Handelt Google / Media Concept onrechtmatig jegens concurrent van adverteerder door product via Google Shopping aan te bieden voor prijs en tegen voorwaarden die verschillen van prijs en voorwaarden voor hetzelfde product op eigen website. De rechtbank IEPT20220601 oordeelde dat Media Concept zich niet schuldig maakte aan misleidende reclame, ongeoorloofde vergelijkende reclame of anderszins aan een oneerlijke handelspraktijk en wees de vordering af. Het hof bevestigt dit oordeel. De HR doet de zaak af middels 81 RO.
MISLEIDENDE RECLAME OF HANDELSPRAKTIJK
Uit de Conclusie AG (B9 16818): Deze zaak gaat over reclame-uitingen over printercartridges via Google Shopping. Na een zoekopdracht naar bepaalde types printercartridges vertoonde Google Shopping onder meer een mededeling van de website www.prindo.nl (geëxploiteerd door Media Concept Bürobedarf GmbH, hierna: ‘Media Concept’), met daarbij een vermelde prijs en de knop “Site bezoeken”. Een klik op deze knop bracht de bezoeker op een bij prindo.nl ingerichte ‘landingspagina’, waar de genoemde cartridge tegen de op Google Shopping getoonde prijs te koop was. Er gold daarbij een restrictie tot één exemplaar per bestelling per klant. Bij een direct bezoek aan prindo.nl kon hetzelfde type printercartridge worden besteld, maar tegen een andere (hogere) prijs en zonder de restrictie tot één exemplaar per bestelling per klant.
Digital Revolution, de partij achter 123inkt.nl en concurrent van Media Concept, betoogt in de parallelle procedure met zaaknummer 24/03815 dat Media Concept zich met deze handelwijze schuldig maakt aan een oneerlijke handelspraktijk (art. 6:193a e.v. BW), aan misleidende reclame (art. 6:194 BW) en aan ongeoorloofde vergelijkende reclame (art. 6:194a BW). In deze procedure heeft zij Google, aanbieder van Google Shopping, vanwege dezelfde feiten in rechte betrokken. (…)
Het hof (IEPT20240716) heeft geoordeeld dat geen sprake is van misleiding en dus evenmin van een oneerlijke handelspraktijk of van misleidende reclame. Ook het betoog dat sprake zou zijn van ongeoorloofde vergelijkende reclame heeft het hof verworpen. In cassatie worden deze oordelen door Digital Revolution bestreden, onder meer met een beroep op richtlijnconforme uitleg van het begrip ‘misleiding’ en klachten over het weglaten van essentiële informatie.
De Hoge Raad volgt de conclusie AG en oordeelt dat geen van de klachten tot cassatie kan leiden en doet de zaak af op basis van artikel 81 RO.
IEPT-versie volgt later