Gerecht EU

Print this page

2010 - Gerecht EU

 

IEPT20100913, GEU, Schniga v CBP

Beoordelingsvrijheid CBP: beoordelingsbevoegdheid omvat het recht om,

de voorwaarden te preciseren die het voor het onderzoek van een aanvraag voor een communautair kwekersrecht stelt. In dit verband vereisen het beginsel van behoorlijk bestuur en de noodzaak van een vlot en doeltreffend verloop van de procedure dat wanneer het van mening is dat de door hem opgemerkte onnauwkeurigheid kan worden gecorrigeerd, het CBP het onderzoek van de bij hem ingediende aanvraag kan voortzetten en in dat geval niet gehouden is die aanvraag af te wijzen.

 

IEPT20100622, GEU, Shenzhen v BHIM

Openbaarmaking tijdens commerciële beurs en in gespecialiseerde pers. Geïnformeerde gebruiker – geen technisch deskundige: Het bijvoeglijke naamwoord „geïnformeerd” suggereert dat de gebruiker, zonder een ontwerper of een technisch deskundige te zijn, de in de betrokken sector bestaande verschillende modellen kent, een zekere kennis bezit met betrekking tot de elementen die deze modellen over het algemeen bevatten, en door zijn belangstelling voor de betrokken voortbrengselen blijk geeft van een vrij hoog aandachtsniveau bij gebruik ervan.

 

IEPT20100615, GEU, X Technology Swiss v BHIM
Intrinsiek onderscheidend vermogen niet bewezen: blijkt uit geen enkel gegeven dat verzoeksters mogelijke commerciële succes voortvloeit uit het feit dat de oranje kleur van de punten van de door haar vervaardigde sokken door het relevante publiek als intrinsiek onderscheidend is opgevat. Sokken – weinig aandachtig publiek: worden normaal gesproken niet aangetrokken alvorens ze worden gekocht.

 

IEPT20100512, GEU, Beifa v BHIM

Nietigheid beslissing kamer van beroep wegens vergelijking met ander teken dan het oudere beeldmerk. Voor nietigheid model niet vereist ouder teken hetzelfde is, maar dat het overeenstemmend is. Niet nodig dat publiek model als onderscheidend teken opvat. erzoek om bewijs normaal gebruik ouder merk niet pas in beroep.

 

IEPT20100421, GEU, Peek&Cloppenburg v BHIM

Geen verwarringsgevaar: Een louter begripsmatige overeenstemming van de merken volstaat niet om verwarringsgevaar te creëren wanneer het merk geen bijzondere bekendheid geniet en bestaat in een afbeelding met weinig fantasieelementen. Visuele en fonetische verschillen, waaraan meeste gewicht toekomt gelet op verkoopmodaliteiten, neutraliseert zwakke begripsmatige overeenstemming. Na overdracht nieuwe rechthebbende partij in procedure.

 

IEPT20100325, GEU, Nestle v BHIM
Vanwege overeenstemming is verwarringsgevaar ten onrechte niet onderzocht: Aangezien er op visueel en begripsmatig vlak sprake was van overeenstemming, ook al was die zwak, had de kamer van beroep moeten overgaan tot de beoordeling van het gevaar voor verwarring van de conflicterende merken. Mate van onderscheidend vermogen relevant voor verwarringsgevaar niet voor overeenstemming. Zwakke visuele en begripsmatige overeenstemming. Element (rode mok op bedje van koffiegranen) niet verwaarloosbaar voor opgeroepen totaalindruk

 

IEPT20100318, GEU, Grupo Promer Mon Graphic v BHIM

Betwiste model wekt geen van het oudere model verschillende algemene indruk. Sterk beperkte ontwerpvrijheid wegens in voortbrengsel te integreren gemeenschappelijke kenmerken en veiligheidseisen.Voortbrengsel waarin model wordt verwerkt: rekening moet worden gehouden met de desbetreffende opgave in de aanvraag voor inschrijving van dit model rekening, maar in voorkomend geval ook met het model zelf, voor zover daaruit de aard van het voortbrengsel, de bestemming of de functie ervan naar voor komt. Kwade trouw geen grond voor nietigheid gemeenschapsmodel

