2015 2e halfjaar Merkenrecht

Print this page

IEPT20151230, Rb Midden Nederland, Glaxo v Sandoz
Rechter bevoegd: EEX-VO prevaleert ook na van kracht worden van de EEX-VO 1215/2012 boven artikel 4.6 BVIE, Sandoz is gevestigd in Nederland en tussen de vorderingen bestaat een zo nauwe band dat een goede rechtsbedeling vraagt om hun gelijktijdige behandeling. Geen merkinbreuk: onvoldoende aannemelijk dat kleurmerk GSK onderscheidend vermogen heeft, en kleur paars kan in de handel dienen om bestemming van geneesmiddel aan te duiden, dan wel de dosering daarvan weer te geven. Geen inburgering: blijkt onvoldoende uit overgelegde marktonderzoeken. Geen slaafse nabootsing: producten zijn in andere kleuren, hebben afwijkende sticker en andere naam. Geen misleidende mededeling: gebruik kleur valt niet onder ‘mededeling’. Geen oneerlijke handelspraktijk: arts of apotheker die producten verstrekt geen ‘consument’ als bedoeld in 6:193b en c BW.

IEPT20151223, Rb Rotterdam, Marc Inbane v Center Tone
Niet te lang stilgezeten: gesteld noch gebleken dat Marc Inbane op meer spoed heeft aangedrongen. Betaling extra fee bracht geen extra onderzoeksverplichting met zich mee: niet voldoende duidelijk uit omstandigheden. Aannemelijk dat een na de tweede betaling door Center Tone uitgevoerd identiek onderzoek dezelfde informatie aan het licht zou hebben gebracht als de inhoud van het recherche-verslag. Naar advocaat verwijzen en deze van informatie te voorzien volstaat voor informatieplicht merkdepot.

IEPT20151216, Rb Den Haag, Converse v Carmika
Nederlandse rechter bevoegd: inbreukmakende handelingen verricht in Nederland. Vorderingen niet onrechtmatig of ongegrond: toegewezen voor Nederland c.q. Benelux. Proceskosten voor voorbereiden en bijwonen van een zitting niet toegewezen aangezien het hier in deze verstekzaak niet van is gekomen.  

IEPT20151216, Rb Den Haag, Dungs
Verwarringsgevaar domeinnaam 'dungs.nl' met merk DUNGS. Reële kans dat het gebruik van de domeinnaam ‘dungs.nl’ bij het publiek de indruk wekt dat de onderneming van [X] c.s. een officiële wederverkoper van Karl Dungs is of anderszins een commerciële band heeft met Karl Dungs. Daarvoor is het volgende redengevend. De domeinnaam bestaat uitsluitend uit het Merk gevolgd door ‘.nl’. Het publiek is er aan gewend dat een website met een dergelijke domeinnaam wordt beheerd door of met toestemming van de merkhouder. Overdracht domeinnaam niet onrechtmatig: uitspraak WIPO-geschillenbeslechter niet evident onjuist.

IEPT20151210, HvJEU, El Corte Inglés v BHIM
Begrip “overeenstemming” uit artikel 8(1)(b) en artikel 8(5) GMeV heeft dezelfde betekenis. Artikel 8(5) GMeV vereist lagere mate van overeenstemming dan artikel 8(1), onder b GMeV. GEU oordeelde terecht dat geringe begripsmatige overeenstemming onvoldoende was voor verwarringsgevaar ex artikel 8(1)(b) GMeV. GEU had vanwege geringe begripsmatige overeenstemming toepassingsvoorwaarden artikel 8(5) GMeV moeten onderzoeken.


IEPT20151201, Hof Amsterdam, Stichting Eco Communicatie

Belanghebbende bij verval merkrecht: (rechtspersonen) die zeker (zelfstandig vermogens)belang hebben bij vordering tot vervallenverklaring. Onvoldoende onderbouwd dat Stichting Eco Communicatie en/of Ventoux (vermogensrechtelijk) belang hebben bij verval “ECO LABEL” merk. Beschermen anonieme cliënt tegen reconventionele vorderingen m.b.t. mogelijke inbreuk geen belang dat bescherming verdient. 1019h Rv proceskosten (€ 10.000) nu door wijze procederen geen mogelijkheid tot instellen reconventionele vordering bestond.

