Gerecht had rekwirante moeten laten reageren op de ambtshalve vaststelling van de kamer van beroep over het onderscheidend vermogen van het merk PRIMA

Print this page 19-06-2020
IEPT20200618, HvJEU, Primart v EUIPO

Gerecht heeft blijk gegeven van een onjuiste rechtsopvatting door de argumenten van rekwirante betreffende het vermeende geringe onderscheidend vermogen van het oudere merk PRIMA niet-ontvankelijk te verklaren op grond dat deze argumenten voor het eerst voor het Gerecht waren aangevoerd: de kamer van beroep heeft ambtshalve uitspraak gedaan over het intrinsieke onderscheidend vermogen van het oudere merk, waardoor rekwirante in staat moet worden gesteld hierop te reageren.  Onjuiste rechtsopvatting brengt vernietiging van het bestreden arrest met zich mee: het bestreden arrest kan slechts worden bevestigd indien de onjuiste opvatting volstrekt irrelevant is voor de uitkomst van de zaak, nu het onderscheidend vermogen van het oudere merk een van de relevante omstandigheden is bij het beoordelen van verwarringsgevaar kan niet worden uitgesloten dat het Gerecht tot een andere conclusie zou zijn gekomen indien het de argumenten van rekwirante ontvankelijk had geacht, zelfs indien het Gerecht ten overvloede de door rekwirante aangevoerde argumenten betreffende het geringe onderscheidend vermogen van het oudere merk als ongegrond heeft afgewezen, dient het bestreden arrest wegens ontoereikende motivering te worden vernietigd.

 

MERKENRECHT

 

Gerecht heeft blijk gegeven van een onjuiste rechtsopvatting door de argumenten van rekwirante betreffende het vermeende geringe onderscheidend vermogen van het oudere nationale merk PRIMA niet-ontvankelijk te verklaren in een procedure omtrent een oppositie tegen de inschrijving van het merk PRIMART op grond dat deze argumenten voor het eerst voor het Gerecht waren aangevoerd. De kamer van beroep heeft namelijk ambtshalve uitspraak gedaan over het intrinsieke onderscheidend vermogen van het oudere merk, waardoor rekwirante in staat moet worden gesteld hierop te reageren, zo oordeelt het HvJEU.

 

Deze onjuiste rechtsopvatting brengt volgens het Hof vernietiging van het bestreden arrest met zich mee. Het bestreden arrest kan namelijk slechts worden bevestigd indien de onjuiste opvatting volstrekt irrelevant is voor de uitkomst van de zaak. Nu het onderscheidend vermogen van het oudere merk een van de relevante omstandigheden is bij het beoordelen van verwarringsgevaar kan niet worden uitgesloten dat het Gerecht tot een andere conclusie zou zijn gekomen indien het de argumenten van rekwirante ontvankelijk had geacht. Zelfs indien het Gerecht ten overvloede de door rekwirante aangevoerde argumenten betreffende het geringe onderscheidend vermogen van het oudere merk als ongegrond heeft afgewezen, dient het bestreden arrest wegens ontoereikende motivering te worden vernietigd.

 

Het bovenstaande betekent dat de zaak wordt terugverwezen naar het Gerecht.

 

IEPT20200618, HvJEU, Primart v EUIPO

 

C-702/18 P - ECLI:EU:C:2020:489