Schadevergoeding meespelende acteurs Bassie & Adriaan teruggebracht naar € 15000
02-12-2021 Print this page
Schade te betalen door Adrina aan de meespelende acteurs teruggebracht naar € 15000, volgend op arrest hof Den Haag van 21 mei 2013 (IEPT20130521). De schadestaatprocedure kan na ontbinding van Bassie Produkties worden voortgezet. Dat de schadestaatprocedure wordt ingeleid door een nieuwe dagvaarding doet daar niet aan af. Geen sprake van verjaring. Geen sprake van rechtsverwerking. [eiser 1] c.s. hebben niet gemotiveerd betwist dat de bijrollen in vergelijking met de twee hoofdrollen een ondergeschikte plaats innamen, waardoor matiging vergoeding op zijn plaats is.
NABURIGE RECHTEN – SCHADEVERGOEDING – PROCESRECHT
Adrina en Bassie Produkties bestaande uit Bassie en Adriaan, hierna genoemd Adrina c.s., hebben in 1991 en 1992 de exploitatierechten van de series van Joop van den Ende met Bassie en Adriaan in de hoofdrol gekocht. Het Gerechtshof Den Haag heeft in haar arrest van 21 mei 2013 geoordeeld dat bij die koop tevens de uit de overeenkomst voortvloeiende betalingsverplichtingen jegens de in de series meespelende acteurs, samen vertegenwoordigd in [eiser 1], zijn meegekomen.
In conventie vorderen [eiser 1] c.s. nu om bij vonnis Adrina c.s. hoofdelijk te veroordelen tot betaling van € 179.273,75 aan vervangende schadevergoeding, zoals begroot door NORMA op 26 oktober 2015.
In reconventie vordert Adrina c.s. om de bij vonnis gelegde beslagen op de merkenrechten op de woordmerken ‘CLOWN BASSIE’ en ‘BASSIE & ADRIAAN’ op te heffen.
Bassie Produkties is met ingang van 19 juni 2018 ontbonden. De rechtbank oordeelt dat [eiser 1] c.s. wel ontvankelijk is. Immers volgt uit vaste jurisprudentie dat de schadestaatprocedure voortgezet kan worden na de ontbinding van een rechtspersoon.
Wel is de rechtbank met Adrina c.s. van oordeel dat de benadering van de schade door [eiser 1] c.s. tot een scheef en onjuist beeld leidt. [eiser 1] c.s. heeft immers niet gemotiveerd betwist dat de bijrollen een ondergeschikte plaats innemen.
De rechtbank veroordeelt Adrina c.s. om aan [eiser 1] c.s. een bedrag van € 15.000,00 te betalen.