IEPT20151201, Hof Arnhem-Leeuwarden, H&M v Adidas
Voldoende spoedeisend belang: na 17 jaar nog geen bereidheid om onthoudingsverklaring te tekenen en nog steeds betwist dat sprake is van merkinbreuk. Verwarringsgevaar door bekendheid driestrepenmotief, gelijksoortigheid waren en overeenstemming tussen tekens. H&M miskent post sale confusion: feit dat kleding alleen in eigen winkels wordt verkocht doet dus niets af aan verwarringsgevaar. Afbreuk onderscheidend vermogen en reputatie: verwarringsgevaar bij aanzienlijk deel publiek, waardoor economische gedrag publiek wijzigt.

IEPT20151201, CBB, Converse v registeraccountant
Bevindingen van door [naam 1] verrichte onderzoek ontoereikend voor conclusie dat de schoenen door officiële distributeur van Converse schoenen op de Europese markt zijn gebracht. Berisping wegens schending fundamentele beginsel van deskundigheid en zorgvuldigheid door conclusies te trekken die niet berusten op deugdelijke grondslag.

IEPT20151201, CBB, Sporttrading v Registeraccountant

Onderzoek accountant in administratie Alpi beschikt over deugdelijke grondslag: opdracht beperkt tot in beslag genomen administratie Alpi. Onvoldoende onderbouwd waarom accountant niet mocht concluderen dat beschreven zendingen Converse schoenen betroffen.

IEPT20151127, Rb Den Haag, Stichting BKR v Dynamiet Nederland

Uiting dat Dynamiet BKR-registraties kan verwijderen zal door consument niet zo worden opgevat dat zij zelf verwijderingshandelingen verricht. Gebruik begrip ‘terechte registratie’ niet misleidend: houdt in dat registratie aan criteria voldoet ten tijde van registratie, en kernachtige omschrijving hiervan is toegestaan. Niet ten onrechte indruk gewekt dat iedere BKR-registratie kan worden verwijderd: beeld wordt voldoende gecorrigeerd. Merk wordt niet misleidend gebruikt, waardoor geen merkinbreuk plaatsvindt.

IEPT20151127, HR, Hauck v Stokke
Hof dient te onderzoeken of hetzij de ene grond, hetzij de andere, hetzij beide vormuitsluitingsgronden volledig van toepassing zijn. Uitsluitingsgrond dat vorm niet een merk kan vormen wanneer deze wezenlijke waarde aan de waar geeft bestrijkt niet mede het geval dat in deze vorm een ander element dat niet inherent is aan de generieke functie van de waar, zoals een sier- of fantasie-element, een belangrijke of wezenlijke rol speelt. 

IEPT20151125, Rb Rotterdam, Recom v TSS
Nederlands en Benelux recht van toepassing op gestelde merkinbreuk en onrechtmatige daad. Geen merkinbreuk of onrechtmatige daad: door onttrekking advocaat stellingen van TSS niet weersproken. Op 1 na alle reconventionele vorderingen toegewezen.

IEPT20151124, Hof Den Haag, Flexi-Force v F.lli Facchinetti
Normaal gebruik oudere Gemeenschapswoord-/beeldmerk “FF F.lli Facchinetti” voldoende aannemelijk. Door overeenstemmend element “FF” sprake van visuele en auditieve overeenstemming tussen woord-/beeldmerk “FF F.lli Facchinetti” en woord/-beeldteken “FF”.

