Schade licentiehouder na auteursrechtinbreuk onvoldoende onderbouwd

04-01-2018 Print this page
IEPT20171221, Rb Den Haag, Oogplein

Auteursrechtinbreuk door gebruik afbeelding op website Oogplein: geen sprake van toestemming voor gebruik.  Door licentiehouder [B] gevorderde schadevergoeding afgewezen: licentierechten verworven per augustus 2013, onvoldoende onderbouwd dat afbeelding na september 2011 op actuele website Oogplein te zien is geweest, afbeelding weliswaar via eigen archieven Oogplein toegankelijk gebleven voor meer dan beperkte kring, maar er is onvoldoende onderbouwd dat [B] als gevolg hiervan schade heeft geleden. Wel schadevergoeding voor maker [J] wegens ontbreken naamsvermelding: schade naar redelijkheid en billijkheid vastgesteld op € 300.

 

AUTEURSRECHT - SCHADE

 

Kantonrechter. Eiser [B] stelt dat Oogplein, dat een informatieportaal voor oogzorg en een webwinkel exploiteert, auteursrechtinbreuk heeft gepleegd door een door [J] vervaardigde afbeelding van een oog te gebruiken op haar website. [B] vordert als licentiehouder schadevergoeding wegens auteursrechtinbreuk, en uit hoofde van volmacht voor [J] een schadevergoeding voor inbreuk op persoonlijkheidsrechten.

 

De kantonrechter stelt vast dat sprake is van auteursrechtinbreuk, nu geen sprake is van toestemming voor gebruik. Het zwaartepunt van de zaak ligt echter bij de schade. Licentiehouder [B] heeft licentierechten verworven per 28 augustus 2013. Volgens de kantonrechter is onvoldoende onderbouwd dat de afbeelding na september 2011 nog te zien is geweest op de actuele website van Oogplein. De afbeelding echter is echter nog wel toegankelijk geweest via de eigen archieven van Oogplein. De personen die zich toegang hebben kunnen verschaffen kunnen niet worden beschouwd als te behoren tot een “beperkte kring”, waardoor volgens de kantonrechter sprake is van openbaarmaking. [B] heeft naar het oordeel van de kantonrechter echter onvoldoende onderbouwd dat hij als gevolg van deze beperkte openbaarmaking schade heeft geleden.

 

De uit hoofde van volmacht gevorderde schadevergoeding voor inbreuk op persoonlijkheidsrechten van maker [J] wordt wel toegewezen. De kantonrechter stelt de schadevergoeding naar redelijkheid en billijkheid vast op € 300. Daarbij wordt enerzijds meegewogen dat Oogplein niet heeft weersproken dat de afbeelding gedurende meerdere jaren door haar is gebruikt zonder dat [J]’s naam daarbij is genoemd en anderzijds dat het gebruik slechts een afbeelding betrof.

 

IEPT20171221, Rb Den Haag, Oogplein

 

(kopie uitspraak)