 

IEPT20100317, GEU, Maurer v BHIM

Ontvankelijkheid: Geen nieuw element - al verwoord bij oppositieakte door aankruisen vak 95. Bij door Bureau niet beoordeeld argument is enkel vernietiging besluit mogelijk; geen mogelijkheid tot verwerping beroep met eigen motivering Gerecht

 

IEPT20100317, GEU, Maurer v BHIM
Geen verwarringsgevaar vormmerken flessen: Gelet op het feit dat er belangrijke verschillen tussen de conflicterende tekens bestaan en verzoekster niet heeft aangetoond in welk opzicht het oudere merk een groot onderscheidend vermogen heeft, wettigt het loutere feit dat de twee flessen een spiraalvormige hals hebben, niet de conclusie dat er gevaar voor verwarring van de conflicterende merken bestaat, ook al zijn de betrokken waren dezelfde.

 

IEPT20100210, GEU, O2 v BHIM - Homezone

Onderscheidend vermogen en beschrijvend karakter merk: Ten onrechte enkel analyse beschrijvend karakter in de zin van artikel 7(1)(c) GMeV en geen onderzoek naar onderscheidend vermogen in de zin van artikel 7(1)(b) GMeV

 

IEPT20100120, GEU, Nokia – Life Blog
Overeenstemmende tekens LIFE en LIFE BLOG: dat bij een globale beoordeling de betrokken merken overeenstemmen. Deze beoordeling moet worden bevestigd. dat de mate van overeenstemming van de betrokken merken en de gelijkheid of de mate van soortgelijkheid van de erdoor aangeduide waren en diensten tezamen genomen hoog genoeg zijn.

 

2009 - Gerecht van Eerste Aanleg EG

 
IEPT20091210, GvEA, Stella v BHIM
Vordering tot vervallenverklaring merk hangende oppositieprocedure tegen merkaanvraag geen misbruik van recht. dat verzoeksters betoog dat de indiening door interveniënte van de vordering tot vervallenverklaring van het litigieuze merk rechtsmisbruik vormt omdat de oppositieprocedure nog liep, niet kan worden aanvaard

 

IEPT20091202, GvEA, Volvo v BHIM - Solvo
Fonetische overeenstemming Volvo en Solvo: Zoals verzoekster betoogt, houdt de verschillende eerste letter van de litigieuze tekens echter weliswaar een fonetisch verschil in, maar de uitspraak van de groep van de volgende vier letters, „olvo”, blijft strikt gelijk en behoudt dus noodzakelijkerwijs een mate van overeenstemming

 

IEPT20091119, GvEA, Cannabis

Cannabis een beschrijvend teken: dat het teken CANNABIS verwijst naar de cannabisplant, die ten gevolge van de mediatisering ervan bij het publiek goed bekend is en die wordt gebruikt bij de productie van een aantal levensmiddelen en dranken. De gemiddelde consument legt dus onmiddellijk en zonder verder nadenken een verband tussen het betrokken teken en de kenmerken van de waren waarvoor het merk is ingeschreven, hetgeen van dit teken een beschrijving maakt.

 

IEPT20090929, GvEA, The Smiley Company v BHIM
Geen onderscheidend vermogen: Het betrokken merk bevat geen enkel aspect dat door het – zelfs betrekkelijk oplettende – relevante publiek gemakkelijk en onmiddellijk kan worden onthouden en op grond waarvan dit merk onmiddellijk kan worden opgevat als een aanduiding van de commerciële herkomst van de betrokken waren. Waren behorend tot de modesector in ruime zin: kan niet worden aangenomen dat het relevante publiek bijzonder oplettend is

 

IEPT20090630, GvEA, Danjaq v BHIM - Dr. No
Geen algemeen bekend merk: Dr. No niet gebruikt als aanduiding voor commerciële herkomst film. Het gebruik van het teken Dr. No op de hoezen van videobanden, op dvd’s, muziekopnames, boeken, stripverhalen, posters, miniatuurauto’s en uurwerken vomrt geen gebruik als merk. Bijgevolg kunnen de tekens Dr. No en Dr. NO niet worden beschouwd als niet-ingeschreven merken.

