst met Elit Bilardo: geen uitlokking- of profiteren van wanprestatie jegens Royal Pro nu bestaan duurovereenkomst tussen Royal Pro en Elit Bilardo niet is vast komen te staan. Geen inbreuk op Beneluxwoordmerk “Royal Pro” door gebruik woordmerk “Buffalo Royal Plus”: weliswaar geniet “Royal Pro” bekendheid voor synthetische biljartlakens en worden merken voor exact hetzelfde biljartlaken gebruikt, maar “Buffalo” is dominerend element en “Royal” en “Pro” kunnen ook kwaliteitsaanduidingen zijn waardoor onderscheidingskracht “Royal Pro” minder sterk is.

 

IEPT20180221, Rb Limburg, Fysio Roermond v Fysiotherapie Roermond

Fysio Roermond geen beschermde handelsnaam: zuiver beschrijvend. Gebruik aanduiding Fysiotherapie Roermond niet onrechtmatig jegens Fysio Roermond: volgens HR Artiestenverloningen (IEPT20151211) is gebruik beschrijvende aanduidingen ook bij verwarringsgevaar slechts onrechtmatig indien bijkomende omstandigheden dit meebrengen, mogelijke verwisseling patiëntgegevens is geen bijkomende omstandigheid. Gebruik domeinnaam fysio-roermond.nl en e-mailadres info[@]fysio-roermond.nl om deze reden eveneens niet onrechtmatig.

 

IEPT20180221, Rb Amsterdam, Componist Pretparkmuziek v Buma

Buma is niet toerekenbaar tekortgeschoten in nakoming exploitatieovereenkomst met componist pretparkmuziek: Algemeen Tarief Muziekgebruik niet van toepassing, onvoldoende onderbouwd dat oppervlakte looppaden verkeerd is berekend, omstandigheid dat Buma enige tijd op basis van foutieve informatie minder heeft geïncasseerd levert geen toerekenbaar tekortschieten in nakoming op, wijze van repartitie ook niet.

 

IEPT20180221, Rb Rotterdam, NVZ v Videma

Rechtbank neemt conclusies uit deskundigenbericht geschillencommissie Auteursrechten - die oordeelde dat het door Videma vastgestelde tarief voor ziekenhuizen voor 2013 en 2014 onbillijk is in de zin van artikel 22 Wet toezicht cbo’s - over: rechter heeft beperkte beoordelingsvrijheid door wettelijk verplichte karakter van het deskundigenbericht, conclusies komen overtuigend voor. Opleggen onbillijke vergoeding onrechtmatig jegens ziekenhuizen: Videma dient zorgvuldig met economische machtspositie om te gaan. Excessieve stijging all-in tarief levert misbruik van economische machtspositie op: objectieve reden voor stijging ontbreekt. Verklaring voor recht dat NVZ-leden aanspraak hebben op een schadevergoeding op te maken bij staat toegewezen. Verklaring voor recht dat NWZ-leden gelet op HvJEU AKM v Zurs (IEPT20170316) geen toestemming nodig hebben voor kabeldoorgifte tv-beelden afgewezen: arrest ging om uitzonderlijke situatie en staat alleen in rij uitspraken waarin is geoordeeld dat gelijktijdige, volledige en onveranderde doorgifte een vorm van openbaar maken/mededelen aan het publiek is.

 

