Verpakking Dip & Smeer’m maakt inbreuk op merkenrecht HEKS’NKAAS

Print this page 16-03-2020
IEPT20200312, Rb Gelderland, Heksenkaas v Kuhlmann
(Met dank aan Sven Klos en Allard Ringnalda, KLOS c.s.)

Verpakking HEKS’NKAAS smeerdip kan functioneren als merk: het samenstel van de verschillende elementen van de verpakking schept een duidelijk herkenbaar beeld van het product dat een duidelijke indruk achterlaat, waarmee de verpakking van de HEKS’NKAAS smeerdip zich duidelijk onderscheidt van andere soortgelijke dip en smeerproducten. Verpakking smeerdip Dip & Smeer’m maakt hierop inbreuk ex art 2.20 lid 1 sub b BVIE: waren in ieder geval overeenstemmend, totaalindruk van beide verpakkingen is hetzelfde nu beide bestaan uit transparante plastic kuipjes met daarop een deksel met overstekende rand en een kartonnen banderol met in cartoonachtige stijl getekende afbeeldingen van ingrediënten in dezelfde kleuren, verwarringsgevaar nog versterkt door grote onderscheidende kracht van het bekende HEKS’NKAAS, onvoldoende gemotiveerd onderbouwd dat het woordelement Dip & Smeer’m zo dominerend is dat dit het verwarringsgevaar absorbeert. Ex artikel 1019h Rv gevorderde proceskosten van in totaal ruim 37 duizend euro niet gecompenseerd: nu Kühlmann na beëindiging samenwerking met HEKS’NKAAS is overgegaan tot de productie van een soortgelijke smeerdip met inbreukmakende verpakking is aannemelijk dat zij bewust heeft willen profiteren van het succes van HEKS’NKAAS en is het redelijk dat de kosten voor haar rekening en risico komen.

 

MERKENRECHT

 

Een nieuwe zaak over de smeerdip HEKS’NKAAS. Dit maal betreft het een gestelde inbreuk op het beeldmerk van de verpakking. Heksenkaas stelt dat Kühlmann als voormalig producent van een belangrijk ingrediënt voor de originele HEKS’NKAAS, nadat de samenwerking is geëindigd, is overgegaan tot de productie van een soortgelijke smeerdip waarvan de verpakking inbreuk maakt op haar merk.

 

De voorzieningenrechter overweegt dat de HEKS’NKAAS- verpakking kan functioneren als merk nu het samenstel van de verschillende elementen van de verpakking een duidelijk herkenbaar beeld van het product schept dat een duidelijke indruk achterlaat, waarmee de verpakking van de HEKS’NKAAS smeerdip zich duidelijk onderscheidt van andere soortgelijke dip en smeerproducten.

 

Vervolgens oordeelt de voorzieningenrechter dat inderdaad sprake is van inbreuk  ex art 2.20 lid 1 sub b BVIE. De waren zijn in ieder geval overeenstemmend en de totaalindruk van beide verpakkingen is hetzelfde, zo stelt de voorzieningenrechter vast. Bovendien is onvoldoende gemotiveerd onderbouwd dat het woordelement Dip & Smeer’m zo dominerend is dat de totaalindruk verschillend wordt. Het verwarringsgevaar wordt nog versterkt door grote onderscheidende kracht van het, gelet op de ingebrachte marktonderzoeken, bekende HEKS’NKAAS.

 

De ex artikel 1019h Rv gevorderde proceskosten van in totaal ruim 37 duizend euro worden niet gecompenseerd. Nu Kühlmann na beëindiging samenwerking met HEKS’NKAAS is overgegaan tot de productie van een soortgelijke smeerdip met inbreukmakende verpakking is aannemelijk dat Kühlmann bewust heeft willen profiteren van het succes van de HEKS’NKAAS en is het redelijk dat de kosten voor haar rekening en risico komen, zo concludeert de voorzieningenrechter.

 

IEPT20200312, Rb Gelderland, Heksenkaas v Kühlmann

 

ECLI:NL:RBGEL:2020:1714