 

IEPT20090512, GvEA, Jurado Hermanos v BHIM

Geen herstel in vorige toestand niet-vernieuwde merkinschrijving: Licentienemer die niet door merkhouder is gemachtigd tot vernieuwing van de merkinschrijving te verzoeken is geen partij in procedure tot herstel in vorige toestand

 

IEPT20090429, GvEA, Borco-Marken v BHIM - α

Letters op zich zonder grafische versieringen kunnen onderscheidend vermogen hebben. Concreet onderzoek naar onderscheidend vermogen vereist. Belang van beschikbaarheid van tekens staat aan geschiktheid als merk niet in de weg.

 

IEPT20090404, GvEA, Zuffa v BHIM - Ultimate Fighting Championship

Onvoldoende motivering voor niet homogene groep van 215 waren in vier verschillende klassen. De waren en diensten waarop het aangevraagde merk betrekking heeft, verschillen dus dermate van elkaar wat de aard, de kenmerken, de bestemming en de verkoopmethode ervan betreft dat zij niet kunnen worden geacht een homogene categorie te vormen met betrekking tot welke de kamer van beroep een globale motivering mag ontwikkelen.

 

IEPT20090325, GvEA, L'Oreal v BHIM Spa Therapy

Verwarringsgevaar: de verschillen tussen de tekens, doordat het woord "therapy" voorkomt in het aangevraagde merk, niet kunnen opwegen tegen de hoge mate van overeenstemming van de conflicterende tekens, doordat het oudere merk aan het begin van het aangevraagde merk voorkomt en daarin een zelfstandige onderscheidende plaats inneemt. Dezelfde waren.

 

IEPT20090325, GvEA, Anheuser-Busch v BHIM - Budweiser

Bewijs normaal gebruik ouder merk: De kamer van beroep heeft inzonderheid verwe-zen naar de reclameadvertenties waarin bier van Budvar was afgebeeld onder het merk BUDWEISER, naar de aan afnemers in Duitsland en in Oostenrijk gerichte facturen en naar het feit dat deze reclameadvertenties en deze facturen op het relevante tijdvak betrekking hadden. Motivering soortgelijkheid bier en alcoholvrij bier.

 

IEPT20090120, GvEA, Commercy v BHIM - easyHotel

Geen soortgelijkheid computertechnische diensten en hotelreserveringssysteem.

 

2008

 

IEPT20081119, GvEA, Schräder v CPVO - Sumcol

Beperkte rechterlijke toetsing onderscheidbaarheid ras

 

IEPT20081112, GvEA, Lego

Lego vormmerk nietig: Wezenlijke kenmerken van de vorm worden veroorzaakt door technische uitkomst ook indien deze uitkomst kan worden verkregen door andere vormen. De wezenlijke kenmerken van een vorm moeten op objectieve wijze worden vastgesteld, op basis van de grafische voorstelling ervan en eventuele beschrijvingen die op het ogenblik van de merkaanvraag werden ingediend perceptie consument niet relevant.

 

IEPT20081015, GvEA, Manpower

Inburgering manpower als onderscheidend merk voor uitzendbureaus in Verenigd koninkkrijk, Ierland, Duitsland en Oostenrijk bewezen

 

IEPT20080917, GvEA, Neurim Pharmaceuticals

beroep niet-ontvankelijk

 

IEPT20080909, GvEA, SEAT v Magic Seat

Gevaar voor verwarring woordmerk "magic seat" met het in Spanje bekende merk SEAT. Vissuele gelijkenis omdat woordbestanddeel "SEAT"domineert in beeldmerk van SEAT. Fonetische gelijkenis: woord zal onmiddellijk een associatie met de welbekende Spaanse automobielconstructeur Seat oproepen

 

IEPT20080617, GvEA, Boomerang

Soortgelijkheid en overeenstemming noodzakelijke voorwaarden voor verwarringsgevaar (sub b)
 

IEPT20080416, GvEA, Citibank v Citi
CITI overeenstemmend met ouder bekend Gemeenschapsmerk CITIBANK

 

IEPT20080131, GvEA, Kwekersrecht Nadorcott mandarijnen
Beroep tegen kwekersrechtverlening door cooperatie niet-ontvankelijk: mandarijnenkwekers niet 'individueel geraakt' door verlening kwekersrecht. De kwekers worden geraakt door de verplichting tot betaling van een vergoeding uit hoofde van een objectieve feitelijke situatie wat hen niet onderscheidt van de andere kwekers van dat ras, aangezien deze verplichting rechtstreeks voortvloeit uit het communautaire stelsel van bescherming voor kweekproducten. Geen bescherming van hun subjectieve rechten in het geding.

