Robusta niet verplicht om licentievergoeding aan CSR/Marecon af te dragen

Print this page 06-05-2020
IEPT20190115, Hof Arnhem-Leeuwarden, Marecon v Robusta

Nederlands recht van toepassing op rechtsverhouding tussen Marecon en Robusta: ook als Australisch recht van toepassing is op onderhavige overeenkomsten was Robusta niet betrokken bij totstandkoming van deze overeenkomsten, indien rechtsverhouding tussen CSR en Robusta als overeenkomst kwalificeerde is gelet op EVO-verdrag Nederlands recht van toepassing, rechtsverhouding kwalificeert naar Nederlands recht als lastgeving. CAT na 1998 geen licentievergoedingen verschuldigd geworden, nu zij vanaf die datum geen technologie van CSR meer heeft gebruikt: levering lusjesdoek door Robusta brengt niet noodzakelijk mee dat daarmee vervaardigde betonblokken matten zijn ontworpen en berekend met behulp van technologie CSR/Marecon. Robusta niet verplicht om licentievergoeding aan CSR/Marecon af te dragen: CAT als licensee schuldenaar van verplichting om licentievergoeding te betalen, dat betaling via Robusta is geschied maakt Robusta geen schuldenaar van de verbintenis, Robusta niet betrokken bij totstandkoming licentieovereenkomst, lastgevingsovereenkomst tussen CSR/Marecon en Robusta moet los van Licentieovereenkomst worden gezien, Robusta en CSR in 1998 overeengekomen dat Robusta niet langer als doorgeefluik zou fungeren voor de inning van de licentievergoeding, lastgeving in 1998 door Robusta opgezegd.

 

IPR - IE-VERBINTENISSENRECHT

 

Marecon is een onderneming die licenties verleent inzake het ontwerp, de fabricage en de installatie van betonblokken matten onder de naam ‘Flexmat’. Robusta is een onderneming die zich bezighoudt met de productie en wereldwijde levering van technische weefsels, waaronder polypropyleen loopmatting weefsels (lusjesdoeken). Deze lusjesdoeken worden onder meer gebruikt om oevers en taluds te beschermen tegen erosie als gevolg van stroming en/of golfslag. Op 8 juli 1996 hebben CSR Ltd (hierna: CSR) en Corporacion Argentina Technologica (hierna: CAT) een licentieovereenkomst gesloten. Op basis van deze overeenkomst is het CAT toegestaan om met toepassing van een ontwikkelde ‘Product Technology’ onder de naam Flexmat betonblokken matten te vervaardigen en te verkopen. De licentievergoeding die CAT verschuldigd was, werd berekend aan de hand van de oppervlakte aan lusjesdoek dat Robusta aan CAT had geleverd en werd via Robusta aan CSR betaald. Robusta heeft eind 1998 aangegeven dat zij niet meer verantwoordelijk wil zijn voor het betalen van de royalty’s. Op 15 juni 2001 is het Australische octrooi van CSR aan Marecon overgedragen. Bij brief van 7 juni 2013 heeft Marecon jegens Robusta aanspraak gemaakt op gemelde royalty tot een geschat bedrag van € 860.000,-. Dit werd ook onder meer in eerste aanleg gevorderd. De rechtbank wees de vorderingen echter af. Het vonnis wordt bekrachtigd.

 

Het hof oordeelt allereerst dat Nederlands recht van toepassing is op de rechtsverhouding tussen Marecon en Robusta. Robusta heeft onbetwist gesteld dat zij niet betrokken was bij de totstandkoming van de Licentieovereenkomst. Robusta is niet als partij vermeld in de Licentieovereenkomst en zij heeft deze niet ondertekend. De rechtsverhouding tussen Marecon en Robusta, als leverancier van een halffabricaat aan CAT, moet daarom los gezien worden van de Licentieovereenkomst. Indien de rechtsverhouding tussen CSR en Robusta als overeenkomst kwalificeerde is gelet op het EVO-verdrag Nederlands recht van toepassing en kwalificeert de verhouding tussen partijen naar Nederlands recht als lastgeving.

 

CAT is volgens het hof na 1998 geen licentievergoedingen verschuldigd geworden. Robusta heeft aangevoerd dat CAT rond 1998 problemen ondervond bij de aanleg van betonblokken matten voor het Cauleta Paula Port Project, dat zij vergeefs steun heeft gevraagd bij CSR/Marecon en dat zij daarom zelf software heeft ontworpen met behulp van het Waterloopkundig Laboratorium te Delft en dat zij vanaf die datum geen gebruik meer heeft gemaakt van de technologie van CSR en daarom geen licentievergoeding aan CSR/Marecon verschuldigd was. Dit verweer heeft Marecon onvoldoende bestreden. De levering van lusjesdoek door Robusta brengt niet noodzakelijk mee dat daarmee vervaardigde betonblokken matten zijn ontworpen en berekend met behulp van technologie van CSR/Marecon.

 

Voorts wordt geoordeeld dat Robusta niet verplicht is om een licentievergoeding aan CSR/Marecon af te dragen. CAT is als licensee schuldenaar van de verlichting om een licentievergoeding te betalen en dat dat betaling via Robusta is geschied maakt Robusta geen schuldenaar van de verbintenis naar het oordeel van het hof. Robusta is niet betrokken geweest bij de totstandkoming van de licentieovereenkomst en de lastgevingsovereenkomst tussen CSR/Marecon en Robusta moet los van de Licentieovereenkomst worden gezien. Voorts wordt overwogen dat Robusta en CSR in 1998 zijn overeengekomen dat Robusta niet langer als doorgeefluik zou fungeren voor de inning van de licentievergoeding. Ten slotte wordt overwogen dat Robusta zich heeft beroepen op dat zij de lastgeving in 1998 heeft opgezegd, welk verweer ook gegrond is.  

 

IEPT20190115, Hof Arnhem-Leeuwarden, Marecon v Robusta

 

ECLI:NL:GHARL:2019:285