IEPT20180220, Hof Arhem-Leeuwarden, Ylvas v Transvision

Formulering dictum eerste aanleg inzake het verbeuren dwangsommen wegens het delen van  bedrijfsgevoelige informatie met derden “en per dag dat deze overtreding voortduurt” niet gehandhaafd: indien dictum wordt overtreden door bedrijfsgevoelige informatie met derden te delen zou het verbeuren van dwangsommen doorlopen, omdat zo’n overtreding niet ongedaan te maken is. Vzgr heeft in dictum ten onrechte niet tekst van geheimhoudingsbeding gevolgd. Geen verplichting Ylvas c.s. om bewijsstukken te moeten aanhouden over bedrijfsvertrouwelijke informatie die zij in hun bezit hadden en informatie die zij hebben vernietigd: geheimhouder in beginsel vrij te bepalen op welke manier hij zijn geheimhoudingsverplichting uitvoert en er rust op hem niet een verantwoordingsplicht als door de voorzieningenrechter aangenomen. Hof deelt niet oordeel vzgr dat het ongeloofwaardig is dat opdrachtnemer niets verborgen houdt en door handelswijze verdenking van schending geheimhoudingsverplichtingen op zich afroept: door harde opstelling Transvision in sommatie met een termijn van 24 uur voor vernietiging is in de hand gewerkt dat opdrachtnemer geen andere mogelijkheid zag om zelf papieren informatie te versnipperen en digitale informatie te verwijderen zonder proces-verbaal deurwaarder. Geheimhoudingsbedingen gelet op voorgaande niet geschonden. Maximale dwangsom van € 2.000.000 voor resterende veroordelingen verlaagd naar € 1.000.000: hoewel [de opdrachtnemer] grote schade kan toebrengen is hij natuurlijk persoon, zodat prikkel tot dwangsom in verhouding moet staan met wat hij kan dragen.

 

IEPT20180220, Hof Den Haag, Arpe v Happy Cocooning

Genoemde kenmerken Gemeenschapsmodel voor tafelgashaard (Model 2) niet uitsluitend technisch bepaald. Beschermingsomvang Model 2 redelijk groot: afstand met vormgevingserfgoed niet gering. Tafelgashaard Thyone maakt geen inbreuk op Model 2: de overeenkomsten - een vierkanten bak, en uitsparingen - betreffen minder opvallende dan wel gebruikelijke elementen terwijl de verschillen - één geheel of niet, rommelige versus strakke vormgeving, houten versus steenachtige look, verkleuringen versus monochrome kleurstelling, bedieningspaneel verzonken of niet, en donkere versus lichtere kleurstelling - in het oog springen. Ook geen auteursrechtinbreuk: genoemde modelrechtelijke kenmerken zijn hooguit gedeeltelijk auteursrechtelijke trekken, door houten in plaats van steenachtige matte look stemmen totaalindrukken niet overeen. Geen sprake van slaafse nabootsing: eigen plaats op de markt onvoldoende onderbouwd, bovendien geen gevaar voor nodeloze verwarring.

 

IEPT20180219, Rb Amsterdam, Surinamers in de polder

Dat eiseres ‘negerin’ werd genoemd in brief van gedaagde welke werd voorgelezen op discussie bijeenkomst en op de radio, is niet onrechtmatig: brief werd voorgelezen tijdens discussiebijeenkomst over het woord ‘neger' en eiseres profileert zich als prominent vertegenwoordigster van vereniging die deze discussie op de kaart heeft gezet.

 

IEPT20180215, Rb Amsterdam, Masterfile v Overstappen.nl

Schadevergoeding van € 290 voor gebruik stockfoto zonder toestemming Masterfile: uitlokking onvoldoende onderbouwd, schade begroot op bedrag dat Masterfile in rekening had mogen brengen indien toestemming was gevraagd, geen grond voor hogere vergoeding. Proceskosten gecompenseerd.

 

