Kamer van beroep EUIPO, 16 november 2017, Beeldmerk portret Maartje Verhoef
Merkenrecht. De Kamer van Beroep besloot op 16 november dat een portret geldig kan worden ingeschreven voor waren en diensten uit de klasse 3, 9 , 14, 16, 18, 25, 35, 41, 42 en 44, o.a. make up, fotografie, sieraden, tijdschriften, kleding, lingerie en tassen. De onderzoeker wees dit verzoek eerder af omdat het merk beschrijvend zou zijn en daardoor niet kan worden losgekoppeld van een deel van de waren en diensten waarop de inschrijving betrekking heeft. De Kamer van Beroep verwerpt dat oordeel: het teken kan wel als identificatiemiddel van de herkomst van de waren en diensten in kwestie dienen, en vervult zodoende haar functie als merk. Niets in de foto kan immers worden opgevat als kenmerk van de waren en diensten in kwestie, en het teken is niet afhankelijk van het uiterlijk van de aangeduide waren. Zodoende besluit de Kamer van Beroep dat het portret kan dienen als merk.
“37. De foto van het gezicht van een persoon, in de vorm van een pasfoto, is een unieke weergave van deze persoon, met diens specifieke uiterlijke kenmerken. Behalve (onder andere) de naam en voornaam geldt de weergave van het gezicht in de vorm van een pasfoto voor die persoon’s identificatie en derhalve voor zijn/haar onderscheiding van andere personen. De in het geding zijnde afbeelding kan in de ogen van de Kamer dan ook de wezenlijke functie van een merk vervullen, ter onderscheiding van de aangevraagde waren en diensten van een andere herkomst.”