Oneerlijke handelspraktijken

Print this page

Hof van Justitie EU

2016

IEPT20161013, HvJEU, Servoprax v Roche Diagnostics
Parallelimporteur van een zelfdiagnose hulpmiddel is niet verplicht een nieuwe beoordeling uit te voeren in de lidstaat van invoer om de conformiteit van de etikettering en de vertaling van de gebruiksaanwijzing te bevestigen, als het betreffende middel al onderworpen is geweest aan een conformiteitsbeoordeling door een aangemelde instantie en voorzien van een CE-markering.

IEPT20160907, HvJEU, Deroo-Blanquart v Sony
Verkoop computer met voorgeïnstalleerde software zonder mogelijkheid deze zonder software te kopen als zodanig geen oneerlijke handelspraktijk, tenzij dergelijke praktijk in strijd zou zijn met vereisten van professionele toewijding en economisch gedrag gemiddelde consument m.b.t. dat product wezenlijk verstoort of kan verstoren, hetgeen nationale rechter moet beoordelen. Ontbreken van prijsaanduiding voor voorgeïnstalleerde software bij gezamenlijk aanbod (computer + software) is geen misleidende handelspraktijk.

 

IEPT20160630, HvJEU, Lidl v Freistaat Sachsen

De etiketteringsplicht van artikel 5 lid 4 onder b) van verordening 543/2008 (uitvoeringsbepalingen van Vo nr. 1234/2007 van de Raad wat betreft de handelsnormen voor vlees van pluimvee) is verenigbaar met de vrijheid van ondernemerschap artikel 6 lid 1 VEU jo artikel 15 lid 1 en artikel 16 van het Handvest. De etiketteringsplicht van hetzelfde artikel betreffende de handelsnormen voor vlees van pluimvee is niet in strijd met het non-discriminatiebeginsel van artikel 40 lid 2 VWEU.

 

2015

IEPT20150416, HvJEU, Nemzeti v UPC

Eenmalige verstrekking onjuiste informatie door handelaar aan slechts één consument is “misleidende handelspraktijk”. Als sprake is van oneerlijke handelspraktijk hoeft niet te worden nagegaan of praktijk in strijd is met vereisten van professionele toewijding.

 

2013

IEPT20131219, HvJEU, Trento Sviluppo v AGCM

Handelspraktijk is misleidend als praktijk onjuiste informatie betreft die gemiddelde consument kan bedriegen en van dien aard is dat zij de consument ertoe kan brengen een besluit te nemen over de transactie die hij anders niet had genomen. Begrip “besluit over transactie”  omvat alle besluiten die rechtstreeks verband houden met het besluit om het product al dan niet te kopen.

 

IEPT20131017, HvJEU, RLvS v Stuttgarter Wochenblatt
Richtlijn oneerlijke handelspraktijken verzet zich niet tegen nationaal recht dat inhoudt dat uitgever bij iedere betaalde publicatie het woord „advertentie” („Anzeige”) moet vermelden, tenzij deze publicatie door vorm en indeling algemeen herkenbaar is als reclame. Een dergelijke uitgeverspraktijk is geen handelspraktijk omdat het geen wezenlijke verstoring vormt van economisch gedrag van consumenten om de krant te verwerven of mee te nemen. In die omstandigheden beoogt de richtlijn niet een concurrent van de betrokken krantenuitgever te beschermen.

 

IEPT20131003, HvJEU, BKK v Wettbewerbszentrale
Publiekrechtelijke instelling, belast met een taak van algemeen belang, zoals beheer van een verplichte ziekteverzekering, is een “handelaar” in de van richtlijn oneerlijke handelspraktijken: doel van de richtlijn is een hoog niveau van consumentenbescherming. Autonome eenvormige uitleg unierechtelijke bepalingen: Bewoordingen van een Unierechtelijke bepaling die niet uitdrukkelijk naar recht van de lidstaten verwijst, dient in de gehele Europese Unie autonoom en op eenvormige wijze moeten worden uitgelegd, waarbij rekening moet worden gehouden met de context van de bepaling en met het doel van de betrokken regeling.

 

IEPT20130919, HvJEU, CHS v Team4 Travel
Als sprake is van oneerlijke handelspraktijk hoeft niet te worden nagegaan of praktijk in strijd is met vereisten van professionele toewijding.

 

2012

IEPT20121018, HvJEU, Purely Creative

Oneerlijke handelspraktijk indien indruk wordt gewekt dat consument al prijs heeft gewonnen, terwijl consument eerst (minimale) kosten moet maken om in aanmerking te komen voor de prijs;ook indien de prijs op verschillende wijzen kan worden opgeëist, waarvan minstens één gratis, maar aan de andere wijzen wel kosten zijn verbonden; het is aan de nationale rechterlijke instanties om te beoordelen of de aan consument verstrekte informatie duidelijk en begrijpelijk is.

 

IEPT20120312, HvJEU, Perenicova v SOS financ

Beoordeling voorbestaan overeenkomst kan ex artikel 6(1) Richtlijn 93/13/EEG inzake oneerlijke bedingen in consumentenovereenkomsten niet uitsluitend worden gebaseerd op gunstige gevolgen nietigverklaring voor een van de partijen: richtlijn verbiedt lidstaten niet om wel in deze optie te voorzien. Kredietovereenkomst die te laag rentepercentage opgeeft is misleidend indien deze gemiddelde consument ertoe brengt of kan brengen een besluit over een transactie te nemen dat hij anders niet had genomen.

