2019 2e half jaar merkenrecht

Print this page

IEPT20191101, Rb Gelderland, KNPV

Gedaagde stemt in met merkenrechtelijke vorderingen. Negatieve uitingen gedaagde over KNPV niet onrechtmatig: beschuldigingen tot op zekere hoogte gesubstantieerd, juistheid uitlatingen niet in KG vast te stellen, toonzetting en taalgebruik niet onrechtmatig. 1019h Rv proceskosten van € 3.000 i.p.v. € 6.000 voor eenvoudig kort geding toegewezen: gelet op dat gedaagde KNPV-merk wilde prijsgeven had kort geding wellicht voorkomen kunnen worden.

 

IEPT20191101, Rb Rotterdam, Drugspakketjes

Inbreuk op handelsnaam- en merkenrecht bij handel in harddrugs via post: handelsnamen en merken gebruikt als afzender.

 

IEPT20191029, Rb Oost-Brabant, ASPB v BIBI

Gedaagden zijn geen lid van de Algemene Schoorsteenvegers Patroonbond: lidmaatschap komen te vervallen bij ontbinding Denito B.V., dat gedaagden gebruik handelsnaam Denito hebben voortgezet betekent niet dat zij daarmee ook de rechten konden uitoefenen waarover Denito B.V. beschikte. Door op hun website ten onrechte lidmaatschap te claimen maken gedaagden zich schuldig aan merkinbreuk, misleidende reclame en onrechtmatig handelen.

 

IEPT20191023, Rb Den Haag, Tommy Hilfiger v Premium

Premium heeft inbreuk gemaakt op merkenrecht Tommy Hilfiger: voor de Amerikaanse markt bestemde Tommy Hilfiger kleding zonder toestemming aangeboden en geleverd in de Unie/Benelux, dat Premium “Ex works” levert - hetgeen betekent dat de koper aansprakelijk is voor het transport - doet niet af aan aansprakelijkheid voor merkinbreuk.

 

IEPT20191017, HvJEU, Landwirtschaftskammer Steiermark v EUIPO

Geen gebruik dat overeenstemt met wezenlijke functie individueel merk, wanneer merk op zodanige wijze wordt gebruikt dat geografische oorsprong en kenmerken van de waren van verschillende fabrikanten die aan de oorsprong zijn toe te schrijven worden gewaarborgd, maar de waren niet onder controle van een enkele onderneming die voor de kwaliteit verantwoordelijk is worden vervaardigd. Merk in casu niet normaal gebruikt: merkhouder niet betrokken bij vervaardiging van de waren en verantwoordelijkheid voor kwaliteit waren rust bij verschillende fabrikanten die niet een enkele onderneming vormen, aangezien zij niet op productieniveau economisch met elkaar zijn verbonden.

 

IEPT20191016, Rb Den Haag, Medical Workshop v Sharpsight

Geen oordeel over auteursrechten naam Invitria: geschil over wie de naam heeft bedacht niet geschikt voor dit kort geding. (Sharpsight via) [A] na afloop Licentieovereenkomst recht de naam Invitria voor het product te (doen) gebruiken. [A] is octrooihouder van het product en heeft na afloop van Licentieovereenkomst als enige het recht het product te producen en verhandelen. Medical Workshop komt voor het gebruik van de naam Invitria door Sharpsight geen beroep toe op het door geregistreerde merk Invitria. Als zou worden aangenomen dat Medical Workshop de naam heeft bedacht, dan nog komt het recht op het gebruik van de naam toe aan (Sharpsight via) [A]. Proceskosten gematigd tot € 20.000. Kort geding aan te merken als een normaal tot complex kort geding. Aan Medical Workshop verboden om naam Invitria na 19 september te gebruiken. Ongeacht wie de naam Invitria heeft bedacht, kan Sharpsight (via [A]), wegens het aan haar toekomend recht op gebruik op de naam Invitria en de daarom in beginsel aan haar toekomende aanspraak op merkrechten op de naam Invitria, zich daar naar voorlopig oordeel immers tegen verzetten. Geen spoedeisend belang bij overdracht merk naast het op te leggen verbod.  Overdracht merk betekent mogelijk ook overdracht Good will en kort geding leent zich niet voor het vereiste feiten onderzoek Kern van het geschil tussen partijen is de vraag wie recht heeft op het gebruik van de naam Invitria zodra de Licentieovereenkomst op 19 november 2019 is geëindigd.

