Handelaar heeft Chinese Puma-pakken in het economische verkeer gebracht

18-10-2022 Print this page
Auteur:
Birgit Kunst-Verboon
IEPT20221012, Rb Den Haag, Puma
(Met dank aan Carja Mastenbroek, GoodLaw)

Handelaar maakt inbreuk op merkenrecht Puma door 8 trainingspakken waarop tekens zijn aangebracht die gelijk zijn aan de Puma-merken aan te bieden en in de handel te brengen: gedaagde onvoldoende aannemelijk gemaakt dat hij de trainingspakken niet in het economische verkeer heeft gebracht.  

MERKENRECHTIE-VERBINTENISSEN

Gedaagde heeft op 19 februari 2020 een verklaring ondertekend waarin onder meer is opgenomen dat gedaagde heeft erkend kleding te hebben verkocht met daarop merken van Puma zonder toestemming van Puma en dat Puma een betalingsregeling voor de schadevergoeding aanbiedt. Op enig moment heeft Puma ontdekt dat gedaagde na 19 februari 2020 9 Puma-trainingspakken afkomstig uit China heeft gekocht en 8 heeft doorverkocht, zonder toestemming van Puma. Puma vordert onder andere het staken van de merkinbreuk en opgave van de leverancier(s), maker(s), producent( en), distributeur(s), verkoper(s), vervoerder(s) en afnemer(s) te doen.


Gedaagde geeft aan inderdaad 9 trainingspakken uit China te hebben besteld, maar dat deze bestemd waren voor vrienden en familie. Zij hebben ieder voor zich een geldbedrag aan hem verstrekt. Volgens gedaagde is geen sprake van ‘gebruik in het economisch verkeer’. Volgens Puma is daar wel sprake van, omdat het gaat om 9 stuks in 1 bestelling in verschillende maten. De foto’s van de acht familieleden die gedaagde als bewijs heeft ingebracht vallen volgens Puma niet in overeenstemming te brengen met de overgelegde schriftelijke verklaringen van de 'familieleden', aangezien vijf van de acht afkomstig zijn van vrouwen, terwijl op de foto’s maar 2 vrouwen zijn afgebeeld.

De rechtbank is het met Puma eens en oordeelt dat gedaagde inbreuk maakt op de merkenrechten van Puma.

Het is onduidelijk op welke dagen/dagdelen sprake is geweest van merkinbreukmakend handelen. Met zekerheid is vast te stellen, dat gedaagde één dag inbreuk heeft gemaakt op de Puma-merken en hij is dus in ieder geval een bedrag van 1.000,-- als boete aan Puma verschuldigd. Of hij een nog hoger boetebedrag heeft verbeurd, kan de rechtbank niet vaststellen. De informatie die-aan Puma moet verstrekken, zal hierover (mogelijk) duidelijkheid verstrekken.

 

IEPT20221012, Rb Den Haag, Puma

ECLI:NL:RBDHA:2022:10533

(Kopie originele vonnis)