 

2011

IEPT20110630, HvJEU, Wamo v JBC

Algemene verbod op aankondiging prijsverminderingen tijdens sperperiode niet toegestaan: dat de richtlijn oneerlijke handelspraktijken aldus moet worden uitgelegd dat zij zich verzet tegen een nationale bepaling als die welke in het hoofdgeding aan de orde is, die op algemene wijze aankondigingen van prijsverminderingen en suggesties daarvan tijdens de sperperiode verbiedt, voor zover deze bepaling de bescherming van de consumenten beoogt. Het staat aan de verwijzende rechter om te beoordelen of zulks het geval is in het hoofdgeding. Werking richtlijn oneerlijke handelspraktijken beperkt tot consumentenbescherming.

 

IEPT20110512, HvJEU, Konsumentombudsman v Ving
Alleen vermelding vanafprijs geen misleidende omissie: dat de vermelding van alleen een vanafprijs in een uitnodiging tot aankoop op zichzelf niet als een misleidende omissie kan worden beschouwd. Verwijzing naar website voor productkenmerken mogelijk.

 

2010

IEPT20101109, HvJEU, Mediaprint v Osterreich
Geschenk bij verkoop krant niet per se een oneerlijke handelspraktijk. Algemeen verbod op verkopen met geschenken in strijd met richtlijn.  strijd met professionele toewijding vereist. dat de richtlijn aldus moet worden uitgelegd dat zij in de weg staat aan een nationale bepaling, zoals die welke in het hoofdgeding aan de orde is, die voorziet in een algemeen verbod op verkopen waarbij geschenken worden aangeboden, en niet enkel gericht is op de bescherming van de consument, maar ook andere doeleinden nastreeft.

 

IEPT20100415, HvJEU, Heine v Verbraucherzentrale

Ook verzendkosten terugvorderbaar bij uitoefening herroepingsrecht: Artikel 6, lid 1, eerste alinea, tweede volzin, en lid 2, van richtlijn 97/7/EG van het Europees Parlement en de Raad van 20 mei 1997 betreffende de bescherming van de consument bij op afstand gesloten overeenkomsten, moet aldus worden uitgelegd dat het in de weg staat aan een nationale regeling volgens welke de leverancier, in een op afstand gesloten overeenkomst, de kosten van verzending van de goederen mag aanrekenen aan de consument wanneer deze laatste zijn herroepingsrecht uitoefent. Wel toegestaan om de rechtstreekse kosten voor het terugzenden van de goederen aan te rekenen aan de consument in geval van herroeping door deze laatste.  

 

IEPT20100114, HvJEU, Wettbewerbzentrale v Plus

Toepasselijkheid Richtlijn Oneerlijke Handelspraktijken: Richtlijn van toepassing op elke handelspraktijk die rechtstreeks verband houdt met de verkoopbevordering, de verkoop of de levering van een product aan consumenten. [...] enkel nationale wetten betreffende oneerlijke handelspraktijken die „alleen” de economische belangen van concurrenten schaden of betrekking hebben op transacties tussen handelaren, zijn van de werkingssfeer van deze richtlijn uitgesloten. Algemeen verbod op aankoopverplichting bij deelname aan kansspel in strijd met Richtlijn.

 

2009

IEPT20090903, HvJEG, Messner v Stefan Krüger
CONSUMENTENRECHT – Koop op afstand: Geen compenserende vergoeding voor gebruik bij herroeping mogelijk, behalve indien gebruik in strijd is met goede trouw of in geval van ongerechtvaardigde verrijking

 

IEPT20090423, HvJEG, VTB-VAB v Total Belgium en Galatea v Sanoma

Algemeen en preventief verbod op joint promotions niet toegestaan: de richtlijn verzet tegen een nationale regeling zoals die aan de orde in de hoofdgedingen, die, behoudens bepaalde uitzonderingen, elk gezamenlijk aanbod van een verkoper aan een consument verbiedt, ongeacht de specifieke omstandigheden van het concrete geval. Volledige harmonisatie door richtlijn

 

1997

IEPT19970626, HvJEU, Familiapress
Verbod op prijsvragen in tijdschrift belemmert vrij verkeer van goederen; geen verkoopmodaliteit. Verbod op tijdschrift met prijsraadsel toelaatbaar indien dit evenredig is voor instandhouding van de pluriformiteit van de pers en dit doel niet kan worden bereikt door minder beperkende maatregelen

 

Hoge Raad

2015

IEPT20150501, HR, Stichting Misrekening v ING
Cassatieberoep verworpen (artikel 81 lid 1 RO).

IEPT20150417, HR, Simba v Hasbro

Artikel 36 VWEU van toepassing op geharmoniseerde IE-rechten: harmonisatie betreft niet volledige nationaalrechtelijke regeling, waardoor er afzonderlijke verschillen bestaan die, in combinatie met territoriale begrenzing van de nationale rechten, toepasselijkheid van art. 36 VWEU rechtvaardigen en zelfs noodzakelijk maken voor adequate en doeltreffende bescherming van IE-rechten. Toetsingsmaatstaf slaafse nabootsing maakte door te laat ingestelde grief geen onderdeel uit van rechtsstrijd in hoger beroep. Richtlijn OHP niet van toepassing op oneerlijke concurrentie tussen ondernemingen.