 

IEPT20191009, Rb Den Haag, Rat Pack v Ratpac

Merkaanvrage Rat Pac niet nietig, geen kwade trouw: niet is gebleken dat gedaagde met de merkinschrijving het oogmerk heeft gehad om eiseres het gebruik van het teken Rat Pack te beletten. Duitse handelsnaam Rat Pack komt geen handelsnaambescherming in Nederland toe: handelsnaam geniet geringe bekendheid in Nederland, handelsnaam op DVD’s en in aftiteling film is te onopvallend en wordt niet gebruikt om als identificatie te dienen van de onderneming van eiseres, bovendien is van verwarring niets gebleken.

 

IEPT20190920, Rb Midden-Nederland, SGZE v SGDE

Voldoende aannemelijk dat er sprake is van verwarringsgevaar tussen Benelux woordmerk ‘SGZE’ en teken ‘SGDE’: sterke visuele en auditieve overeenstemming, begripsmatige overeenstemming niet gesteld of gebleken en diensten van partijen in voldoende mate soortgelijk, beide partijen richten zich op markt van zonnepanelen. Verwarringsgevaar tussen handelsnamen ‘SGZE’ en ‘SGDE’ voldoende aannemelijk: gelet op overwegingen m.b.t. merk en teken. Niet voldoende aannemelijk dat ‘Stichting Garantiefonds ZonneEnergie’ handelsnaamrechtelijke bescherming verdiend: geheel beschrijvend zodat beschermingsomvang gering is, beschermen met handelsnaamrecht zou leiden tot monopolie op handelsnaam van vier woorden beginnend met ‘Stichting Garantiefonds’ en eindigend met ‘Energie’.

 

IEPT20190918, Rb Den Haag, Samsung v EBB

Peilmoment voor beoordeling gestelde kwade trouw bij aanvraag Beneluxmerk BIBBY is moment van aanvraag merk en niet registratiedatum van ingeroepen recht van voorrang: kwade trouw (artikel 2.2bis BVIE) is geharmoniseerd begrip dat conform jurisprudentie HvJEU moet worden uitgelegd, waarin geldt dat moment van aanvraag peildatum is. Merkregistratie te kwader trouw: aangevraagd nadat bekend was geworden dat Samsung haar virtuele assistent BIXBY zou noemen en Uniemerk had geregistreerd, aanvraag strekte er kennelijk toe om oppositie tegen BIXBY-merk in te stellen, Pakistaanse merkenregister niet openbaar en volledig transparant, omdat depots niet binnen een jaar worden gepubliceerd, met registratie in Pakistan en steeds verversen daarvan bewerkstelligd dat EBB beschikte over voortdurend aan zicht onttrokken merkregistraties waarvan zij elders prioriteit kon inroepen en oppositie kon aantekenen, oogmerk om totdat merk te gelde wordt gemaakt soortgelijke tekens te blokkeren, bedrijven [gedaagde sub 2] beschikken wereldwijd over duizenden merkregistraties, waaronder van bekende merken als TESLA, APPLE, IPHONE, EUIPO en EUTM voeren honderden oppositieprocedures, Britse merkenbureau heeft 86 procedures tegen Apple wegens misbruik van recht afgewezen en in andere procedures zijn merkregistraties [gedaagde sub 2] als te kwader trouw beoordeeld. Aanvraag te kwader trouw van BIBBY-Beneluxmerk is misbruik van recht, verwijzing naar schadestaat. [gedaagde sub 2] persoonlijk aansprakelijk: wist dat Samsung kosten zou maken in verband met door EBB ingestelde oppositie voor het beteugelen van de daarmee verband houdende complicaties voor het BIXBY-merk.

 

IEPT20190912, HvJEU, Koton v EUIPO

Sprake van depot te kwader trouw (artikel 52(1) onder b) GMeV (oud)) als sprake is van oogmerk om afbreuk te doen aan belangen van derden op een wijze die niet strookt met de eerlijke gebruiken of oogmerk om een uitsluitend recht te verkrijgen voor andere doeleinden dan die onder de functies van een merk vallen, met name de herkomstaanduidingsfunctie. Niet vereist dat ouder merk is geregistreerd voor dezelfde of soortgelijke waren of diensten. Indien derde in ten minste één lidstaat ten tijde van aanvraag van litigieuze merk een merk dat gelijk was aan of overeenstemde met dat merk gebruikte hoeft verwarringsgevaar niet te worden aangetoond. Verwarringsgevaar is één van de in aanmerking te nemen relevante factoren voor bestaan van kwader trouw. Oogmerk van aanvrager merk dient te worden beoordeeld op tijdstip waarop inschrijving Uniemerk wordt verzocht: dat betekent in casu dat oogmerk niet alleen met betrekking tot diensten uit klasse 39, waarvoor het merk uiteindelijk is ingeschreven, maar ook voor waren en diensten uit klasse 25 en 35 – waarvoor het merk oorspronkelijk was aangevraagd – moest worden onderzocht.