IEPT20151110, Rb Gelderland, Lifemaxx
Foto’s van fitnessproducten auteursrechtelijk beschermd: eigen oorspronkelijk karakter en persoonlijke stempel van de maker. [bedrijf] heeft inbreuk gemaakt op auteursrecht Lifemaxx door foto’s zonder toestemming te gebruiken op haar website. Inbreuk op woordmerk “Lifemaxx” door foto’s met woordmerk op website te I

IEPT20151104, Rb Den Haag, Hygro v Futurecare
‘Adjust a wings’ niet beschrijvend voor reflectors: publiek zal niet onmiddellijk en zonder nadenken link leggen tussen teken en waren. Inbreuk op merkenrecht onweersproken gesteld, waardoor provisionele stakingsbevel toewijsbaar is. Geen auteursrecht op vormgeving lichtarmaturen: geen afbeelding overlegd of op andere wijze inzichtelijk gemaakt waarop dit zou rusten, en EP 154 is technisch. Wel auteursrecht op gebruiksaanwijzingen: creatieve keuzes gemaakt t.a.v. lay-out en kleurstelling en vormgeving niet banaal. Voldoende aannemelijk dat Hygro belang heeft bij opgave van informatie omtrent leveranciers.

IEPT20151026, Rb Noord-Holland, Bio World Merchandising v Sunset
Stukgelopen relatie tussen partijen moet worden gezien als samenwerking tussen twee in beginsel gelijkwaardige en gelijkgerechtigde partijen, gericht op behalen van gezamenlijk voordeel. Gerede kans dat Benelux/Europese depots “BIOWORLD” van Merchandising te kwader trouw zijn: door samenwerking kan bekendheid Europe met voorgebruik door Merchandising in VS niet ontstaan van merkenrechten in Europa verhinderen. Niet aannemelijk dat Merchandising eerder handelsnaam met “bioworld” in Nederland (en Europa). Europe kan zich op grond van Handelsnaamwet en artikel 6:162 BW verzetten tegen handelsnaam/merkgebruik door Merchandising. Gebruik aanduiding “BIOWORLD” zonder in overleg te treden met Europe om schadelijke gevolgen beëindiging samenwerking te beperken onrechtmatig. Afspraken vereist over domeinnamen partijen met de term “BIOWORLD”. Onvoldoende aannemelijk dat Merchandising exclusieve aanspraken heeft op haar logo. Wel auteursrechtinbreuk op door Merchandising vervaardigde generieke producten die in haar ontwerpafdeling zijn ontwikkeld. Vorderingen op grond van licenties bekende merken afgewezen door gebrek aan volmacht. Merchandising heeft zich onrechtmatig over Europe uitgelaten door de indruk te wekken dat zij de enige rechthebbende is op “BIOWORLD”.

IEPT20151026, Rb Amsterdam, Ravensburger v Jaludo
Geen inbreuk op woordmerk ‘MEMORY’ door gebruik woord ‘memory’ in combinatie met ander woord; gebruik enkel beschrijvend voor aangeboden spel; geen gebruik als teken voor waren of diensten.

IEPT20151022, Rb Den Haag, XO kaas

Voldoende aannemelijk dat teken XO (‘extra old’) gangbaar is geworden als algemene aanduiding van de leeftijd van een aantal voedings- en drankwaren. Aangenomen dat het redelijkerwijs mogelijk is dat de XO-merken de kenmerken van de waar kaas in de toekomst wel zullen gaan beschrijven.

IEPT20151022, HvJEU, BGW v Scholz
Ondergeschiktheid van nevengeschikte lettercombinatie? In Securvita-arrest  (IEPT20120315) is geen algemene regel van ondergeschiktheid gegeven voor een lettercombinatie die de beginletter van elk woord van de woordcombinatie waaraan zij nevengeschikt is herhaalt. Perspectief relevant publiek varieert naar gelang wordt beoordeeld of een teken beschrijvend is dan wel of verwarringsgevaar bestaat.Verwarringsgevaar mogelijk tussen ouder merk dat bestaat uit lettercombinatie en jonger merk dat die lettercombinatie overneemt met toevoeging van beschrijvende woordcombinatie waarvan beginletters door publiek als afkorting van de lettercombinatie worden waargenomen.