 

Gerechtshoven

2017

IEPT20170307, Hof Amsterdam, Skyscanner v RCC

CVB RCC mocht oordelen dat opnemen aanbod Govolo (dat handelde in strijd met Reclamecode) in prijsvergelijking oneerlijke handelspraktijk oplevert: website Skyscanner verweven met websites aanbieders en Skyscanner heeft zakelijk belang bij het kiezen van een vlucht via haar website. Opnemen van aanbod als dat van Govolo houdt rechtstreeks verband met de verkoopbevordering van de website van Skyscanner. Activiteiten Scyscanner hebben niet enkel technisch, automatisch en passief karakter: sprake van bewerking door het classificeren en structureren van informatie afkomstig van aanbieders.

 

2016

IEPT20161220, Hof Arnhem-Leeuwarden, Trebs v Food & Fun
Beroep op Wet op de oneerlijke handelspraktijken mogelijk via correctie Langemeijer, maar in casu onvoldoende onderbouwd. de in die wet genoemde belangen kunnen zich mede uitstrekken tot de belangen van een concurrerende handelaar die zich jegens consumenten schuldig maakt aan misleidende handelspraktijken. Aanwijzing hiervoor is te vinden in punt 8 van de considerans van de Richtlijn oneerlijkhandelspraktijken. Food & Fun c.s. hebben hun stelling dat de handelswijze van Trebs ook jegens hen onrechtmatig is echter niet uitgewerkt, zodat het hof daaraan voorbij gaat.

 

2015

IEPT20151020, Hof Arnhem-Leeuwarden, 20 oktober 2015, Oneerlijke handelspraktijk
Oneerlijke handelspraktijk door weglaten of op onvoldoende duidelijk verstrekken informatie over risico’s brugfinancieringen, plaatsingscommissie en eigen deelname in brugfinancieringen. Feit dat appellanten ondernemers zijn breng niet met zich dat zij geen gemiddelde consumenten zijn.

 

2014

IEPT20141223, Hof Den Haag, Hotels.nl v Hotel Booker
Uitingen waarin consument wordt geattendeerd op mogelijkheid om hotelovernachting voor bepaalde prijs te boeken danwel daarop bod uit te brengen uitnodigingen tot aankoop (artikel 6:193a BW). Aanbieders van reisaanbiedingen moeten prijzen inclusief onvermijdbare kosten publiceren, indien kosten variabel deze aangeven en geen gebruik maken van vanaf-prijzen/(start)prijzen. Voldoende aannemelijk dat Hotel Booker en Hotelkamerveiling.nl structureel niet voldoen aan deze eisen. Reconventie: Hotels.nl voldoet zelf ook niet aan deze eisen.


IEPT20140513, Hof Arnhem-Leeuwarden, Telefoongids.com v Stichting Gilde
Wet op oneerlijke handelspraktijken niet rechtstreeks van toepassing bij sluiten overeenkomst voor vermelding op Telefoongids.com: geen hoedanigheid van consument. Geen reflexwerking, gezien doel van wet en restrictieve uitleg van het begrip consument en de wetsgeschiedenis. Bewijslast ten onrechte in eerste aanleg omgekeerd. Wel dwaling: onjuiste veronderstelling dat het om een controle van de vermelding in de KPN telefoongids ging niet weggenomen door offerte en verificatiegesprek, die gezien gebruik van handels- en domeinnaam die lijkt op bekende uitgave van gevestigde partij en gebruik van cold calling door medewerkers die geen duidelijke instructies hebben ontvangen om onduidelijkheden omtrent identiteit Telefoongids.com weg te nemen, alle onduidelijkheden omtrent de identiteit van Telefoongids.com moeten wegnemen.

 

2013

IEPT20131001, Hof Amsterdam, Stichting Misrekening v ING

Geen oneerlijke handelspraktijk: duidelijk dat in  aanbod ING vermelde tweede rentepercentage variabele rente betrof die zou kunnen wijzigen.

 

2011

IEPT20110531, Hof Den Haag, VW&B

Oneerlijke handelspraktijken: Artikel 6:193a BW beschermt alleen consument. Artikel 6:193a BW kan niet als grondslag voor de vorderingen van VW&B dienen omdat dat artikel uitsluitend is gericht op bescherming van de consument. Geen reclame; geen mededelingen over eigen diensten. Publicatie; Niet aannemelijk dat informatie onjuiste of misleidend is.

 

2010

IEPT20100302, Hof Arnhem, Architect
Onrechtmatig voeren titel “BNA architect” leidt niet tot schadeplicht: het enkele feit dat [geïntimeerde] “ten onrechte het predikaat architect bna zou hebben gevoerd” nog niet impliceert dat daarom sprake is van een tot schadeplichtigheid leidende toerekenbare tekortkoming aan de zijde van [geïntimeerde]. Kwaliteitsverwachting door titel “BNA architect”: de presentatie als BNA-architect mede bepalend is voor de kwaliteit die [appellanten] op grond van de overeenkomst mochten verwachten.

 

Rechtbanken

2018

IEPT20180409, Rb Rotterdam, PCO v Jimmy

Op oneerlijke handelspraktijken en onrechtmatige daad gestoelde vorderingen tot verbod op aanbieden snacks zonder te voldoen aan wettelijke bepalingen omtrent verstrekken voedselinformatie afgewezen: geen concrete aanwijzingen dat Jimmy na doorgevoerde wijzigingen in receptuur en etikettering (nog steeds) niet voldoet aan de eisen, PCO heeft bovendien onvoldoende onderbouwd welk concreet nadeel zij hiervan zou ondervinden.

