Schadevergoeding van € 9.674,74 voor openbaarmaking muziekwerken Buma-repertoire

13-02-2015 Print this page
IEPT20150211, Rb Limburg, Buma v Park City
(Met dank aan Jasmin van Eenenaam, Buma/Stemra)

Onvoldoende onderbouwd dat Stichting ParkCity Live licentieovereenkomst met Buma heeft gesloten voor openbaarmaking muziek tijdens ParkCity Live 2012. Stichting heeft als (mede)organisator essentiële bijdrage aan openbaarmaking muziekwerken tijdens ParkCity Live 2012 geleverd. Auteursrechtinbreuk, want muziek geopenbaard zonder licentieovereenkomst: schadevergoeding € 9.674,74 aan gederfde licentiekosten

 

AUTEURSRECHT

 

Twee (thans failliete) BV’s en Stichting ParkCity Live hebben de evenementen Schlagerfestival 2011, Schlagerfestival 2012 en ParkCity Live 2012 georganiseerd. Buma heeft hiervoor een licentievergoeding in rekening gebracht die niet is betaald. Buma vordert nu onder meer een verbod om zonder voorafgaande toestemming van Buma enig muziekwerk van het Buma repertoire te gehore te brengen en een schadevergoeding.

 

Bij rolbeslissing van 8 januari 2014 heeft de rechtbank in verband met het faillissement van de BV’s de procedure ten aanzien van deze BV’s geschorst voor wat betreft de gevorderde schadevergoeding, om alleen te worden voortgezet indien de verificatie van de vordering wordt betwist. Er is daarom geen grond om Buma thans reeds niet-ontvankelijk te verklaren. Het verbod wordt toegewezen jegens de curator, omdat daartegen geen inhoudelijk verweer is gevoerd.

 

Gelet op de gemotiveerde stelling van Buma en het te weinig onderbouwde verweer van de Stichting, moet het ervoor worden gehouden dat voor het openbaar maken van de muziekwerken tijdens het evenement ParkCity Live 2012 met Buma direct noch indirect enige licentieovereenkomst was gesloten.

 

Het verweer van de Stichting dat zij als organisator geen muziek heeft geopenbaard, maar dat de uitvoerende artiesten dat hebben gedaan wordt verworpen, omdat uit vaste jurisprudentie volgt dat ook het organiseren van muziekevenementen als openbaarmaken kan worden aangemerkt. Ook het verweer van de Stichting dat zij slechts in beperkte mate de organisator van het evenement heeft gefaciliteerd en zelf geen organisatorische rol heeft gespeeld wordt verworpen. De rechtbank stelt vast dat de Stichting niet heeft betwist dat uit het handelsregister blijkt dat tot de activiteiten van de Stichting behoort het “initiëren van een jaarlijks terugkerend cultureel openlucht popmuziekevenement in Parkstad.” Ook is aan de Stichting € 24.999 aan subsidie betaald voor het evenement ParkCity Live 2012 en zijn diverse vergunningen en ontheffingen aan de Stichting verleend. Daarom heeft de Stichting een essentiële bijdrage geleverd aan het openbaarmaken van muziekwerken die behoren tot het Buma-repertoire, waardoor inbreuk is gemaakt op Buma’s auteursrecht. De vorderingen worden toegewezen. De Stichting moet € 9.674,74 aan gederfde licentiekosten betalen en € 3.072,10 aan proceskosten.


IEPT20150211, Rb Limburg, Buma v Park City
 

(kopie origineel vonnis)