IEPT20180215, Rb Amsterdam, Google

Artikel 16 Wbp (verbod op verwerking strafrechtelijke persoonsgegevens) geldt niet voor  tonen van publicaties met strafrechtelijke persoonsgegevens in resultaten zoekmachine: Google kan weliswaar geen beroep doen op journalistieke exceptie, essentiële functie zoekmachine zou met categorisch verbod echter onaanvaardbaar worden beperkt . Of NRC-artikel over verzoeker ex artikel 36 en 40 Wbp uit zoekresultaten dient te worden verwijderd is afhankelijk van belangenafweging: recht op eerbiediging privéleven en op bescherming van persoonsgegevens weegt in beginsel zwaarder dan economisch belang exploitant zoekmachine en belang gebruikers bij toegang tot informatie. Verzoeker heeft er belang bij dat artikel niet blijft opduiken: artikel bevat bijzondere persoonsgegevens, beschikbaar maken leidt tot ingrijpende negatieve consequenties voor zakelijk en privéleven verzoeker, artikel bevat geen actuele informatie. Geen voldoende bijzonder en zwaarwegend publiek belang dat het belang van verzoeker overstijgt: artikel betreft relatief licht vergrijp,  eiser is geen public figure.

 

IEPT20180214, Rb Den Haag, Tinnus

Procedure over waterballonvuller in zijn geheel geschorst gelet op nietigheidsprocedure Gemeenschapsmodellen bij EUIPO: artikel 91 GMoV strekt eerst en vooral tot voorkoming onverenigbare uitspraken, gevaar hierop bestaat ook in het kader van de reconventionele vordering tot verklaring voor recht van niet-inbreuk, voorlopig oordeel voorzieningenrechter onvoldoende om buiten EUIPO om te kunnen concluderen dat de modelrechten evident nietig zijn, over onrechtmatig handelen kan niet worden beoordeeld zonder oordeel te geven over geldigheid modelregistraties, ook in kader van auteursrecht moet worden beslist over technische bepaaldheid.

 

IEPT20180214, Rb Amsterdam, TMG

Artikelen in Telegraaf en Metro waarin eiser wordt beschuldigd boodschappenjongen te zijn van de onderwereld onrechtmatig: onvoldoende wederhoor, beschuldigingen zijn onjuist en misleidend en beschuldigingen vinden onvoldoende steun in het feitenmateriaal. Verwijdering artikelen uit de online archieven afgewezen: de samenleving moet kunnen vertrouwen op een volledige en integere online archivering.

 

IEPT20180214, Rb Den Haag, Cerme

Bewijsopdracht Cerme dat [A] auteursrechten op programma Mega-Kassa in 2005 volledig heeft ingebracht in de VOF. Indien Cerme niet slaagt in bewijsopdracht zijn auteursrechten niet ingebracht en konden deze niet in 2010 vanuit VOF worden overgedragen aan Cerme: in dat geval geen onrechtmatige daad [A], nu hij auteursrechthebbende is gebleven. Als Cerme wel slaagt in bewijsopdracht geldt dat auteursrechten aan de vennoten gezamenlijk toebehoorden: [A] in dat geval niet bevoegd voor verkoop auteursrechten aan Ekip en sprake is van onrechtmatige daad. Overeenkomst waarmee rechten door vennoten aan Cerme zijn overgedragen niet vernietigbaar op grond van dwaling of bedrog. Overeenkomst niet door [A] overtreden: onvoldoende aannemelijk dat [A] in relevante mate betrokken is geweest bij introductie en verdere verkoop BLC Kassa.

 

IEPT20180213, Hof Den Haag, HBM v Fluwel

Vonnis voorzieningenrechter bekrachtigd voor wat betreft het ontbreken van het (spoed)eisend belang HBM bij haar vorderingen jegens Fluwel met betrekking tot tulpenras Royal Virgin: onvoldoende belang bij verbod, Fluwel heeft onthoudingsverklaring inclusief boeteclausule afgelegd. Grief HBM met betrekking tot proceskosten slaagt wel: HBM in eerste aanleg niet in ongelijk gestelde partij aangezien Fluwel pas ná aanhangig maken zaak heeft toegestemd met de vorderingen, maar door HBM gevorderd bedrag verminderd naar redelijkheid en evenredigheid, artikel 1019h Rv.