 

IEPT20180228, Rb Den Haag, Smienk v Otolift

Mededelingen die uitsluitend afbrekend zijn ten aanzien van producten of diensten van een concurrent zijn geen (oneerlijke) handelspraktijken (artikel 6:193c BW). In casu enkel sprake van afbrekende mededelingen ten aanzien van producten of diensten Smienk. Wel sprake van ongeoorloofde vergelijkende reclame (artikel 6:194c BW): audio-opnames van telefoongesprekken met medewerkers Otolift kunnen als bewijs dienen van mededelingen Otolift, zijn niet onrechtmatig verkregen, voldoende onderbouw dat uitlatingen goede naam Smienk aantasten en/of kleinerend zijn over producten en diensten Smienk, niet onderbouwd door Otolift dat uitlatingen waar zijn.

 

2017

IEPT20171108, Rb Den Haag, Tommy Teleshopping v Tel Sell

Tel Sell IE maakt zich schuldig aan oneerlijke handelspraktijk ex art. 6:193g onder m BW en handelt hiermee onrechtmatig jegens Tommy: ook concurrenten gerechtigd om handhavend op te treden bij gestelde overtreding van de Wet OHP, Tel Sell IE biedt producten aan onder andere namen dan waaronder zij deze inkoopt, door gelijkenis wordt verkeerde indruk gewekt dat producten Tel Sell IE afkomstig zijn van dezelfde fabrikant als de producten van Tommy, sprake van doelbewust meeliften op bekendheid producten Tommy. Verbod ook uitgesproken jegens overige gedaagde vennootschappen nu reële dreiging bestaat dat onrechtmatige handelingen door (een van) hen zal worden overgenomen: sprake van ‘Tel-Sell-groep’ waarbinnen wegens driemalige herhaling inmiddels sprake is van beproefd patroon om activiteiten na faillissement voort te zetten onder een andere vennootschap uit die groep, ontbreken concrete aanwijzing voor faillissement Tel Sell IE doet daar niet aan af. Bestuurder [B] persoonlijk aansprakelijk voor onrechtmatig handelen: haar kan als enig bestuurder, die op de hoogte moet zijn geweest van het onrechtmatig handelen een ernstig verwijt worden gemaakt.

 

IEPT20170929, Rb Midden-Nederland, KVNW v 94 Wines

KVNW kan beroep doen op artikelen inzake oneerlijke handelspraktijken: artikelen zijn uitwerking van Richtlijn waarin expliciet is benoemd dat concurrenten moeten worden beschermd tegen oneerlijke B2C handelspraktijken. 94 Wines niet gebonden aan Reclamecode voor alcoholhoudende dranken. Reclame voor Esprit de Preuillac vormt oneerlijke handelspraktijk ex art. 6:193b BW juncto 6:193c lid 1 onder b en d BW: prijs ten onrechte vergeleken met wijn uit ander jaar, onvoldoende inzichtelijk op welke wijze prijsvoordeel is berekend. Reclame voor Amarosso Romeo & Juliet Verona 2015 vormt oneerlijke handelspraktijk: prijs vergeleken met fles uit 2013. Reclame voor La Fea Gran Reserva Cariñena 2010 vormt oneerlijke handelspraktijk:94 Wines is de enige aanbieder uit dat oogstjaar, prijs vergeleken met andere oogstjaren. Reclame voor La Lecciaia Rosso di Montalchino vormt oneerlijke handelspraktijk: niet inzichtelijke prijsvergelijking mede gebaseerd op restaurantprijzen. Reclame voor Domaine Carlin Pinson Sancerre Tradition vormt oneerlijke handelspraktijk: niet inzichtelijke prijsvergelijking mede gebaseerd op restaurantprijzen. Reclame voor Domaine Guillaume Belle Crozes Hermitage vormt oneerlijke handelspraktijk: wijn na 24-uurs aanbieding voor dezelfde prijs aangeboden en ten onrechte neergezet als medaille winnaar.  Reclame voor Santoro Negroamaro Puglia vormt oneerlijke handelspraktijk: totstandkoming prijsvergelijking niet inzichtelijk, verkeerde wijnproducent genoemd.

 

IEPT20170927, Rb Limburg, GT Medicare v Rotaid

Bepalingen inzake oneerlijke handelsprakijken niet van toepassing op specificaties AED-kasten Rotaid: bepalingen zien op B2C-verhouding, onvoldoende weersproken dat Rotaid de kasten alleen aan bedrijven verkoopt. Beroep op misleidende reclame (6:194 BW) afgewezen: bewijslast ligt weliswaar bij Rotaid, GT Medicare heeft niet voldaan aan stelplicht zodat aan bewijsfase niet wordt toegekomen. Veroordeling GT Medicare in de volledige proceskosten afgewezen: geen sprake van misbruik van procesrecht door summiere dagvaarding zonder vermelding wetsartikelen.

 

IEPT20170719, Rb Gelderland, AirGroup v ATF

Oneerlijke handelspraktijk ex art.  6:193c lid 1 sub a en b BW en misleidende reclame ex art. 6:194 aanhef en sub a, f en i BW ATF door  te vermelden dat zij ‘REACH compliant/gecertificeerd’ zijn, dat ‘REACH certified material’ wordt gebruikt en/of dat producten ‘REACH conform’ zijn: voor die begrippen is geen basis te vinden in de REACH-Verordening en ATF laat bovendien in strijd met die verordening na aan afnemers informatie te verschaffen over gebruik weekmaker. Concurrent AirGroup kan beroep doen op art. 6:193a-j BW: artikelen zijn uitwerking van Richtlijn OHP die expliciet benoemd dat concurrenten moeten worden beschermd tegen oneerlijke business-to-consumer handelspraktijken, nationale wetgever heeft geen expliciete keuze gemaakt om hier vanaf te wijken.

