Inzage bewijsbeslag en vordering inlogcodes bestanden in merkinbreukzaak parfumflesjes

17-04-2023 Print this page
IEPT20230324, Rb Den Haag, Creation Luxe Design

Merkinbreuk parfumflesjes. Inzage in bewijsbeslag toegewezen. Gedaagde stelt dat zij haar bedrijf, inclusief activa heeft verkocht, maar onderbouwt de verkoop en levering onvoldoende. Bij de proefaankoop zijn parfumflesjes gevonden die een verboden stof bevatten en de verpakking beschadigd was. Gedaagde dient wachtwoorden te geven voor toegang tot digitale bestanden. De gevorderde lijfsdwang is afgewezen.

MERKENRECHT - EXHIBITIE - LIJFSDWANG
 

Creation Luxe Design c.s. begint een rechtszaak tegen gedaagde over merkinbreuk op haar merken MANCERA MONTALE. Zij heeft bewijsbeslag laten leggen op parfumflesjes en administratie. Zij vraagt in dit kort geding om dit bewijs te mogen inzien. De voorzieningenrechter staat dat toe.

 

Gedaagde zegt dat de in beslag genomen goederen niet van haar zijn, omdat zij haar bedrijf had verkocht. Het had op de weg van gedaagde gelegen om de gestelde verkoop en levering voldoende te onderbouwen. Dat heeft zij niet gedaan. 

 

Er zijn ook genoeg aanwijzingen dat er merkinbreuk is gemaakt. Bij een proefaankoop zijn namelijk parfumflesjes gekocht die een verboden stof bevatten en waarvan de verpakking beschadigd was. Sinds maart 2022 zijn cosmetische producten met de stof butylphenyl methylpropional verboden. In 2021 is een terugroepactie gedaan bij de winkeliers en distributeurs.

 

Op de proefaankoop zijn niet-originele stickers geplakt. Dergelijke beschadigingen zich voordoen bij illegale parallelimport en deze beschadigingen tasten de reputatie van de merken aan.

 

CLD c.s. heeft ook gevraagd om gedaagde te verplichten wachtwoorden voor toegang tot digitale bestanden te geven. De voorzieningenrechter wijst dat ook toe. 

 

Wanneer gedaagde geen wachtwoorden geeft, wil CLD c.s. dat lijfsdwang wordt toegepast. Het - uitsluitend zakelijke - belang van CLD c.s. bij het verkrijgen van inzage in een deel van de digitale administratie, dit om uiteindelijk een vordering tot het opleggen van een inbreukverbod en verplichting tot schadevergoeding te kunnen onderbouwen, weegt naar voorlopig oordeel niet op tegen het - persoonlijke - belang van [gedaagde] om niet in gijzeling te worden genomen in een huis van bewaring, voor de duur van maximaal een jaar.

 

De voorzieningenrechter vindt dat niet passend in deze zaak en wijst dat af.

ECLI:NL:RBDHA:2023:4154