IEPT20151021, Rb Midden-Nederland, Diesel v Brandeal
Onvoldoende gesteld dat Vof Brandeal verantwoordelijk was voor de website Brandeal.nl t.t.v. de verhandeling van de inbreukmakende schoenen. Abra Media heeft erkend dat zij verantwoordelijk was voor verhandeling inbreukmakende schoenen. Geen belang bij vordering inzake verklaring voor recht door erkenning Abra Media. Geen belang bij vordering opheffing merkinbreuk: niet aannemelijk dat Abra Media zich niet zal houden aan toezeggingen. Wel belang bij de vordering inzake verstrekken informatie: niet duidelijk of overlegde documenten betrekking hebben op de inbreukmakende handelingen.

 

IEPT20151022, HvJEU, BGW v Scholz
In Securvita-arrest (IEPT20120315) is geen regel van algemene beoordeling opgenomen van de ondergeschiktheid van een lettercombinatie die de beginletter van elk woord van de woordcombinatie waaraan zij nevengeschikt is, herhaalt. Verwarringsgevaar mogelijk tussen ouder merk dat bestaat uit lettercombinatie en jonger merk dat die lettercombinatie overneemt met toevoeging van beschrijvende woordcombinatie waarvan beginletters door publiek als afkorting van de lettercombinatie worden waargenomen.

IEPT20151020, Hof Den Haag, DSQ v DF I

Proceskostenveroordeling DF voor de oppositie alsnog afgewezen: op grond van artikel 2.16(5) BVIE niet verschuldigd als oppositie gedeeltelijk wordt toegewezen.

IEPT20151020, Hof Den Haag, DSQ v DF II
Proceskostenveroordeling DF voor de oppositie alsnog afgewezen: op grond van artikel 2.16(5) BVIE niet verschuldigd als oppositie gedeeltelijk wordt toegewezen.

IEPT20151014, Rb Den Haag, Josef Schulte Ufer v Trading Park
Oproeping North Stocks en RH-Trading voldoet niet aan gronden 210 Rv. Met betrekking tot TCC zijn stellingen ontoereikend: schade houdt geen verband met vorderingen in hoofdzaak.

IEPT20151006, HvJEU, Ford v Wheeltrims
Fabrikant van reserveonderdelen en accessoires voor auto’s die zonder toestemming een merkteken op zijn waren aanbrengt, kan geen beroep doen op modelrechtelijke reparatieclausule ex artikel 14 Modellenrichtlijn en artikel 110 Gemeenschapsmodellenverordening: genoemde bepalingen voorzien niet in afwijking van bepalingen uit Merkenrichtlijn en Gemeenschapsmerkenverordening, met doelstelling om onvervalste mededinging te beschermen is reeds bij totstandkoming van die richtlijn en verordening rekening gehouden, nationale rechter kan het merkenrecht bovendien volgens vaste rechtspraak niet beperken op een wijze die verder gaat dan de beperkingen die voortvloeien uit de Merkenrichtlijn zelf.

IEPT20150929, Hof Den Haag, Pacogi v Balenciaga
Woord/beeldmerk BALENGIANNI: BBIE heeft elementen onderkend en niet ten onrechte aan het figuratieve element boven merk ‘Balengianni’ en beschrijvend element ‘fragrances’ ondergeschikt geacht aan dominerende element Balengianni. Visuele overeenstemming tussen woordteken “BALENCIAGA” en woord/-beeldmerk “BALENGIANNI”: eerste vijf letters identiek,gevolgd door een C respectievelijk een G die, als hoofdletter weergegeven, visueel overeenstemming vertonen en beiden gevolgd door een I en een A; al met al zeven letters identiek en op dezelfde positie (van de tien respectievelijk elf letters). Auditieve overeenstemming door fonetische overeenstemming ‘Balen’. Verwarringsgevaar door overeenstemming teken en merken, gelijkheid betrokken waren en onderscheidend vermogen van oudere merken.

