2024
Print this pageIEPT20241217, Rb Den Haag, Polmos v Pilot
Inbreuk op merkrechten van Polmos door in voorraad houden voor Pilot van namaakwodka: op het moment dat Pilot de flessen leverde aan Trador hadden de flessen de douanestatus T2. Vorderingen merkinbreuk alleen toewijsbaar voor de flessen die aan Trador zijn verkocht, niet voor de tegengehouden ladingen onder T1-status: een merkhouder kan niet meer vorderen dan in artikel 9 lid 4 UMVo staat. Vorderingen op basis van auteursrecht en onrechtmatige daad afgewezen: geen belang omdat vorderingen geen aanvullende of verdergaande maatregelen dan het merkenrecht rechtvaardigen.
IEPT20241125, Rb Den Haag, L’Oréal v Ninôme
Merkinbreuk sub b tussen tekens NINÔME en/of NINOME en LANCÔME: verwarringsgevaar door grote mate van visuele en auditieve overeenstemming, identieke waren en sterk onderscheidend vermogen van LANCÔME-merk en aanpassing van het teken NINOME (zonder dakje) is onvoldoende om verwarring te voorkomen.
IEPT20241119, Rb Den Haag, Lego v Wibra
Bouwsteentjes Wibra maken modelrechtinbreuk op Lego-modellen: Wibra heeft onvoldoende gemotiveerd bestreden dat de bouwsteentjes geen andere algemene indruk wekken. Merkinbreuk sub a op Lego-merken door gebruik tekens ‘Lego bloemen’ en ‘dieren Lego’: gebruik van identieke tekens niet bestreden.
IEPT20241112, Rb Den Haag, Athom NL v Athom Tech en AliExpress
Verstek verleend aan in China gevestigde gedaagde met toepassing van artikel 15 lid 3 van het Haags Betekeningsverdrag. Voldoende gewaarborgd dat de dagvaarding Athom Tech daadwerkelijk en tijdig heeft bereikt.Toewijzing van EU-wijde merkinbreukverboden. Voldoende aannemelijk dat Athom Tech merkinbreuk maakt op grond van artikel 9 lid 2 aanhef sub a en b UMVo en artikel 2.20 lid 2 aanhef sub a en b BVIE. Voldoende aannemelijk dat AliExpress NL, als online platform, zelfstandig merkinbreuk pleegt door de indruk te wekken dat zij de producten voor eigen naam en rekening in de handel brengt.
IEPT20240909, Rb Den Haag, Antargaz
Geen sprake van een schending van de vaststellingsovereenkomst door [gedaagden] c.s.: [Gedaagde sub 2] was niet verantwoordelijk voor de handel in Vervalste Zegels en nagevulde Antargaz-flessen en [Gedaagden sub 1 en 3] zijn geen partij bij de vaststellingsovereenkomst. [Gedaagde sub 1] heeft inbreuk gemaakt op de merkenrechten van Antargaz (sub a-grond): Gedaagde sub 1] heeft Vervalste Zegels bij Bato besteld en gebruikt. [Gedaagde sub 3] kan als indirect bestuurder van [gedaagde sub 1] persoonlijk aansprakelijk worden gehouden: hem kan persoonlijk een ernstig verwijt worden gemaakt. Verder sprake van inbreukverbod en bevel tot afgifte van Vervalste Zegels aan [gedaagden sub 1 en 3] opgelegd. Ook wordt niet betwist deel van winstafdracht direct toegewezen.
IEPT20240909, Rb Den Haag, Dutch Design v Makro
De ‚Box‘ van Dutch Design aan te merken als niet-ingeschreven gemeenschapsmodel: nieuw en een eigen karakter. Makro maakt inbreuk op modelrecht Dutch design: dat de labels op beide doosontwerpen elk aan een andere kant zitten, doet niet af aan de overeenstemmende algemene indruk. De Box is geen auteursrechtelijk beschermd werk: geen intellectuele schepping die persoonlijkheid van de auteur weerspiegelt. Geen sprake van slaafse nabootsing: Dutch Design kan niet aantonen dat de Box een eigen plaats in de markt heeft. Aanvullende werking redelijkheid en billijkheid, artikel 6:2 BW niet van toepassing: uit de gevoerde correspondentie kan niet worden afgeleid dat Makro in het kader van een precontractuele rechtsverhouding verplicht zou zijn geweest om door te onderhandelen of dat Dutch Design recht zou hebben op vergoeding van een contractsbelang.
