Juni 2025

Print this page

IEPT20250603, Hof Amsterdam, VAAAM v EEN Media c.s.
Vaaam heeft onvoldoende onderbouwd dat zij bevoegd is vorderingen tot handhaving namens auteursrechthebbenden in te stellen. Een vordering tot staking van auteursrechtinbreuk is een vordering tot handhaving van auteursrechten waarop artikel 4 Handhavingsrichtlijn van toepassing is. Vaaam kan zich niet beroepen op volmachten die voorzien in het instellen van een gerechtelijke procedure in the name of the client, nu zij de procedure op eigen naam aanhangig heeft gemaakt. Door Vaaam is dus onvoldoende gesteld dat zij de onderhavige vordering tot handhaving heeft ingesteld namens de auteursrechthebbenden zodat zij in deze vordering niet-ontvankelijk is.
 

IEPT20250603, Hof Arnhem-Leeuwarden, Liptis v NewBreath
Conservatoir beslag tot afgifte was niet onnodig en had niet onder de voorwaarde van heretikettering mogen worden opgeheven. Bij de beoordeling of een conservatoir beslag tot afgifte wegens onnodigheid moet worden opgeheven, moeten ook de ernst van de gestelde inbreuk en de belangen van derden worden betrokken. De voorzieningenrechter heeft onvoldoende rekening gehouden met de ernst van de gestelde inbreuk. Het zonder toestemming aanbrengen van de LIPTO-merken op de blikken en het in voorraad houden daarvan zijn in Nederland inbreukmakende handelingen, ook als de producten uitsluitend voor export naar Libië bestemd zijn. Bovendien kan heretikettering op grond van artikel 46 TRIPs slechts in uitzonderlijke gevallen een proportionele maatregel zijn om beslag op te heffen en inbreukmakende goederen alsnog in het verkeer te brengen. De beperkte houdbaarheid van de babymelkpoeder kan een dergelijk uitzonderlijk geval opleveren, maar NewBreath heeft onvoldoende aannemelijk gemaakt dat heretikettering de enige mogelijkheid was om verspilling tegen te gaan. Ook overheveling naar andere verpakkingen of verwerking tot diervoeding behoorden tot de mogelijkheden. Bij de belangenafweging weegt mee dat NewBreath zelf heeft bijgedragen aan het verstrijken van de houdbaarheidsdatum door pas negen maanden na het beslag met Liptis c.s. in overleg te treden. 

 

IEPT20250306, HvJEU, Nationaal Orkest van België
De exploitatierechten van uitvoerend kunstenaars van de Auteursrechtrichtlijn 2001/29 en de Verhuurrichtlijn 2006/115 verzetten zich tegen een nationale regeling waarbij de naburige rechten van onder een administratiefrechtelijk statuut aangeworven uitvoerende kunstenaars voor de prestaties die zij in het kader van hun opdracht in dienst van die werkgever verrichten, zonder hun voorafgaande toestemming bij regelgeving worden overgedragen om door die werkgever te worden geëxploiteerd. Vaste rechtspraak dat een nieuwe rechtsregel in beginsel van toepassing is vanaf de inwerkingtreding. Hoewel hij niet van toepassing is op rechtssituaties die zijn ontstaan en definitief zijn verworven onder het oude recht, is hij wel van toepassing op de toekomstige gevolgen van een onder de oude regel ontstane situatie, alsmede op nieuwe rechtssituaties. Dit ligt slechts anders, onder voorbehoud van het beginsel dat rechtshandelingen geen terugwerkende kracht hebben, wanneer de nieuwe regel gepaard gaat met bijzondere bepalingen die specifiek de voorwaarden voor de toepassing ervan in de tijd vastleggen. Begrip ‘uitvoerende kunstenaar’ in verschillende richtlijnen moet uniform worden uitgelegd, nu nergens uit blijkt dat de Uniewetgever aan dit begrip een verschillende betekenis heeft willen geven, zodat het ook uitvoerende kunstenaars omvat die onder een publiekrechtelijke aanstelling zijn aangeworven.