IEPT20150923, Rb Den Haag, Alpargatas v Brands & Concepts

Teken “Hollandaisas” trekt ongerechtvaardigd voordeel uit het onderscheidend vermogen van het Gemeenschapswoordmerk “HAVAIANAS” in de zin van artikel 9(1) onder c GMeV: visuele en auditieve overeenstemming, bekend merk, identieke waren, gebruik vergelijkbaar lettertype en vlaggetje naast woordmerk. Partijen krijgen gelegenheid zich uit te laten over vraag of rechtbank bevoegd is t.a.v. reconventionele vorderingen inzake opheffing beslag na verwijzingsvonnis.

 

IEPT20150922, Hof Den Bosch Converse
Aspo slaagt in bewijs van uitputting wanneer zij kan bewijzen dat Converse haar distributiestelsel dusdanig had ingericht dat er een gevaar bestond dat nationale markten binnen de EER werden afgeschermd. Aspo niet geslaagd in bewijs dat er een reëel gevaar voor marktafscherming of het in stand houden van prijsverschillen is. Het hof laat Aspo toe tot het bewijs van uitputting door Converse, laat Aspo toe om getuigen te leveren en houdt iedere verdere beslissing aan.

 

IEPT20150916, HvJEU, Nestlé v Cadbury

Voor nietigheid vormmerk vereist dat één van de drie nietigheidsgronden volledig van toepassing is. Voor technische uitkomst noodzakelijke vorm van de waar ziet alleen op het functioneren van de waar en niet op de vervaardiging daarvan. Inburgering: aanvrager moet bewijzen dat betrokken kringen de waar of dienst, wanneer deze uitsluitend wordt aangeduid met dit merk, zien als afkomstig van een bepaalde onderneming.

 

IEPT20150910, Rb Den Haag, DGH v Dunya Eye
Onvoldoende onderbouwd dat [T] van DGH recht op handelsnaam Dunya Eye heeft verworven. Verwarringsgevaar tussen “DÜNYAGÖZ 2004/2012 merken en teken “Dunya Eye”: sterke mate van overeenstemming van dominante element “Dunya”, identieke diensten. Inbreuk “sub d” op DÜNYAGÖZ  merken door geregistreerd houden handelsnaam “Dunya Eye” en domeinnaam dunyaeye.nl: wekt indruk van bijzondere band met DGH. Inbreuk “sub a” door teken Dünya Göz in televisierapportage en brochure te gebruiken voor identieke diensten als DÜNYAGÖZ 2012 merk. Gebruik teken “Dunya Goz” als handelsnaam is inbreuk “sub d”. Inbreuk op merk “WORLDEYE” door gebruik van o.a domeinnamen worldeye.nl en worldeyehospital als doorlink naar website dunyaeye.nl door verwarringsgevaar. Overdracht Beneluxmerk Dunya Goz toegewezen: geen verweer tegen stelling dat depot te kwader trouw was. Doorlink op website dunyaeye.nl naar klantenbeoordelingen die betrekking op nadien gestaakte samenwerking tussen [T] en DGH hebben zijn misleidend door indruk dat beoordelingen betrekking hebben op huidige situatie.

IEPT20150910, Rb Den Haag, Woongilde
Onvoldoende onderbouwd dat eiser oudste handelsnaamrecht heeft op “Woongilde”. Beroep op merk “Woongilde” faalt: aangevraagd terwijl eiseres wist van gebruik van teken “woongilde” door gedaagde voor soortgelijke waren en/of diensten, terwijl voorgebruik onvoldoende is onderbouwd. Facebookpagina Het Woongilde die op verzoek van echtgenoot eiseres is verwijderd moet worden hersteld: echtgenoot door verlenen procesvolmacht aan eiseres naast eiseres materiele procespartij geworden.

