Kwader trouw bij depot merken voor partytenten

Print this page 20-05-2020
IEPT20200506, Rb Oost-Brabant, Gala v Xales

Xales heeft Beneluxmerken Pro 40 en Pro 50 te kwader trouw gedeponeerd: Xales wist of behoorde te weten dat Gala gelijke of overeenstemmende tekens gebruikte, Gala gebruikte deze tekens ter aanduiding van een product, geen sprake van voor-voorgebruik met een substantiële omvang, Xales had met het depot het oogmerk om Gala het gebruik van de aanduidingen te verhinderen. Merken nietig verklaard voor soortgelijke waren als die waarvoor Gala de tekens gebruikte: Gala heeft zich niet verweerd tegen het standpunt dat de nietigverklaring beperkt moet worden tot de producten die zowel Gala als Xales aanbieden. Artikel 1019h Rv niet van toepassing: onvoldoende onderbouwd dat de nietigheidsprocedure is gestart in verband met een concrete of concreet dreigende inbreukactie.

 

MERKENRECHT - PROCESKOSTEN 

 

Xales heeft de Beneluxmerken Pro 40 en Pro 50 te kwader trouw gedeponeerd, zo oordeelt de rechtbank Rotterdam. Xales wist of behoorde namelijk te weten dat Gala (soort-) gelijke tekens gebruikte voor gelijke waar, te weten partytenten. Er is geen sprake van voor-voorgebruik met een substantiële omvang en  Xales had met het depot het oogmerk om Gala het gebruik van de aanduidingen Pro 40 en Pro 50 te verhinderen.

 

De merken worden slechts nietig verklaard voor soortgelijke waren als die waarvoor Gala de tekens gebruikte, nu Gala zich niet heeft verweerd tegen het standpunt dat de nietigverklaring beperkt moet worden tot de producten die zowel Gala als Xales aanbieden.

 

Tot slot oordeelt de rechtbank dat artikel 1019h Rv niet van toepassing is. De rechtbank overweegt dat de inbreukvraag (en daarmee de toepasselijkheid van artikel 1019h Rv) ook aan de orde is in nietigheidsprocedures die samenhangen met een concrete (voorgenomen) inbreukactie, en dat het daarbij geen verschil maakt of het verweer van de vermeende inbreukmaker tegen handhavend optreden van de houder van het intellectuele eigendomsrecht wordt gevoerd in de vorm van een vordering tot nietigverklaring die voorafgaat aan het verwachte optreden van de rechthebbende, dan wel in reactie daarop. In casu is volgens de rechtbank echter onvoldoende onderbouwd dat de nietigheidsprocedure is gestart in verband met een concrete of concreet dreigende inbreukactie.

 

IEPT20200506, Rb Oost-Brabant, Gala v Xales

 

ECLI:NL:RBOBR:2020:2620