Executie: Interpretatie "inbreukmakende producten" gaat over slechts de bij de massa-aanbiedingen aangeboden producten

15-09-2025 Print this page
IEPT20250801, Rb Rotterdam, Futurist v Sisley

Een parallelhandelaar is bij vonnis veroordeeld om gegevens aan een merkhouder te verstrekken in verband met twee aanbiedingen die merkinbreuk maakten. De parallelhandelaar vindt dat zij aan het vonnis IEPT20250604 heeft voldaan, maar de merkhouder vindt van niet. Dat ligt ten dele aan de interpretatie van het vonnis en de term "Inbreukmakende producten"en voor een ander deel aan de onduidelijkheid van de gegevens die zijn verstrekt. De merkhouder dreigt met executie van flinke dwangsommen. De parallelhandelaar vordert om staking van executie totdat duidelijkheid is verkregen in het hoger beroep in de bodemzaak. De vordering wordt grotendeels toegewezen.

 


Tussen partijen is in geschil wat onder “Inbreukmakende Producten” moet worden verstaan. [eiseres] stelt dat dit alleen de specifieke producten betreft die bij de massa-aanbiedingen zijn aangeboden. Sisley meent dat het gaat om alle productcategorieën of -typen die in de massa-aanbiedingen zijn genoemd en in 2023 en 2024 door [eiseres] zijn ingekocht, aangeboden en verhandeld.
 

De rechtbank heeft in 4.35 en 4.36 van het vonnis geoordeeld dat het belang van Sisley bij de opgaveverplichting is gelegen in het vaststellen van (de omvang van) de schade. Daarbij is bepaald dat slechts de bij de massa-aanbiedingen aangeboden producten met een of meer Sisley-merken als “Inbreukmakende Producten” gelden.
 

De voorzieningenrechter oordeelt dat dit de uitleg is waarvan [eiseres] in redelijkheid mocht uitgaan. Het gaat dus niet om de doelmatige bestrijding van merkinbreuk in bredere zin, maar om de schadevaststelling. Daarom hoeft [eiseres] geen opgave te doen van alle in- en verkopen van producten van hetzelfde soort, maar alleen van de concreet bij de massa-aanbiedingen aangeboden producten. Omdat er geen serieuze aanwijzingen zijn voor namaakproducten, wordt het standpunt van Sisley op dat punt verworpen.
 

De uitleg die [eiseres] aan het vonnis geeft over de opgaveverplichting is juist.

 

Sisley stelt dat [eiseres] geen juiste opgave heeft gedaan en dwangsommen heeft verbeurd. De voorzieningenrechter oordeelt dat de verkooplijsten voldoende aanknopingspunten bieden en dat niet aannemelijk is dat de massa-aanbiedingen tot transacties of voorraden hebben geleid. Ook de overige bezwaren van Sisley (Australische inkoop, Vietnamese prijslijst, websitevermelding, brochures) vallen buiten de opgaveverplichting of missen grond. Er zijn dus geen dwangsommen verbeurd.

 

ECLI:NL:RBROT:2025:10760