Ziggo mag door DFW gevorderde afgifte van gegevens van IP-adressen waarmee The Hitman’s Bodyguard is gedownload weigeren

Print this page 07-11-2019
IEPT20191105, Hof Arnhem-Leeuwarden, DFW v Ziggo
(Met dank aan Jens van den Brink, Kennedy Van der Laan)

Beoordeling vordering gegevens Ziggo-klanten op wiens IP-adres The Hitman’s Bodyguard is gedownload aan de hand van art. 6 lid 1 sub f AVG: verstrekken persoonsgegevens is vorm van verwerking, Ziggo is aan te merken als verwerkingsverantwoordelijke, geen toestemming gegeven voor vestrekking gegevens aan derden.  DFW heeft gerechtvaardigd belang bij verstrekking gegevens: gelegen in verhalen schade opzettelijke IE-inbreuk. Verwerking is bovendien noodzakelijk voor onderzoek naar identiteit inbreukmakers. Vordering wordt echter afgewezen nu belangenafweging uitvalt in nadeel van DFW: weliswaar kan Ziggo zich tegen de achtergrond van HvJEU Coty (IEPT20150716) en Bastei Lübbe (IEPT20181018) niet onbeperkt en onvoorwaardelijk beroepen op privacybelang klanten, uit algemene voorwaarden Ziggo is bovendien kenbaar dat klanten instaan voor aanspraken van derden wegens inbreuk auteursrecht, geen sprake van bijzondere persoonsgegevens, nu DFW echter onvoldoende transparant is over vervolgacties en omvang schadevergoeding kan niet worden getoetst of voorgenomen maatregelen in redelijke verhouding staan tot belang Ziggoklant.

 

AUTEURSRECHT - HANDHAVING - PERSOONSGEGEVENS

 

Ziggo handelt niet in strijd met een op haar rustende rechtsplicht door de gevorderde afgifte van persoonsgegevens verbonden aan IP-adressen waarmee The Hitman’s Bodyguard is gedownload te weigeren. Dit oordeelt het Hof Arnhem-Leeuwarden in hoger beroep, nadat de voorzieningenrechter tot hetzelfde oordeel kwam (IEPT20190208).

 

Het verzoek van DFW strandt op het gebrek aan transparantie over de te kiezen vervolgacties en de omvang van de te vorderen schadevergoeding. Dat leidt naar het oordeel van het hof tot een verstoring van het te vinden evenwicht van belangen van DFW enerzijds en de privacybelangen van de Ziggoklanten anderzijds, met name in de situatie dat onzeker is of de betrokken Ziggo-klant ook daadwerkelijk de inbreukmaker is. Ook is onzeker of de kosten en schade die DFW op een individuele inbreukmaker wil verhalen in een redelijke verhouding tot elkaar staan. Hierdoor ontbreekt het volgens het hof aan duidelijke en begrijpelijke criteria aan de hand waarvan een inschatting kan worden gemaakt van de gevolgen van de verstrekking van persoonsgegevens voor de betrokken Ziggo-klanten, en kan niet worden getoetst of de voorgenomen maatregelen in een redelijke verhouding staan tot het belang dat daarmee voor DFW wordt gediend en het privacybelang van de Ziggoklant dat door de gegevensverstrekking wordt geschonden.

 

IEPT20191105, Hof Arnhem-Leeuwarden, DFW v Ziggo

 

ECLI:NL:GHARL:2019:9352