 

IEPT20150909, Rb Midden-Nederland, PGA v Nefkens
Niet voldoende gesteld of gebleken dat PGA bescherming van de handelsnaam ‘Nefkens’ toekomt. Wel komt PGA bescherming van ‘Nefkens Leeuw’ toe en is verwarring te duchten door ‘Stam Nefkens’ door geringe afwijking in naam, activiteit in zelfde markt en regio en hebben van dezelfde aard. Geen merkinbreuk wanneer Stam Nefkens slechts activiteiten in Amersfoort blijft ondernemen, wel als deze activiteiten zal ondernemen in Utrecht die tot verwarringsgevaar zullen leiden. Recht ‘Nefkens Amersfoort’ te voeren is ouder dan merkrecht PGA, waardoor PGA zich niet kan verzetten tegen gebruik van de met het merk overeenstemmende tekens ‘Stam Nefkens’. Vordering handelsnaam uit te schrijven afgewezen: inschrijving van die naam levert op zichzelf geen inbreukmakend handelen op. Gebruik ‘Henri Nefkens Bovee Amersfoort’ valt ook onder merkgebruik: geen omstandigheden waardoor beschermende werking merk kan worden ontzegd.


IEPT20150903, HvJEU, Iron & Smith v Unilever
Bekend ouder Gemeenschapsmerk: vereist is bekendheid in aanmerkelijk deel EU grondgebied, mogelijk één enkele lidstaat, niet noodzakelijk het gebied van het jonger nationale merk. Criteria inzake normaal gebruik van het Gemeenschapsmerk irrelevant voor oordeel over bekendheid. Houder van ouder Gemeenschapsmerk dat bekend is in aanmerkelijk deel van grondgebied van Unie kan zich verzetten tegen jonger nationaal merk, ook indien bekendheid ontbreekt bij relevante publiek van lidstaat waar inschrijving jonger nationaal merk is verzocht: (a) indien commercieel niet te verwaarlozen deel van publiek het oudere gemeenschapsmerk kent en in verband brengt met jongere merk en daadwerkelijk inbreuk wordt gemaakt, dan wel (b) indien sprake is van een ernstig gevaar dat inbreuk zich in de toekomst voordoet.

IEPT20150902, Rb Den Haag, Street One

Gebruik domeinnaam streetone.nl aan te merken als ‘gebruik merknaam Street One’ als bedoeld in geëindigde franchiseovereenkomst en sprake van gebruik ter onderscheiding van waren. Domeinnaam streetone.nl stemt in grote mate overeen met Gemeenschapswoord/beeldmerk STREET ONE en sprake van soortgelijke waren. [X] dient in ieder geval sinds beëindiging franchiseovereenkomsten gebruik van de domeinnaam streetone.nl te staken. Geen sprake van uitputting merkrecht: onvoldoende onderbouwd op welke grond de domeinnaam hem toe zou komen. Ook zou Street One gegrond reden hebben om zich tegen gebruik van haar woordmerk te verzetten (artikel 13(2) GMeV). Geen afgifte vaststellingsovereenkomst op grond van art. 843a Rv: geen rechtmatig belang. Artikel 1019h Rv van toepassing: zaak gaat over het verweer tegen handhavend optreden door merkhouder Street One. Onvoldoende gemotiveerd waarom de gevorderde proceskosten redelijk zouden zijn: aansluiting Indicatietarieven in IE-zaken

 

IEPT20150803, Rb Den Haag, Ventoux3 v SSH

SSH heeft onvoldoende aannemelijk gemaakt dat zij de eerste voorgebruiker was van het merk Ventoux3, wat maakt dat de ex-parte beschikking dient te worden herzien. Rectificatie SSH: gedane uitlatingen niet voldoende met feiten onderbouwd en daarmee onrechtmatig. 


IEPT20150716, HvJEU, Mevi v Bacardi

Marktdeelnemer die zonder toestemming merkgoederen invoert en onder accijnsschorsingsregeling plaatst maakt “gebruik van een teken in het economisch verkeer”. Merkhouder kan zich op grond van artikel 5 Merkenrichtlijn verzetten tegen derde die van merk voorziene goederen zonder toestemming binnen de EER en het vrije verkeer brengt en vervolgens onder accijnsschorsingsregeling plaatst.