 

IEPT20170519, Rb Amsterdam, BVA Auctions
Eiser ontvankelijk in zijn vordering tot (terug)betaling van € 1496,10, de buitengerechtelijke kosten en de wettelijke rente over de hoofdsom: Eiser juiste partij gedagvaard, namelijk BVA als verkopende partij. Sprake van oneerlijke handelspraktijk door misleidende presentatie: door Mercedes-logo op de imitatie velgen en tekst bij advertentie dat de velgen geschikt zijn Mercedes, mag de consument ervan uitgaan dat de velgen authentiek zijn. Oneerlijke handelspraktijk komt voor rekening en risico BVA. Het is de verantwoordelijkheid van de verkoper om de juiste mededeling te presenteren aan de gemiddelde consument en deze verantwoordelijkheid kan niet worden afgeschoven op de koper.

 

IEPT20170426, Rb Den Haag, OnTel v TEK en Tel Sell

Slaafse nabootsing plug-in verwarmingstoestel Handy Heater door TEK en Tel Sell: Handy Heater heeft eigen plaats op de markt en elektronische verwarmingstoestellen van TEK en Tel Sell zijn nodeloos verwarringwekkend. Auteursrechtinbreuk met betrekking tot gebruik van productfoto en stills uit een commercial. Vordering op grond van oneerlijke handelspraktijken afgewezen: onduidelijk of slaafs nabootsen consumentenproduct en de handel in dergelijk product te beschouwen is als oneerlijke handelspraktijk, geen belang bij vordering jegens TEK nu verderstrekkend verbod dan al is toegewezen niet mogelijk is, grensoverschrijdend gebod op grond van oneerlijke handelspraktijken kan naar voorlopig oordeel alleen betrekking hebben op verkoopbevordering en niet op verhandeling producten zelf.


IEPT20170328, Rb Amsterdam, Dyson v Miele
Handelen in strijd met bepalingen inzake oneerlijke handelspraktijken kan onrechtmatig handelen jegens concurrent opleveren: deze bepalingen bieden niet slechts bescherming aan consumenten. Van onrechtmatig handelen door Miele jegens Dyson is echter geen sprake: gebruik van de term ‘gecertificeerd’ door Miele bij aanprijzing stofzuiger vereist niet dat daaraan een keurmerk ten grondslag ligt, onaannemelijk dat
de gemiddelde consument de mededeling ‘volledig gescheiden legen van grof vuil en fijnstof zonder dat het opdwarrelt’ zal opvatten als 100% fijnstof-vrij.

 

IEPT20170310, Rb Den Haag, Pasoday v Hair Workxx

Ondanks half jaar tussen sommatiebrief en dagvaarding Pasoday toch spoedeisend belang: voldoende voortvarend gehandeld. Geen inbreuk op IE-rechten hair extensions: modelrechten hair extensions op naam van failliete vennootschap, bevestigingsdraad hair extensions niet auteursrechtelijk beschermd want technisch bepaald en uiterlijk hair extensions te weinig onderscheidend voor beroep op slaafse nabootsing. Merken FLIP-IN en FLIP-IN-HAIR niet verworden tot soortnaam: Pasoday heeft voldoende aangetoond dat zij is optreden tegen derden die het merk gebruikten en Pasoday heeft voldoende aangetoond dat zij tekens als merk gebruikt. Logo Hair Workxx (hierna HW) maakt inbreuk op merken Pasoday: visueel, auditief en begripsmatig identiek aan merken Pasoday. Domeinnamen maken inbreuk op merken Pasoday: HW maakt middels de domeinnamen gebruik van de tekens Flip-In Hair en Flip-In voor identieke waren waarvoor de merken zijn ingeschreven. Geen auteursrecht slogan Pasoday: "Look good in the hair you wear" gangbare zin in het Engels. Ten aanzien van folders en instructiemateriaal maakt HW inbreuk op auteursrechten Pasoday: inbreuk voldoende bestreden. Mededeling dat HW leverancier Flip-In Hair is, onrechtmatig: suggereert ten onrechte dat HW rechthebbende is op de merken.

IEPT20170208, Rb Amsterdam, SHM v Boretti
Alle vorderingen Sure Heat op Boretti aan SHM gecedeerd. Voldoende belang Sure Heat om zich bij cessionaris SHM te voegen. Sure Heat heeft documenten aan Chant ter beschikking gesteld, waarvan Boretti op de hoogte was en op grond waarvan productie huidige buitenkeukens Boretti plaatsvindt. SHM krijgt gelegenheid te bewijzen dat Boretti op de hoogte was van geheimhoudingsovereenkomt tussen SHM en Chant. Geen slaafse nabootsing: SHM brengt geen eigen producten onder eigen naam op Nederlandse markt. Misleidende en oneerlijke handelspraktijk Boretti  jegens consumenten. Oneerlijke handelspraktijk niet onrechtmatig jegens concurrent Sure Heat: niet gesteld dat handelspraktijk Sure Heat schade berokkent. SHM Bernini geen auteursrechtelijk beschermd werk: oorspronkelijk karakter en creatieve keuzes onvoldoende onderbouwd in het licht van het “Umfeld”. SHM Marciano en SHM Da Vinci niet auteursrechtelijk beschermd: modellen waarop zij zijn gebaseerd – die voor het eerst in de VS op de markt kwamen - niet auteursrechtelijk beschermd in de VS. Geen inbreuk op handleidingen die Sure Heat voor Boretti heeft vervaardigd: Boretti is krachtens artikel 8 Aw maker van de handleidingen.
 

