Depotverbod voor tekens in overeenstemming met het PORSCHE-merk blijft in stand

22-08-2018 Print this page
IEPT20180814, Hof Den Haag, Porsche

Vordering tot nietigverklaring inschrijving woordmerk P@RSCHE komt voor toewijzing in aanmerking: gezien de visuele en auditieve overeenstemming, de overeenstemming in waren en diensten en grote onderscheidingskracht van het oudere merk PORSCHE, bestaat gevaar voor verwarring. Het depotverbod blijft in stand: verbod uitgebreid met de genoemde tekens voor niet-soortgelijke waren en diensten.

 

MERKENRECHT

 

Hoger beroep tegen het vonnis van de voorzieningenrechter den Haag van 26 oktober 2016 (IEPT20161026) waarin werd geoordeeld dat er sprake was van verwarringsgevaar tussen de merken P@RSCHE en PORSCHE, de vordering tot nietigverklaring toegewezen werd op grond van verwarringsgevaar en een depotverbod voor tekens die overeenstemmen met PORSCHE werd toegewezen.

In hoger beroep voert appellant aan dat de merken PORSCHE en P@RSCHE voldoende van elkaar verschillen dat verwarringsgevaar uitgesloten is. Voor de toewijzing van de vordering tot nietigverklaring en doorhaling bestaat dus geen grond. Het hof ziet dit anders. Volgens het is er overeenstemming tussen het P@rsche-merk en PORSCHE-merk op visueel en auditief gebied, de waren en diensten zijn soortgelijk. Het is aannemelijk dat er bij het relevante publiek verwarring kan ontstaan tussen de merken. De vordering tot nietigverklaring komt voor toewijzing in aanmerking. Het @-teken een ander teken is dan een letter en wellicht  niet als letter zou worden gezien of uitgesproken, mag appellant niet baten. Doordat het @-teken onderdeel uitmaakt van het woord P@RSCHE en het woord P@RSCHE  als geheel zal (willen) lezen en uitspreken en daarbij het teken @ dat op een plaats van een klinker staat zal lezen als een O of een A. Als ervan uitgegaan wordt dat het relevante publiek de @ uitspreekt als “ah” weegt voor het aannemen van auditieve gelijkenis mee dat de O en A (uitgesproken als “Ah”) qua uitspraak dicht bij elkaar liggen.

 

Het depotverbod blijft ook in stand. De omschrijving van de tekens waar het depotverbod op ziet is niet arbitrair, zoals appellant van oordeel is,  De rechtbank heeft het verbod beperkt tot depots van tekens die, kort gezegd, in haar visie in elk geval (verwarringwekkend) overeenstemmen met het PORSCHE-merk, namelijk tekens, die met uitzondering van de O in PORSCHE gelijk zijn aan het woord PORSCHE, waarbij de O is vervangen door één andere klinker, leesteken of symbool. Zij heeft overwogen dat het niet is uit te sluiten dat verwarringsgevaar bestaat bij andere variaties op het woord PORSCHE maar dat het verbod zich daartoe niet zal uitstrekken ter voorkoming van executieproblemen en omdat het verbod al een zwaarwegende inperking vormt van de handelingsvrijheid van [appellant].  Bovendien is het hof van oordeel dat de inschrijving van in het depotverbod omschreven tekens ook voor niet-soortgelijke waren/diensten nietig zou zijn op grond van 2.28 lid 3 sub a juncto artikel 2.3 sub c BVIE.

 

IEPT20180814, Hof Den Haag, Porsche

 

ECLI:NL:GHDHA:2018:1916