 

IEPT20190912, HvJEU, Darferdas

Onderscheidend vermogen van teken waarvan inschrijving als merk wordt aangevraagd moet worden onderzocht rekening houdend met alle relevante feiten en omstandigheden, waaronder alle waarschijnlijke gebruiksvormen van het aangevraagde merk. Wanneer er geen andere aanwijzingen zijn, gaat het hierbij om de gebruiksvormen die in het licht van de gewoonten van de betrokken economische sector in de praktijk significant kunnen zijn. Vormen van gebruik die in deze economische sector weliswaar niet ondenkbaar maar in de praktijk niet significant zijn en dus weinig waarschijnlijk lijken moeten als niet relevant worden afgedaan behalve als de aanvrager concrete aanwijzingen heeft verstrekt die een ongebruikelijke gebruiksvorm waarschijnlijk maken. Benadering uit Deichmann beschikking is slechts relevant in gevallen waarin blijkt dat slechts één gebruiksvorm in de betrokken economische sector in de praktijk significant is.

 

IEPT20190905, HvJEU, AMS Neve v Heritage Audio

Houder Uniemerk kan, bij vermeende inbreuk via online advertenties, een vordering wegens inbreuk instellen tegen een derde bij de merkenrechtbank van de plaats waar de doelgroep van de inbreukmakende online advertenties zich bevindt.

 

IEPT20190830, Rb Den Haag, Salam

Geen spoedeisend belang door gebrek aan voortvarend optreden tegen auteursrechtinbreuk op SALAM-logo:  voldoende aannemelijk dat eiser op de hoogte was van de door hem gestelde inbreuk. Merkinbreuk onvoldoende aannemelijk gemaakt: niet weersproken dat er onvoldoende overeenstemming is tussen merk en teken en geen sprake van gelijke waren of diensten.

 

IEPT20190827, Rb Midden-Nederland, Recor Bedding

Gerekwestreerden bij ex parte beschikking ex artikel 1019e Rv bevolen iedere inbreuk op de merken TIMELESS en COMBISPRING te staken: voornemen gerekwestreerden om onder die aanduidingen een nieuw bed te introduceren op een aanstaande vakbeurs vormt zodanig spoedeisend belang dat uitstel tot onherstelbare schade zou leiden.

 

IEPT20190731, Rb Den Haag, Raviangelo v Koas

Inbreuk op Beneluxwoordmerk OHR PURE FARM GHEE door gebruik ‘OHR Farm Ghee’ op wikkels van blikken geklaarde boter: onvoldoende betwist of weersproken dat een overeenstemmend merk zonder toestemming is gebruikt voor dezelfde waren en verwarringsgevaar oplevert. Vordering tot staken en gestaakt houden gebruik Villageoise en Santigron-merken afgewezen: inbreuk gemotiveerd betwist en van onvoldoende toelichting voorzien. 

 

IEPT20190729, HvJEU, Red Bull v EUIPO

Red Bull-merken bestaande uit de combinatie van de kleuren blauw en zilver als zodanig terecht nietig verklaard: Gerecht heeft de uit het Heidelberger Bauchemie-arrest (IEPT20040624) voortvloeiende beginselen juist toegepast door te oordelen dat geen sprake was van een systematische schikking die de betrokken kleuren op een van tevoren bepaalde en duurzame wijze met elkaar in verbinding bracht.

 

IEPT20190726, Rb Rotterdam, Stichting WOW v WOW Lijnbaan

Geen merkinbreuk sub a: gebruikte tekens met element WOW zijn niet identiek aan merk WOW van Stichting WOW; Geen inbreuk sub b, geen verwarringsgevaar bij relevante publiek: ingeroepen merken zeer beperkt onderscheidend vermogen, WOW Lijnbaan gebruikt het teken bijna altijd in combinatie met de aanduiding Burger en Fries en kleurgebruik in merk en teken verschilt en aard van de WOW-restaurants verschilt (Fastfood vs cross-over cultuur & horeca). Geen inbreuk op handelsnaamrecht Stichting WOW: geen verwarringsgevaar in het kader van merkenrecht aangenomen en beide partijen bedienen een andere geografisch gebied.

