Verwarringsgevaar vastgesteld tussen beeld- en woordmerken CLARO en Claranet
03-05-2018 Print this pageMerkenrecht. Beroep ingesteld tegen beslissing van de vierde Kamer van Beroep tot afwijzing van het beeldmerk ‘CLARANET’ voor waren en diensten in klasse 9 (o.a. elektronische communicatie en software), 35 (online en mobiele abonnementen), 38 (telecommunicatie) en 42 (o.a. ontwerpen en ontwikkelen van computers en software) nadat oppositie was ingesteld door de houder van het oudere Spaanse beeldmerk ‘CLARO’ en Beneluxwoordmerk ‘CLARO’ voor goederen en diensten in klasse 9 en 38 omdat verwarringsgevaar werd vastgesteld.
Het beroep wordt afgewezen. Onbetwist is dat de waren en diensten gedeeltelijk identiek en gedeeltelijk overeenstemmend zijn. Nu het relevante publiek deels consument en deels professional is, is het aandachtsniveau gemiddeld tot hoog. Het element ‘net’ in het aangevraagde beeldmerk CLARANET zal als beschrijvend worden opgevat door het relevante publiek en heeft dus een zwak onderscheidend karakter. Het verschil in lettertype en –kleur tussen de beeldtekens is geen significant visueel verschil. Het verschil in het eerste deel van de tekens (‘claro’ en ‘clara’) is significant, maar laat de overeenstemming in stand. Het Gerecht concludeert dat er gemiddelde visuele en auditieve overeenstemming is tussen de tekens. ‘Claro’ heeft geen betekenis voor het relevante publiek dus is een begripsmatige vergelijking niet mogelijk. Het Gerecht oordeelt op grond van voorgaande dat er sprake is van verwarringsgevaar tussen het oudere en aangevraagde merk.
De tegenwerping van aanvrager dat er sprake is van discriminatie doordat andere merken met de toevoeging ‘net’ wel zijn toegestaan, houdt geen stand. Het Gerecht oordeelt dat de Kamer van Beroep individuele zaken slechts op basis van de Uniemerkenverordening en de interpretatie daarvan door het Hof van Justitie EU dient te beoordelen. De afwijzing van de inschrijving door de Kamer van Beroep kan naar het oordeel van het Gerecht dus in stand blijven.