Schadevergoeding voor onrechtmatig handelen met sjoemeldieselsoftware Volkswagen
01-05-2023 Print this page
Aansprakelijkheid Volkswagen tegenover consument voor de aankoop van een ‘sjoemeldieselauto’, voorzien van manipulatiesoftware. Onrechtmatig handelen van Volkswagen tegenover de consument. Volkswagen heeft zich schuldig gemaakt aan overtreding van de Emissieverordening, bedrog en oneerlijke handelspraktijken jegens consument, waarmee zij onrechtmatig jegens hem heeft gehandeld. Schadevergoeding van €3.000,- voor lagere waarde van de auto toegekend, zoals in collectieve actie-uitspraak is bepaald.
MISLEIDING - ONRECHTMATIGE DAAD - ONEERLIJKE HANDELSPRAKTIJK
Volkswagen heeft als autofabrikant jegens consument als koper van een Volkswagen Polo die door Volkswagen was voorzien van manipulatiesoftware, een onrechtmatige daad heeft gepleegd, die Volkswagen verplicht tot betaling van schadevergoeding. De kantonrechter wijst een schadevergoeding van € 3.000,- toe.
Kort gezegd ziet de Kaderrichtlijn in samenhang met de Emissieverordening volgens het Hof van Justitie dus (ook) op de bescherming van de (vermogens)belangen van een individuele koper die een voertuig koopt dat is uitgerust met een verboden manipulatie-instrument.
Volkswagen heeft met haar handelwijze consumenten misleid hetgeen in strijd is met wat volgens ongeschreven recht in het maatschappelijk verkeer betaamt. Bij de aankoop van een product mag de consument ervan uitgaan dat een producent heeft voldaan aan alle voorwaarden voor het op de markt brengen van het product. Daarvan is hier echter evident geen sprake geweest door de installatie, het gebruik en het verzwijgen van de manipulatie-software in de betreffende auto's.
De wettelijke regeling inzake oneerlijke handelspraktijken is van toepassing op het handelen van Volkswagen.
Volkswagen heeft in de gegeven omstandigheden als handelaar gehandeld in strijd met de eisen van professionele toewijding, als bedoeld in artikel 6:193b lid 2 onderdeel a BW. Professionele toewijding bestaat uit zorgvuldigheid en vakkundigheid.
Er is voldaan aan het cumulatieve vereiste dat door het handelen van Volkswagen het vermogen van de gemiddelde consument om een geïnformeerd besluit te nemen merkbaar is beperkt, als bedoeld in artikel 6:193b lid 2 onderdeel b BW.
Bovendien sprake van een misleidende handelspraktijk als bedoeld in artikel 6:193b lid 3 sub a BW. Waar het om gaat, is dat Volkswagen de testresultaten heeft gemanipuleerd ten behoeve van het verkrijgen van een typegoedkeuring, waardoor onduidelijk is in hoeverre de betreffende auto’s daadwerkelijk voldeden aan de geldende normen. De kantonrechter komt gelet op het vorenstaande tot de conclusie dat Volkswagen in de periode 2009-2015 informatie aan consumenten heeft verstrekt die feitelijk onjuist was of die de gemiddelde consument misleidt of kan misleiden ten aanzien van de voornaamste kenmerken van het product, waardoor de gemiddelde consument een besluit over een overeenkomst kon nemen dat hij anders niet had genomen.
Er is geen aanleiding om de schade te begroten op de koopprijs van de auto verminderd met de restwaarde. De kantonrechter ziet aanleiding om de omvang van de door consument geleden schade met toepassing van artikel 6:97 BW te schatten.
De rechtbank Amsterdam heeft, in een collectieve actieprocedure ECLI:NL:RBAMS:2021:3617, de prijsvermindering begroot op een bedrag van € 3.000,- voor consumenten die een nieuwe auto hadden gekocht en een bedrag van € 1.500,- voor consumenten die een tweedehands auto hadden gekocht.
Er wordt geen vergoeding gegeven voor de (gratis) de software-update, vervanging van de EGR-koeler (die is volledig gecompenseerd) noch een vergoeding voor het verhoogd brandstofverbruik door de software-update. Voor dat laatste is geen bewijs overlegd dat er causaal verband bestaat.