 

2007
 

IEPT20071212, GvEA, Corpo Livre
Verlenging termijnen niet automatisch, maar vereist gemotiveerd verzoek - Laattijdige overlegging van eerste en enige bewijsmiddelen na verstrijken termijn niet toegelaten

 

IEPT20071213, GvEA, Pagesjaunes.com
Merkenrecht: gevaar voor verwarring met Les Pages Jaunes - beroep bij Gerecht van Eerste Aanleg dient tot toetsing belssing BHIM - toelaten nieuwe documenten? 

 

IEPT20071120, GvEA, TEK
Tek Italiaans en Frans voor teakhout beschrijvend teken voor metalen of plastic rekken, mede omdat deze materialen teakhout kunnen imiteren

 

IEPT20071120, GvEA, Castellani

Geen overeenstemming beeldmerk Castellani met Duitse woordmerken Castellum en Castelluca.  Bij globale beoordeling volstaat het visuele, fonetische en begripsmatige verschil om verwarrings-gevaar bij de gemiddelde Duitse consument als gevolg van de gelijkenissen tussen de beide tekens te verhinderen, ook al zijn de erdoor aangeduide waren dezelfde.

 

IEPT20071106, GvEA, RheinfelsQuellen
"VOM URSPRUNG HER VOLLKOMMEN" uitsluitend beschrijvende aanduiding voor bronwater

 

IEPT20071106, GvEA, Revian's v Evian
Merkenrecht: te late indiening vertaling in oppositieprocedure - beslissing onvoldoende gemotiveerd

 

IEPT20071010, GvEA, Bang & Olufsen
Vormmerk luidspreker: bijzonder oplettend publiek - vorm wijkt significant af van hetgeen gangbaar is; dat vorm tevens esthetische functie heeft doet aan onderscheidend vermogen niet af

 

IEPT20070917, GvEA, Microsoft v Commissie
Misbruik machtspositie: Onrechtmatige licentieweigering en koppelverkoop

 

IEPT20070912, GvEA, Aceites del Sur v Koipe – Carbonell v La Espanola
globale visuele indruk van grote overeenstemming creëert, omdat het merk La Española de kern van de boodschap van het merk Carbonell en de erdoor opgeroepen visuele indruk nauwkeurig reproduceert

 

IEPT20070912, GvEA, Grana Biraghi v Grana Padano

Beschermde oorsprongsbenaming GRANA PADANO voor kaas staat in de weg aan inschrijving merk GRANA BIRAGHI voor kaas. Bestanddeel GRANA is geen soortnaam

 

IEPT20070912, GvEA, Neumann microfoonkop

Merkenrecht: geen onderscheidend vermogen vorm microfoonkop

 

IEPT20070711, GvEA, Lura-Flex

Kamer van Beroep BHIM heeft beoordelingsmarge om rekening te houden met te laat ingediend bewijsmateriaal inzake bekendheid ouder merk 

 

IEPT20070711, GvEA, Tosca Blue

Algemeen bekend merk alleen beschermd ter zake van niet-soortgelijke waren wanneer het is ingeschreven

 

IEPT20070711, GvEA, Piranam

Lederwaren in klasse 18 en 25 soortgelijk - Gevaar voor verwarring vanwege gemeenschappelijke esthetische functie lederwaren

 

IEPT20070612, GvEA, Twist & Pour

Teken "Twist & Pour" voor verfpotten: beschrijft een kenmerk van de waar en mist noodzakelijkerwijs elk onderscheidend vermogen

 