 

IEPT20180213, Hof Den Bosch, Vertaler zonder Auteursrecht

Incidentele vordering tot uitvoerbaarverklaring bij voorraad van vonnis (IEPT20170301) ten aanzien van de proceskostenveroordeling toegewezen: geïntimeerde c.s. heeft er belang bij dat zij niet het hoger beroep hoeft af te wachten alvorens over het (aanzienlijke) bedrag van de proceskostenveroordeling te kunnen beschikken.

 

IEPT20180212, Rb Den Haag, Bakermat v Koodbloe

Koodbloe heeft geen dwangsommen verbeurd: de verplichting inzage te geven kan niet los worden gezien van de verplichting om afschriften te verschaffen. Bakermat heeft het vonnis van  26 april 2017 verkeerd geïnterpreteerd. 

 

IEPT20180207, Rb Den Haag, Silife v Roka

Exclusieve licentieovereenkomst van 6 april 2013 tussen Liquistone en Roka geldig: gestelde feiten kunnen niet leiden tot nietigheid naar Nederlands recht, dat krachtens artikel 10 Rome-I Vo van toepassing is. Liquistone heeft de licentieovereenkomst niet buitengerechtelijk vernietigd: geen naar Nederlands recht geldende vernietigingsgronden van toepassing. Ook als eerdere exclusieve licentieovereenkomst tussen Liquistone en Silife nog steeds geldt, maakt dit exclusieve licentieovereenkomst tussen Liquistone en Roka niet ongeldig: enkele gegeven dat er nu mogelijk twee exclusieve licentieovereenkomsten naast elkaar bestaan doet niet af aan geldigheid licentieovereenkomst van 6 april 2013, dat met sluiten licentieovereenkomst van 6 april 2013 inbreuk wordt gemaakt op eerdere licentieovereenkomst is aan Liquistone zelf te wijten.

 

IEPT20180207, Rb Den Haag, Roompot v Consumentenbond

Voorgenomen publicatie Consumentenbond over hygiëne in vakantieparken naar voorlopig oordeel niet onrechtmatig jegens Roompot: Consumentenbond niet verplicht alle vragen van Roompot te beantwoorden of proefdruk ter beschikking te stellen alvorens tot publicatie over te gaan, inhoud publicatie staat nog niet vast zodat deze niet inhoudelijk kan worden beoordeeld. 

 

IEPT20180207, Rb Midden-Nederland, Hello Goodbye

Door eiser gevorderde excuses naar aanleiding van door zijn ex-vrouw gedane uitlatingen in het programma Hello Goodbye afgewezen: excuus kan niet in rechte worden afgedwongen. Vordering ook als deze wordt gelezen als strekkende tot rectificatie afgewezen: KRO-NCRV draagt in beginsel geen verantwoording voor het relaas van deze vrouw, geen sprake van vereenzelviging met de inhoud, geen verplichting tot hoor en wederhoor gelet op de aard van het programma, uitlatingen voor  gewone kijker niet herleidbaar tot eiser.

 

IEPT20180207, Rb Rotterdam, Flippin Burgers v Web & Vloed

Inbreukverbod op Flippin’ Burgers-beeldmerk: belang blijkt uit door gedaagde verstuurde e-mail, sprake van dreigende inbreuk. Inbreukverbod op handelsnaam Flippin’ Burgers: belang bij instellen vordering nu voorlopige voorziening uit (IEPT20161220) anders ex art. 1919i lid 1 Rv haar kracht zou verliezen, sprake van dreigende inbreuk. Geen inbreukverbod op logo: niet vast komen te staan dat auteursrecht op logo aan eiser is overgedragen.

 

IEPT20180206, Rb Den Haag, B&B

Auteursrechtinbreuk op stoffen met door oud-Hollandse meesters geïnspireerde bloemmotieven: voldaan aan werktoets gelet op vereiste creatieve arbeid in selectie, kleurstelling, vormgeving en positionering van de bloemen, stoffen gedaagden vertonen slechts minimale verschillen die niet van invloed zijn op de totaalindruk.