IEPT20170120, Rb Den Haag, Scentsible v Reckitt
Geen spoedeisend belang bij vordering m.b.t. gestelde inbreuk op marketingmateriaal Scentsible: inbreuk reeds gestaakt en nieuwe (dreiging van) inbreuk onvoldoende aannemelijk. "V.I.Poo" maakt geen inbreuk op Uniewoordmerk "POO POURRI": gering onderscheidend vermogen nu element "POO" beschrijvend is voor poep en overeenstemming te gering om te leiden tot verwarringsgevaar, mede door andere locatie element "Poo" in merk en teken. Geen auteursrecht op productformat: elementen binnen format zijn onvoldoende uitgewerkt om in combinatie gezien voor ‘format’-bescherming in aanmerking te komen. Geen inbreuk op niet-ingeschreven-modelrecht: totaalindrukken verschillen. Beroep op slaafse nabootsing strandt: format komt niet voor auteursrechtelijke bescherming in aanmerking. Geen spoedeisend belang bij vordering m.b.t. onrechtmatig profiteren inspanningen Scentsible. Geen misleidende handelspraktijken Reckitt: niet aannemelijk gemaakt dat Reckitt bij consument verwarring zaait met betrekking tot afkomst producten.

 

2016

IEPT20160707, Rb Amsterdam, Save Me
Rauwelijkse dagvaarding staat ontvankelijkheid niet in de weg. Beeldmerken “SAFE ID” en “SAVE ME” stemmen onvoldoende overeen voor  verwarringsgevaar: beide begrippen worden in verband gebracht met persoonlijke veiligheid, aanzienlijke auditieve overeenstemming en visueel enige mate van overeenstemming, verschillen in betekenis, lettertype en kleuren en beide namen beschrijvend en Safe iD geniet geringe bekendheid. Dat mensen zich in de namen hebben vergist leidt niet tot verwarringsgevaar. Geen onrechtmatige concurrentie door gedaagde: onvoldoende onderbouwd in licht van toezegging eiser dat gedaagde vergelijkbaar bedrijf mag beginnen. Doorlink  www.save-id.nl naar www.save-me.nu is handelsnaamgebruik en leidt tot verwarringsgevaar met “safe iD”.

IEPT20160413, Rb Midden Nederland, Tel Sell v Tommy Teleshopping
Rb Midden-Nederland bevoegd. Verhaalsbeslag op domeinnamen van Tel Sell mogelijk: vrees voor verduistering. Richtlijnconforme interpretatie leidt tot oordeel dat ondernemingen kunnen optreden tegen oneerlijke handelspraktijken (6:193a-j BW). Opheffing beslagen: geen sprake van oneerlijke handelspraktijken. Namen die Tel Sell gebruikt voor haar fitnessproducten scheppen geen verwarring bij gemiddelde consument met Tommy Teleshopping producten, nu overeenstemmende woorden beschrijvend zijn en sommige woorden niet voorkomen in Tel Sell namen.  

IEPT20160308, Rb Amsterdam, Consumentenbond v Samsung

Geen spoedeisend belang bij vorderingen om Samsung o.a. te verplichten telefoons met beveiligingslekken te updaten. Kort geding niet geschikt voor aan de kaak stellen gestelde brede probleem omtrent updaten Android telefoons zonder spoedeisende concrete aanleiding. Toewijzing zou bij Samsung voor aanmerkelijke implicaties zorgen en enorme kosten die in kort geding niet te overzien zijn.

 

IEPT20160203, Rb Noord-Holland, Rush Safety Services

Geen strijd met concurrentie- en relatiebeding: gedaagde is voor plaatsvinden evenement uit organisatie vertrokken en niet gesteld dat door werkzaamheden voordeel is behaald.

 

IEPT20160203, Rb Noord-Holland, Byelex v Galjoenstaete

Concurrentiebeding behoudt werking na einde aandeelhoudersovereenkomst door artikel 20 van deze overeenkomst. Concurrentiebeding staat op grond van wetsgeschiedenis in zodanig nauw verband met aan schuldeiser toebehorend goed dat deze overgaat naar nieuwe koper. Schending concurrentiebeding en onrechtmatig handelen doordat dit niet is betwist.

 

2015

IEPT20151230, Rb Midden Nederland, Glaxo v Sandoz
Rechter bevoegd: EEX-VO prevaleert ook na van kracht worden van de EEX-VO 1215/2012 boven artikel 4.6 BVIE, Sandoz is gevestigd in Nederland en tussen de vorderingen bestaat een zo nauwe band dat een goede rechtsbedeling vraagt om hun gelijktijdige behandeling. Geen merkinbreuk: onvoldoende aannemelijk dat kleurmerk GSK onderscheidend vermogen heeft, en kleur paars kan in de handel dienen om bestemming van geneesmiddel aan te duiden, dan wel de dosering daarvan weer te geven. Geen inburgering: blijkt onvoldoende uit overgelegde marktonderzoeken. Geen slaafse nabootsing: producten zijn in andere kleuren, hebben afwijkende sticker en andere naam. Geen misleidende mededeling: gebruik kleur valt niet onder ‘mededeling’. Geen oneerlijke handelspraktijk: arts of apotheker die producten verstrekt geen ‘consument’ als bedoeld in 6:193b en c BW.