IEPT20070612, GvEA, Budweiser en BUD 

Oppositie tegen merkregistraties op grond van oorsprongsaanduiding voor niet soortgelijke producten - bekendheid en misbruik reputatie niet aangetoond

 

IEPT20070524, GvEA, Der Grüne Punkt

Misbruik machtspositie door vragen licentievergoeding voor produkten die in Duitsland geen gebruik van DSD-systeem maken

 

IEPT20070523, GvEA, Reinigingstablet met bloemdessin

Aangevraagde vormmerken missen onderscheidend vermogen

 

IEPT20070322, GvEA, VIPS

Geen ongerechtvaardigd voordeel trekken uit of afbreuk reputatie ouder bekend merk

 

IEPT20070213, GvEA, Respicur

Soortgelijkheid: subcategorie op grond van therapeutsiche indicatie i.p.v. werkzame stof - Relevant publiek: medische vakmensen en Duitse patienten - Gevaar voor verwarring Respicur en Respicort 

 

IEPT20070213, GvEA, Curon v Euron

Geen gevaar voor verwarring tussen merken Curon en Euron voor medische hulpmiddelen 

 

IEPT20070206, GvEA, TDK

Weigering woordmerk TDK voor kleding wegens bekendheid oudere merk TDK, mede vanwege sponsoring sportevenemten

 

2006

 

IEPT20060913, GvEA, MIP Metro v BHIM – Tesco Stores

Doel relatieve weigeringsgrond en oppositie. Twee invalshoeken: De mogelijkheid van een dergelijk conflict moet vanuit twee invalshoeken worden onderzocht. Ratione materiae: vereist dat het oudere merk en het aangevraagde merk gelijk zijn of overeenstemmen, en dat de waren of diensten die de twee merken aanduiden, dezelfde of soortgelijk zijn, waardoor gevaar voor verwarring van de twee tekens kan ontstaan. ratione temporis: moeten deze twee merken gedurende een bepaalde periode naast elkaar be-staan. Wijziging van omstandigheden tijdens oppositie. Bureau bevoegd inlichtingen te verzoeken en feiten, bewijzen en argumenten aan te voeren

 

IEPT20060907, GvEA, Meric v BHIM Pam Pim's Baby Prop
Auditieve overeenstemming en verwarringsgevaar met Pam-Pam voor dezelfde c.q. soortgelijke waren

 

2005

 

IEPT20050420, GvEA, Atomic Austria v BHIM – Atomic Blitz

Opposant vrij in keuze van bewijs voor oppositie. BHIM mag niet veronderstellen. dat het BHIM zich er niet toe mocht beperken, met betrekking tot wezenlijke feiten inzake de bescherming van de oudere merken gewoon een veronderstelling te maken.

 

IEPT20050301, GvEA, Miss Rossi v Sissi Rossi

Geen verwarringsgevaar gelet op de verschillen tussen de waren (schoenen en tassen) en de tekens

 

2004

 

IEPT20041124, GvEA, Henkel v BHIM

Flacon ten onterechte geweigerd als vormmerk: combinatie bestanddelen verleent flacon een bijzonder en ongebruikelijk uiterlijk dat de aandacht van het betrokken publiek trekt en hen in staat stelt de waren te onderscheiden.

 

2003

 

IEPT20030709, GvEA, Laboratorios Giorgio Beverly Hills
Merkenrecht: geen overeenstemming tussen Giorgi-merken en Giorgio Beverly Hills

 

IEPT20030306, GvEA, DaimlerChrysler v BHIM

Beeldmerk van grille DaimlerChrysler heeft onderscheidend vermogen: grilles hebben geen louter technische functie, betrokken grille is ongebruikelijk en kan dienen als onderscheidingsteken.

 

2002

 

IEPT20021023, GvEA, Fifties

Merkenrecht: overeenstemming en verwarringsgevaar tussen Fifties en Miss Fifties voor jeans

 

1999

 

IEPT19991216, GvEA, Micro Leader Business v Commissie

Indien Microsoft  mogelijkheden van Canadese distributeurs om buiten Canada te verkopen heeft beperkt, valt dat binnen uitoefening van haar auteursrechten - Onderzoek misbruik machtspositie geboden vanwege aanwijzing van lagere prijzen in Canada