A-G HvJEU over bevoegdheid bij merkinbreuk via website

Print this page 01-04-2019
B915689

Zaak C-172/18: AMS Neve v Heritage Audio. Conclusie A-G Szpunar.

 

IPR. Merkenrecht. In deze zaak speelt de vraag of in het geval van merkinbreuk via een advertentie op een website de rechter van de lidstaat waarop de advertentie is gericht is bevoegd is om zich uit te spreken over de inbreuk.

 

A-G Szpunar geeft het HvJEU in overweging de prejudiciële vragen als volgt te beantwoorden.

 

“Artikel 97, lid 5, van verordening (EG) nr. 207/2009 van de Raad van 26 februari 2009 inzake het Uniemerk moet aldus worden uitgelegd dat wanneer een onderneming, die gevestigd is en haar hoofdkantoor heeft in lidstaat A, aldaar stappen heeft ondernomen om te adverteren voor bepaalde waren en deze onder een teken dat identiek is aan een Uniemerk te koop aan te bieden op een website die is gericht op zowel handelaren als consumenten in lidstaat B, een rechtbank voor het Uniemerk van lidstaat B bevoegd is om uitspraak te doen over een vordering wegens inbreuk op het Uniemerk vanwege deze advertenties en verkoopaanbieding van deze producten op dit grondgebied.

 

Het is aan de verwijzende rechter om over dit punt een beslissing te nemen bij de toetsing van de bevoegdheid van de rechterlijke instanties van de betrokken lidstaat uit hoofde van artikel 97, lid 5, van verordening nr. 207/2009.”

 

Lees de conclusie hier.