 

IEPT20190723, Rb Noord-Holland, Hyde Park v HPH

Projectontwikkelaar Hyde park kan zich niet op grond van handelsnaam verzetten tegen gebruik van namen als Hyde Park Hotel: regel uit Artiestenverloning-arrest (IEPT20151211) - waar in kader van domeinnaam is geoordeeld dat gebruik beschrijvende aanduidingen zelfs bij verwarring alleen onrechtmatig is indien bijkomende omstandigheden dat meebrengen - toegepast op handelsnamen ondanks prejudiciële vragen hierover, door eiser als projectontwikkelaar bedachte aanduiding ‘Hyde Park’ beschrijvend geworden voor de locatie waar zowel Hyde Park en HPH hun diensten aanbieden.  Geen sprake van bijkomende omstandigheden die gebruik aanduiding Hyde Park onrechtmatig maken: voldoende afstand genomen in wijze van aanprijzing, onvoldoende onderbouwd dat Hyde Park in negatief daglicht komt door onbetaalde facturen. Handelsnaam en logo HPH maken geen inbreuk ex artikel 2.20 lid 2 sub b BVIE op woord/beeldmerken Hyde Park: logo’s zijn qua kleurstelling en vormgeving alsmede wat betreft de gebruikte lettertypes volledig anders.

 

IEPT20190717, Rb Den Haag, Fashion Linq v Primark

Benelux- en Uniewoordmerk Denim & Co nietig verklaard wegens gebrek aan onderscheidend vermogen:  ‘denim’ is een algemeen bekende en gangbare aanduiding voor een stof die wordt gebruikt om kleding te produceren, ‘& Co’ (‘and Co’) heeft ook een algemene betekenis ter aanduiding van andere, niet met zoveel woorden aangeduide vergelijkbare personen of dingen, vergelijkbaar met - vrij vertaald - termen als ‘etcetera’, ‘etc.’ en ‘en zo’, het totaalbeeld van ‘Denim & Co’ is daarmee een combinatie van bestanddelen die kenmerken van kleding, schoeisel en hoofddeksels kunnen beschrijven.

 

IEPT20190717, Rb Den Haag, Louboutin

Louboutin toegalaten gestelde betrokkenheid van gedaagde bij invoer van namaak Louboutin-kleding te bewijzen: uit omstandigheid dat gedaagde is gevestigd aan adres waar partijen waren bestemd om geleverd te worden kan niet worden afgeleid dat deze voor haar bestemd waren. Exhibitie toegewezen nu sprake is van een rechtsbetrekking ex artikel 1019a Rv jo. artikel 843a Rv: voldoende aannemelijk dat sprake is van betrokkenheid bij inbreuk op een IE-recht.

 

IEPT20190716, Hof Den Haag, Top Logistics v Hennessy

Exhibitievordering terecht toegewezen: Hennessy mag in hoger beroep ter onderbouwing van haar exhibitievordering ook bescheiden ten grondslag leggen waarover zij de beschikking heeft gekregen door de in het bestreden vonnis toegewezen exhibitie, aan vereiste van bestaan rechtsbetrekking voldaan nu voldoende aannemelijk is dat Top Logistics onrechtmatig handelt door - in ieder geval - het faciliteren van de opslag, het vervoeren/of de verhandeling van communautaire gedecodeerde Hennessy-producten, bescheiden voldoende bepaald de belangen van Top Logistics enerzijds en MHCS anderzijds afwegend is sprake van een rechtmatige belang bij exhibitie.