 

IEPT20151120, Rb Amsterdam, Dyson v BSH
Niet aannemelijk dat Stofzuigerverordening lacune bevat door geen rekening te houden met vermindering zuigkracht door gebruik ervan: dit bevordert de betrouwbaarheid van de te hanteren meet- en berekenmethodes. Niet aannemelijk dat concurrent in staat is testomstandigheden van anderen volledig te reproduceren, waardoor uitgegaan wordt van deze controletoleranties. Geen mededelingsplicht omtrent weliswaar scoren van een ‘B’-label, maar binnen controletoleranties van het ‘A’-label blijven, en verhoging van het energieverbruik wanneer zak voller wordt. Tests voldoen niet aan HEPA-/Stofzuigernorm terwijl niet valt vast te stellen wat resultaten zouden zijn indien deze wel conform deze normen zouden zijn uitgevoerd, waardoor niet aannemelijk is dat de filter van BSH niet als HEPA-filter mag worden aangemerkt.

IEPT20150930, Rb Midden-Nederland, Hijama
Oneerlijke handelspraktijk door keurmerken te voeren zonder daarover te beschikken. Overeenkomst vernietigd en gedaagde moet door eiser betaalde bedrag terugbetalen.

IEPT20150930, Rb Oost-Brabant, Chronos v Votech
Become-IT bestand niet gekopieerd: onvoldoende onderbouwd. Geen auteursrecht op PLC-software: niet onderbouwd dat sprake is van vrije creatieve keuzen bij het programmeren ervan. Wél auteursrecht op broncode van PLC-software. Auteursrecht op broncode PLC-softwarebestanden komt toe aan Chronos en [naam 3] samen. Geen inbreuk op auteursrecht op broncode: software bevond zich op bij Chronos achtergelaten computer (en niet op een privécomputer) en is tijdens dienstverband gebruikt. Chronos heeft geen auteursrecht op software TW1284.r10, dus beroep hierop door haar onmogelijk. Kopiëren PLC-software en versturen aan Votech geen verveelvoudiging: benodigd voor interoperabiliteit machines. Ontlening aan PLC-software, gebruik voor het plegen van onderhoud aan machines en omzeiling technische beveiliging onvoldoende onderbouwd. Onvoldoende onderbouwd dat technische tekeningen creatieve keuzen bevatten die niet enkel noodzakelijk zijn voor het verkrijgen van een technisch effect. Niet onrechtmatig gehandeld met betrekking tot de Knowhow: niet voldaan aan artikel 39 lid 2 van het TRIPS-Verdrag. Geen onrechtmatige concurrentie: gedragingen Votech niet onrechtmatig en enkele stellingen onvoldoende onderbouwd. Geen sprake van profiteren van wanprestatie: geen sprake van contractuele overeenkomst. 

IEPT20150722, Rb Den Haag, Euronext v Tom en Binckbank

Gebruik AEX-merken als productnaam (tickersymbool) voor eigen product kan indruk wekken dat er economische band bestaat tussen Euronext en BinckBank. index-ticker symbolen geven korte aanduiding onderliggende waarde van effect aan en zijn daardoor beschrijvend. Dat index-ticker symbool kenmerk aanduidt sluit herkomstfunctie niet uit. Gebruik AEX-merken door Binckbank als ticker symbool voor eigen product geen “eerlijk gebruik in nijverheid of handel”. TOM heeft wel eerlijk gebruik gemaakt van AEX-merken door toevoeging van een “T” aan index-ticker symbolen). Afzonderlijke ticker symbolen en verzameling van ticker symbolen niet auteursrechtelijk beschermd. Collectie Amsterdamse optieseries databankrechtelijk beschermd: substantiële investeringen en geen spin off. TOM en Binckbank maken inbreuk op databankenrecht Euronext: vrijwel volledig opgevraagd en hergebruikt. Gebruik ticker symbolen voor aandelenopties geen misleidende reclame, oneerlijke handelspraktijk of oneerlijke mededinging: geen verwarringwekkende praktijken. Smart Execution reclame-uitingen die o.a. claimen dat dit tot beste prijs leidt zijn misleidende reclame: uitingen zijn onjuist. Binckbank tekortgeschoten in nakoming Euronext Market Data overeenkomst (EMDDA) door verkregen gegevens op haar website te publiceren.


IEPT20150720, Rb Den Haag, Greencre8 v Kebol
No Water Flowers amaryllisbollen niet auteursrechtelijk beschermd: elementen grotendeels banaal, dan wel technisch en/of functioneel bepaald. Geen slaafse nabootsing: geen eigen plaats op de markt gelet op grotendeels functioneel bepaalde en/of triviale karakter. (Toepasselijkheid daarlatend) Geen oneerlijke handelspraktijken: door verpakking duidelijk dat Kébol bollen van haar afkomstig zijn.

IEPT20150624, Rb Gelderland, DP Products v Magro Service

Teksten, afbeeldingen, foto en screenshots van handleidingen nagenoeg geheel overgenomen door G.: zelfs op ondergeschikte punten overeenkomsten. Handleidingen auteursrechtelijk beschermd: nieuw zelfstandig werk waarbij persoonlijke (subjectieve) keuzes zijn gemaakt. Auteursrechtinbreuk door handleidingen nagenoeg geheel over te nemen. Uiting “CY-1024 is geheel gelijk aan PowerWifi of TurboWifi antenne” misleidende/ongeoorloofde vergelijkende reclame/OHP: behuizing verschilt. G. heeft nodeloos verwarring gewekt door op bol.com haar product aan te bieden met zelfde EAN-nummer als product DP Products. Verwijzing naar schadestaatprocedure.