IEPT20150716, HvJEU, Diageo v Simiramida

Dat in lidstaat gegeven beslissing in strijd is met Unierecht, rechtvaardigt niet weigering beslissing te erkennen op grond van strijdigheid met openbare orde aangezochte lidstaat, indien onjuiste rechtstoepassing geen kennelijke schending van een rechtsregel van essentieel belang vormt. Onjuiste toepassing artikel 5(3) Merkenrichtlijn is geen kennelijke schending van een  rechtsregel van essentieel belang. Rechter moet bij onderzoek naar kennelijke schending openbare orde er rekening mee houden of rechtsmiddelen lidstaat van herkomst zijn uitgeput. Handhavingsrichtlijn van toepassing op proceskosten gemaakt in geding over erkenning beslissing uit andere lidstaat, waarin is vastgesteld dat beslag ter voorkoming inbreuk op IE-rechten onrechtmatig is.

 

IEPT20150819, Rb Amsterdam, Waalwear v A-Brands

Verkoop kleding met aanduidingen “S&D Le Chic by Salty Dog” en “Salty Dog Le Chic” niet in strijd met licentieovereenkomst: steeds door Waalwear gecontroleerd of merk correct werd gebruikt. Introductie eigen kledinglijn onder merken “Le chic” en “LCEE” niet in strijd met licentieovereenkomst. Dwaling c.q. bedrog bij overeengekomen amendement op licentieovereenkomst onvoldoende onderbouwd. Afsplitsing deel activiteiten waaronder licenties voor merken LCEE en Le Chic naar nieuwe BV niet onrechtmatig: vallen niet onder licentieovereenkomst. Geen ontbinding of wijziging licentieovereenkomst: starten gerechtelijke procedure geen toerekenbare tekortkoming en gebrek aan winst geen onvoorzienbare omstandigheid

IEPT20150807, Rb Den Haag, FKP v Spirits
Verwarringsgevaar tussen op Stoli-wodkafles gebruikte tekens en beeldmerk “STOLICHNAYA”: zelfde waren en overeenstemmende totaalindruk. Geen beroep op gezag gewijsde Rotterdams vonnis IEPT20150325: in dat vonnis vond niet dezelfde vergelijking van merken plaats als in onderhavige procedure. Bevorderen gebruik STOLI-merk in Benelux door Spirits is onrechtmatig: bewust van verwarringwekkende overeenstemming met over te dragen “STOLICHNAYA” merk.

 

IEPT20150731, Rb Den Haag, Playgro v Playgo
Geen spoedeisend belang t.a.v. oude logo Playgo: sinds 2002 stilgezeten door Playgro. Onvoldoende onderbouwd door Playgo dat Playgro geen spoedeisend belang heeft t.a.v nieuwe logo. Gemeenschapswoord/beeldmerk “PLAYGRO” heeft gering onderscheidend vermogen: ‘play' zuiver beschrijvend voor speelgoed, en 'gro' zal worden opgevat als 'grow', wat beschrijvend is. Gemeenschapswoord/beeldmerk “PLAYGRO” heeft geen toegenomen onderscheidend vermogen: geen bekend merk. Geen verwarringsgevaar door zeer gering onderscheidend vermogen, ondanks soortgelijkheid waren en grote overeenstemming merk en teken. Geen inbreuk artikel 9 lid 1 sub c GMeV: Playgro geen bekend merk. Ook geen sprake van inbreuk op Benelux-woord en woord/beeldmerk Playgro op zelfde gronden als Gemeenschapsmerk.


