Artikel 13

Print this page

  weegschaal.png

 

1.  Wanneer de raad van bestuur het bevoegde bureau in een lidstaat met het technische onderzoek voor bepaalde geslachten of soorten belast, brengt de voorzitter van het Bureau dit feit, hierna „de aanwijzing van een onderzoeksbureau” genoemd, ter kennis van dat bureau, hierna „het onderzoeksbureau” genoemd. Die aanwijzing wordt van kracht op de dag van die kennisgeving. Deze bepaling is van overeenkomstige toepassing op de wijziging of de beëindiging van de aanwijzing van een onderzoeksbureau, onverminderd artikel 15, lid 6, van deze verordening.

 

1 bis.  De raad van bestuur kan de aanwijzing van een onderzoeksbureau, of de uitbreiding van de werkingssfeer van een bestaande aanwijzing van een onderzoeksbureau, aan de naleving van de desbetreffende voorschriften, richtsnoeren en procedures van het Bureau onderwerpen.

Indien een onderzoeksbureau een beroep doet op gespecialiseerde instellingen als bedoeld in artikel 56, lid 3, van de basisverordening, zorgt het onderzoeksbureau voor naleving van de desbetreffende voorschriften, richtsnoeren en procedures van het Bureau.

Het bureau voert een controle uit om na te gaan of het onderzoeksbureau de desbetreffende voorschriften, richtsnoeren en procedures van het Bureau naleeft. Na die controle stelt het Bureau een controleverslag op.

De raad van bestuur baseert zijn beslissing voor de aanwijzing van een onderzoeksbureau op het controleverslag dat door het Bureau is opgesteld.

1 ter.  Voor de uitbreiding van de werkingssfeer van een bestaande aanwijzing van een onderzoeksbureau op verzoek van het Bureau kan de raad van bestuur, bij gebreke van een controleverslag, zijn beslissing baseren op een door het Bureau opgesteld verslag waarin de naleving van de desbetreffende voorschriften, richtsnoeren en procedures van het Bureau is beoordeeld.

Voor de uitbreiding van de werkingssfeer van een bestaande aanwijzing van een onderzoeksbureau op verzoek van een onderzoeksbureau, baseert de raad van bestuur zijn beslissing op een controleverslag dat door het Bureau wordt opgesteld.

1 quater.  Op basis van een controleverslag kan de raad van bestuur beslissen om een bestaande aanwijzing van een onderzoeksbureau te beëindigen of de werkingssfeer ervan te beperken.

Op basis van een verzoek van het onderzoeksbureau, waarmee het Bureau instemt, kan de werkingssfeer van een bestaande aanwijzing van een onderzoeksbureau worden beperkt. Het Bureau legt de beperking ten uitvoer in de in artikel 15, lid 1, bedoelde overeenkomst.


2.  Een personeelslid van een onderzoeksbureau dat aan het technische onderzoek deelneemt, mag van de feiten, documenten en informatie waarvan het tijdens of in verband met de uitvoering van dit onderzoek kennis krijgt, geen ongeoorloofd gebruik maken, noch deze aan onbevoegden bekendmaken. Deze verplichting blijft voor de personeelsleden gelden na afloop van het technische onderzoek, nadat zij de dienst hebben verlaten en na de beëindiging van de aanwijzing van het betrokken onderzoeksbureau.

 

3.  Lid 2 is van overeenkomstige toepassing op materiaal van het ras, dat door de aanvrager ter beschikking van het onderzoeksbureau is gesteld.

Het Bureau kan richtsnoeren vaststellen betreffende het gebruik door onderzoeksbureaus van plantenmateriaal dat ter beschikking is gesteld voor het testen van onderscheidbaarheid, homogeniteit en bestendigheid in het kader van aanvragen van een communautair kwekersrecht. Dergelijke richtsnoeren kunnen de voorwaarden omvatten waaronder dergelijk plantenmateriaal tussen onderzoeksbureaus kan worden overgedragen.

 

4. Het Bureau ziet toe op de naleving van de leden 2 en 3 en beslist over de verschoning of wraking van personeelsleden van de onderzoeksbureaus overeenkomstig artikel 81, lid 2, van de basisverordening.