Artikel 111

Print this page

  weegschaal.png

 

1. De controle van alle uitgaven van het Bureau op basis van de betalingsverplichtingen en de betalingen, en de controle van alle ontvangsten van het Bureau op basis van de vaststellingen en stortingen worden door de door de raad van bestuur benoemde financieel controleur verricht.


2. De voorzitter doet uiterlijk op 31 maart van elk jaar de rekeningen van alle ontvangsten en uitgaven van het Bureau in het afgelopen begrotingsjaar aan de Commissie, de raad van bestuur en de Rekenkamer van de Europese Gemeenschappen toekomen. De Rekenkamer onderzoekt de rekeningen overeenkomstig de desbetreffende bepalingen die van toepassing zijn op de algemene begroting van de Europese Gemeenschappen.


3. De raad van bestuur verleent de voorzitter van het Bureau kwijting met betrekking tot de tenuitvoerlegging van de begroting.