 

IEPT20150520, Rb Rotterdam, SVn v NACA

Geen spoedeisend belang: na misgelopen onderhandelingen 15 maanden gewacht om kort geding aanhangig te maken. Ten overvloede: merken met daarin “starterslening” zijn beeldmerken en geven geen bescherming voor gebruik enkele woord “starterslening. Woord “Starterslening” is beschrijvend: geen sprake van algemeen bekend merk. Geen misleidende mededelingen/oneerlijke handelspraktijken. Geen handelsnaaminbreuk: geen inschrijving woordmerk “starterslening” en geen bekend merk.

IEPT20150114, Rb Den Haag, Tommy Teleshopping v Tell Sell
Inbreuk op merk “CERA GOLD”: identiek teken gebruikt. Verwarringsgevaar tussen merk NICER DICER en “Nicer slicer/slacentrifuge”: meest onderscheidende element overgenomen, identieke waren, producten lijken op elkaar en vergelijkbare verkoopkanalen. Verwarringsgevaar tussen SLIM ’N LIFT CARESSE” en “Caress LeJeans”.  Uitputting “Slencera” producten onvoldoende onderbouwd. Geen inbreuk op merk “VITARID-R” door “Vita Dual Bike”: slechts minst onderscheidende element “VITA” overgenomen. Gebruik van Tommy-merken op Tell Sell-website om eigen producten in zoekresultaten te tonen geen merkinbreuk. Reclame voor hometrainers niet misleidend, oneerlijk of anderszins onrechtmatig gezien verschillen tussen merk “VITARID-R” en teken “Vita Dual Bike”. Aanbieden product onder merk Express Color en vervolgens ander product leveren oneerlijke handelspraktijk.

 

2014

IEPT20140327, Rb Rotterdam, Omega Pharma v Procter & Gamble

Aan bedrijven komt ook beroep toe op afdeling 6.3.3A BW inzake oneerlijke handelspraktijken en hieraan ten grondslag liggende algemene regeling inzake onrechtmatige daad. Geen spoedeisend belang c.q. onvoldoende belang bij vorderingen inzake misleidende reclame en ongeoorloofde voedings- en gezondheidsclaims, gelet op eigen gebruik en toezeggingen.

 

2013

IEPT20130220, Rb Noord-Nederland, MKB v HIG en Telefoongids.com
MKB ontvankelijk in haar o.g.v. artikel 3:305a BW ingestelde groepsactie. Geen algemene reflexwerking Wet op Oneerlijke Handels-praktijken voor ondernemers; taak van wetgever. Wel reflexwerking mogelijk in individuele gevallen. Stichting Gilde heeft een met consument vergelijkbare positie: Wet op Oneerlijke Handelspraktijken van toepassing. Omkering bewijslast o.g.v. artikel 6:193j BW: Telefoongids.com heeft als professionele partij initiatief genomen tot sluiten van overeenkomst. Telefoongids.com onvoldoende bewijs geleverd dat Stichting Gilde juist en volledig is geïnformeerd; vernietiging overeenkomst o.g.v. dwaling.

 

2012

IEPT20120419, Rb Rotterdam, Artiq Mobile v Consumentenautoriteit

€ 690.000 boete voor overtredingen Wet handhaving consumentenbescherming. Overtreding SMS-gedragscode; omissies door niet of onduidelijk verstrekken essentiele informatie op website en in tv-reclame.

 

2011

IEPT20111005, Rb Rotterdam, Mikro-Electro v Consumentenautoriteit

Misleidende informatie door verzwijgen recht op kosteloos herstel bij non-conformiteit: Verzoekster gaat de discussie met de klant of er mogelijk sprake is van non-conformiteit en daarmee recht op kosteloos herstel of vergoeding van de aan de reparateur betaalde reparatiekosten uit de weg door het initiatief bij de klant te leggen. Consumen-ten worden daardoor onvolledig en misleidend geïnformeerd over hun wettelijke rechten ten aanzien van herstel of vervanging van een non-conform product.

 

IEPT20110525, Rb Arnhem, Boreaal v ThiemeMeulenhoff

Geen anonieme maar herleidbare reclame voor de methode Schrift. Geen oneerlijke handelspraktijk want geen verkoopbevorderende communicatie. Onrechtmatige publicatie. Onjuiste, badinerende en kleinerende publicatie over methode Novoskript zonder noodzaak.

 

IEPT20110518, Rb Amsterdam, Stichting Misrekening v ING

Rente 4% - niet misleidend: Anders dan de Stichting betoogt houdt de ver-strekte informatie niet in dat na ommekomst van zes maanden steeds 4% zal worden uitgekeerd noch dat het een vaste, gegarandeerde, rente betreft. Geen misleidende handelspraktijk: geen verwarrende vergelijking. Geen onthouding essentiële informatie door niet duidelijk vermelden dat rente variabel is. Schade onvoldoende onderbouwd.

 

IEPT20110120, Rb Roermond, Mi Moneda v Dutch Jewelz

Geen auteursrechtelijke bescherming: Geen creatieve keuzes – technische noodzaak. Oneerlijke handelspraktijken: niet van toepassing bij business-to-business relaties. Slaafse nabootsing door Verwarringwekkende exacte kopieën: De verwisselbare munten en schijven die Mi Moneda van Dutch Jewelz c.s. heeft meegenomen en ter zitting heeft getoond, zijn exact hetzelfde als die van Mi Moneda, zowel qua kleur als qua afbeelding. Daardoor is de kans op verwarring bij de consument naar het oordeel van de voorzieningenrechter erg groot.