 

IEPT20180206, Hof Amsterdam, Anne Frank

Tentoonstellen van de brieven een openbaarmaking in de zin van de Aw: brieven aan een breed publiek tegelijkertijd tentoongesteld. Tentoonstellingsexceptie van artikel 23 AW strekt zich niet uit tot brieven: kennisnemen van een ter lezing aangeboden tekst verschilt te veel van de aanschouwing van de in artikel 23 AW genoemde vormen van kunst. Beroep citaatrecht onvoldoende onderbouwd: enkele stelling dat de omvang van de drie brieven beperkt is, is onvoldoende. Beroep op uitputting eveneens onvoldoende onderbouwd: enkele feit dat de brieven bij verzending of bij veiling in het verkeer zijn gebracht levert geen uitputting auteursrecht op. Stichting onvoldoende onderbouwd dat haar belang bij uitoefening van vrijheid van informatie zwaarder weegt dan het belang van Fonds bij handhaving auteursrechten: voor tentoonstellen toestemming Fonds nodig. Het door Fonds gevorderde algemeen inbreukverbod is te breed en te onbepaald geformuleerd, maar een minder verstrekkend verbod, dat Stichting wordt verboden de drie brieven opnieuw op soortgelijke wijze tentoon te stellen, wel toewijsbaar.

 

IEPT20180205, Rb Den Haag, Regio15

Auteursrechtinbreuk door gebruik beelden uit video eiser op website gedaagde: geen sprake van toestemming, beroep op citaatrecht reeds wegens gebrek aan bronvermelding verworpen. Tevens inbreuk op persoonlijkheidsrechten eiser: naamsvermelding ontbreekt, video is bewerkt door conversie naar gif-bestand en verwijderen watermerk. Schadevergoeding begroot op € 1.875,50: schade wegens auteursrechtinbreuk aan de hand van gebruikelijke licentievergoeding begroot op € 1.225, schade als gevolg van inbreuk persoonlijkheidsrechten ex aequo et bono begroot op € 612,50.

 

IEPT20180202, HR, Unilever v Ablynx

Geen verrassingsbeslissing hof door grens licentie te leggen bij producten ten aanzien van specifieke pathogenen: in eerder standpunt Ablynx lag al besloten dat het haar bij medische toepassingen ging om toepassingen met betrekking tot specifieke pathogenen. Hof hoefde gelet op partijdebat stellingen Unilever dat de Hamers-octrooien slechts drie toepassingen openbaren die geen therapeutische werking betreffen en die geen van drieën geschikt zijn voor gebruik in verpakte voedingsproducten niet uitdrukkelijk in motivering te betrekken: oordeel over licentie voldoende begrijpelijk door dit te baseren op de totstandkomingsgeschiedenis van de licentie en de daaraan destijds te ontlenen verwachtingen van partijen.

 

IEPT20180202, HR, Goglio v SMQ

Onrechtmatig handelen door [gedaagde 1] door o.a. zonder toestemming een door VRTU opgebouwde database met medewerkers en kandidaten te kopiëren en mee te nemen, medewerkers en kandidaten te benaderen en de database in handen van derden te laten komen. Onrechtmatig handelen [gedaagde  1] kan als onrechtmatig handelen [gedaagden sub 2 tot en met 5] worden aangemerkt: nauwe verwevenheid vennootschappen, die als uitzendbureau opereerden en waarvoor [gedaagde 1] database heeft gekopieerd en meegenomen. Onrechtmatige daad [gedaagde 1] toerekenbaar aan AJW Group B.V. en AJW Technisch Uitzendbureau B.V.: werden ten tijde van onrechtmatig handelen [gedaagde 1] onder meer door [gedaagde 1] bestuurd, onaannemelijk dat andere bestuurders niet wisten van handelen [gedaagde 1]. [gedaagde 1] aansprakelijk voor schade VRTU. Zaak verwezen naar schadestaatprocedure: geleden schade VRTU door openbaar maken bedrijfsgeheime informatie en omzetderving.