Voormalig Mazda-dealer dient suggestie van commerciële band met Mazda te staken na beëindiging samenwerking
31-10-2017 Print this page
Voldoende aannemelijk gemaakt dat gedaagde directe commerciële band met officiële Mazdanetwerk suggereert door gebruik Mazda beeldmerk/logo: logo onder meer aangebracht in/op showroom, bedrijfspand, raamstickers, visitekaartjes en briefpapier, vroegere commerciële relatie rechtvaardigt dit structurele gebruik niet. Ook door gebruik Mazda woordmerk wordt commerciële band gesuggereerd: woord Mazda op showroomgevel en vlaggen substantieel groter dan bijvoorbeeld het woord ‘occasion’.
Kort geding. Geschil omtrent de wijze waarop een voormalig Mazda-dealer de merken van Mazda nog mag gebruiken in zijn rol van reparateur van en handelaar in tweede hands Mazda’s. De voorzieningenrechter gaat er in het onderhavige geding vanuit dat de samenwerkingsrelatie tussen partijen – hoewel gedaagde zich hier niet bij neerlegt- is geëindigd. Mazda vordert nakoming van postcontractuele verplichtingen.
De voorzieningenrechter oordeelt in het licht van BMW/Deenik (IEPT19990223) dat voldoende aannemelijk is gemaakt dat de voormalige Mazda-dealer door het gebruik van het Mazda beeldmerk/logo een directe commerciële band met het officiële Mazdanetwerk suggereert. Zo is het bovenste gedeelte van het logo is aangebracht in de showroom en is het onderste gedeelte nog zichtbaar op de buitenkant van het bedrijfspand en op raamstickers. Verder heeft Mazda voldoende aannemelijk gemaakt dat de voormalige dealer nog gebruik maakt van visitekaartjes, smeerkaarten, orderbevestigingen en briefpapier met het volledige beeldmerk van Mazda. De lange contractuele relatie die heeft bestaan tussen partijen rechtvaardigt dit structurele gebruik volgens de voorzieningenrechter niet.
Ook door het gebruik van het woordmerk Mazda wordt volgens de voorzieningenrechter een bijzondere of commerciële band met Mazda gesuggereerd. Zo wordt op borden op de gevel van de showroom en op vlaggen op het buitenterrein het woord Mazda substantieel groter weergeven dan bijvoorbeeld het woord ‘occasion’. De voormalige dealer dient dit gebruik te staken, tenzij dit gebeurt op een wijze die geen bijzondere of commerciële band met Mazda suggereert.
IEPT20171019, Rb Amsterdam, Mazda