 

IEPT20190710, Rb Den Haag, Wetrok v CSI

Merkinbreuk op WETROK-merken in periode vóór aanpassing CSI website (wetrokwebshop.nl): gestelde toestemming door Wetrok GmbH onvoldoende aannemelijk. Geen merkinbreuk in periode ná aanpassingen. CSI heeft teken “wetrok” niet als metatag gebruikt. Geen verwarringsgevaar: met beeldmerk overeenstemmend logo is verwijderd, “onafhankelijke wetrok leverancier” en “wetrok webshop is niet gelieerd aan wetrok of haar distributienetwerk" is toegevoegd, publiek heeft relatief hoog aandachtsniveau door hoge prijzen schoonmaakmachines, beroep op Talens-zaak (IEPT20130813) faalt. Beroep op art. 2.20 (2)(d) BVIE faalt: geen ongerechtvaardigd voordeel, met merken overeenstemmend teken enkel gebruikt voor verkoop Wetrok-producten waartoe CSI gerechtigd is, na aanpassingen duidelijk dat webwinkel niet aan ondernemingen eiseressen verbonden is. Geen verklaring voor recht dat CSI aansprakelijk is voor schade in periode vóór aanpassing website: mogelijkheid van schade onvoldoende aannemelijk.

 

IEPT20190704, HvJEU, Touristik v EUIPO

Aanduiding in standaardschrift van beeldmerk “Fl♥” in het Uniemerkenblad (als “Fly”) irrelevant voor beoordeling van de fonetische perceptie van de tekens, die niet samenvallen met de aanduiding ervan in het blad. Grieven tegen ten overvloede aangevoerde overwegingen kunnen niet tot vernietiging bestreden arrest leiden. 

 

IEPT20190703, Rb Den Haag, Hennessy v Simizy

Op grond van artikel 843a Rv gevorderde opgave van lijst van distributeurs afgewezen: onvoldoende onderbouwd dat sprake is van exclusief distributiesysteem c.q. afschermen nationale markten, artikel 843a Rv biedt enkel grondslag voor inzage en afschrift reeds bestaande bescheiden en niet voor opstellen stukken. Berichten met aanbiedingen m.b.t. Hennessy-merkproducten gericht aan in Nederland/Benelux gevestigde (potentiële) kopers afkomstig van Simizy. In deel van berichten wordt aangeboden Hennesy-merkproducten te leveren in Nederland/de Benelux. Aantal berichten ziet op mogelijke, maar niet noodzakelijke levering in Nederland/de Benelux en betreft in daarom geen aanbiedingen in Nederland/de Benelux. Hennessy heeft gegronde reden (art. 15(2) UMeV en 2.23(3) BVIE) om zich tegen decoderen door Simizy te verzetten: productcodes maken recall mogelijk in verband met voedselveiligheid, waardoor geen sprake is van kunstmatige afscherming van nationale markten van lidstaten. e-AD-status garandeert geen uitputting: e-AD status vaak verkregen door omzetting van T1-status naar e-AD, terwijl goederen met aanvankelijke T1-status in beginsel inbreukmakend zijn. Uitputtingsverweer m.b.t. transacties uit opgave n.a.v. kort geding vonnis (IEPT20170410) faalt: vermoeden van exclusief distributiestelsel onvoldoende om gevaar van afscherming nationale markten aan te nemen. Voor aanbod Hennessy-merkproducten met levering buiten Nederland/de Benelux geen sprake van in voorraad houden in Nederland/de Benelux. Voor aantal berichten sprake van in voorraad houden in Nederland/de Benelux: Hennesy-merkproducten zijn in voorraad bij Top Logistics/zullen binnen afzienbare tijd daadwerkelijk in Nederland/de Benelux zijn. Berichten met aanbiedingen onder conditie “subject unsold” duiden niet op in voorraad gehouden Hennessy-merkproducten. Resterende transacties uit opgave betreffen inbreukmakende Dom Pérignon-producten. Winstafdracht toegewezen: Simizy te kwader trouw bij inbreuk. PROCESRECHT

 

IEPT20190703, HvJEU, Viridis v EUIPO

Geen normaal gebruik geneesmiddel tijdens klinische proeven: voor geneesmiddel waarvoor nog geen handelsvergunning is verleend mag zelfs geen reclame worden gemaakt teneinde een marktaandeel te verkrijgen of behouden, gebruikshandelingen voorafgaand aan op handen zijnde verhandeling kunnen normaal gebruik zijn als ze van externe aard zijn en gevolgen hebben voor het [opbouwen van het] toekomstige publiek. Vereiste uitvoering van een klinische proef kan een geldige reden voor het niet gebruiken vormen, maar  merkinschrijving vóórafgaand daaraan en de lange duur daarvan vallen binnen invloedsfeer en verantwoordelijkheid merkhouder, zodat zij niet kunnen worden beschouwd als belemmeringen die zich buiten diens wil hebben voorgedaan.