IEPT20150728, Rb Den Haag, Babytank
Handelsnaam “Babytank Industries” maakt inbreuk op handelsnaam “Babytank Martial Arts”: eiser was eerder, aard ondernemingen komt deels overeen, grotendeels zelfde publiek en toevoegingen “Martial Arts” en “Industries” beschrijvend. Eiser kan zich op merkdepot kort voor dagvaarding beroepen: eiser is voor-voorgebruiker te goeder trouw voor kleding nu hij als eerste kleding voorzien van teken “babytank” heeft aangeboden. Teken “Babytank Industries” maakt inbreuk op merk “BABYTANK”: visuele, begripsmatige en auditieve overeenstemming, en soortgelijke waren.

IEPT20150722, Rb Den Haag, Euronext v Tom en Binckbank
Gebruik AEX-merken als productnaam (tickersymbool) voor eigen product kan indruk wekken dat er economische band bestaat tussen Euronext en BinckBank. index-ticker symbolen geven korte aanduiding onderliggende waarde van effect aan en zijn daardoor beschrijvend. Dat index-ticker symbool kenmerk aanduidt sluit herkomstfunctie niet uit. Gebruik AEX-merken door Binckbank als ticker symbool voor eigen product geen “eerlijk gebruik in nijverheid of handel”. TOM heeft wel eerlijk gebruik gemaakt van AEX-merken door toevoeging van een “T” aan index-ticker symbolen). Afzonderlijke ticker symbolen en verzameling van ticker symbolen niet auteursrechtelijk beschermd. Collectie Amsterdamse optieseries databankrechtelijk beschermd: substantiële investeringen en geen spin off. TOM en Binckbank maken inbreuk op databankenrecht Euronext: vrijwel volledig opgevraagd en hergebruikt. Gebruik ticker symbolen voor aandelenopties geen misleidende reclame, oneerlijke handelspraktijk of oneerlijke mededinging: geen verwarringwekkende praktijken. Smart Execution reclame-uitingen die o.a. claimen dat dit tot beste prijs leidt zijn misleidende reclame: uitingen zijn onjuist. Binckbank tekortgeschoten in nakoming Euronext Market Data overeenkomst (EMDDA) door verkregen gegevens op haar website te publiceren.


IEPT20150722, Rb Midden-Nederland, The Crystal Music Company
Onvoldoende onderbouwd dat uitlatingen CMC onrechtmatig waren. Beneluxwoordmerk “LUCIDPIANOS” nietig door verwarringsgevaar met ouder woordmerk  ‘LUCIDPIANO’. T moet gebruik tekens “LUCIDPIANOS” en “Lucid Piano’s” staken: nagenoeg identiek aan Beneluxwoordmerk “LUCIDPIANO” en soortgelijke waren en diensten. Onvoldoende onderbouwd dat auteursrecht op logo CMC aan eiser toekomt: blijkt ook niet uit opdrachtrelatie. Vleugel T niet auteursrechtelijk beschermd: vormgeving niet resultaat van creatieve keuzes. Inbreuk op foto’s en renders door E onvoldoende onderbouwd. Geen slaafse nabootsing: vleugel T heeft geen onderscheidend vermogen. Overdracht domeinnaam crystalpianos.com door inbreuk op handelsnaamrecht T: geen beroep op een opschortingsrecht. Geen inbreuk op handelsnaam “Lucid Pianos”: niet gebleken dat deze werd gebruikt vóór registratie domeinnaam lucidpianos.com. Geen schending databankrecht T: onvoldoende onderbouwd dat sprake is van een databank.

IEPT20150720, Rb Den Haag, Ventoux3 v SSH
Ex parte bevel ex artikel 1019e Rv wegens inbreuk op merken “VENTOUX3” en “RIDE FOR HOPE:
€ 2500 dwangsom met maximum van € 100.000

 

IEPT20150708, Rb Den Haag, Converse v Alpi
Vragen aan deskundige over of in beslag genomen monsters echtheidskenmerken van Converse vertonen. Horen getuigen voor Spaanse rechter toegestaan: voldoende aannemelijk dat zij niet voor Nederlandse rechter willen verschijnen.