IEPT20240909, Rb Den Haag, CIVC v Ferminadaza
Kleuraanduiding ‘champagne’ leidt niet tot uitbuiting van de reputatie van oorsprongsbenaming ‘Champagne’: het relevante publiek verwacht bij een kledingstuk een kleuraanduiding op het label. Verder is de term ‘champagne’ in het gewone spraakgebruik een gangbare aanduiding voor een kleur in het ‘crème-/beigekleurige’ spectrum. Ook valt niet in te zien waarom de consument de kleuraanduiding ‘champagne’ zal associëren met de BOB ‘Champagne’. De vorderingen van CIVC zijn afgewezen.
IEPT20240822, Rb Den Haag, Geberit v Voordelig Design Sanitair
Vorderingen Geberit hebben spoedeisend belang. Hoewel Voordelig Design Sanitair (VDS) het inbreukmakende product na sommatie van de website verwijderde, bleef het aanbod via Google Links en Pinterest zichtbaar. Inbreukverbod wordt toegewezen. VDS betwist niet dat zij met het aanbieden, verkopen en in voorraad houden van de bedieningsplaten die zij verkoopt onder de naam ‘Sigma 01’ inbreuk maakt op het octrooi. De voorzieningenrechter wijst nevenvorderingen toe. Beveelt opgave, recall, rectificatie, afgifte, vernietiging en veroordeling proceskosten volgens Indicatietarieven.
IEPT20240718, Rb Den Haag, Igloo Products Corp v IglooCoolers
Geen spoedeisend belang bij inbreukverbod wegens verband met geschil tussen partijen over de rechtsgeldigheid van de opzegging/ontbinding van de distributieovereenkomst: voorzieningenrechter kan niet vaststellen of en, zo ja, per wanneer, de distributieovereenkomst is geëindigd..
IEPT20240714, Rb Den Haag, Violent Publishing v gedaagde
Overeenkomsten met Violent Publishing niet rechtsgeldig ontbonden door [naam 1]: niet is gebleken dat Violent Publishing tekort is geschoten in de nakoming van haar verplichtingen. [Naam 1] is te laat gaan klagen en heeft daarmee niet voldaan aan de klachtplicht ex art. 6:89 BW. [Naam 1] heeft Violent Publishing niet op de daartoe geëigende wijze in gebreke gesteld. [Naam 1] is wel gerechtigd de overeenkomsten met Violent Publishing op te zeggen: de overeenkomsten kwalificeren als duurovereenkomsten voor onbepaalde tijd die in beginsel opzegbaar zijn. Violent Publishing heeft, gelet op de duur van de samenwerking, haar investeringen terug kunnen verdienen. Violent Publishing verplicht tot terug-overdracht van de auteursrechten op de werken. Vordering tot herverdeling van auteursrechten op de muziekwerken afgewezen: geen sprake van onvoorziene omstandigheden die ertoe nopen dat de overeenkomsten moeten worden gewijzigd (6:258 BW).
IEPT20240710, Rb Den Haag, Easygroup v Bunq
Easygroup treedt op tegen Bunq vanwege het gebruik van de namen Easy Money, Easy Green en Easy Bank. Procedure m.b.t. EASYGYM (registraties 8892648 en 9802646) en EASY (01699792) geschorst: nog aanhangige procedure geldt als voorwaarde genoemd in art. 132 lid 1 UMVo. Algemeen onderscheidend vermogen Easygroup-merken niet aangenomen: element 'easy' is op zichzelf niet onderscheidend vanwege geschiktheid om iets te zeggen over de kwaliteit van de waar of dienst, toevoegen tweede beschrijvende woord leidt niet tot een voldoende afwijkende indruk en het beeldmerk van Easygroup bevat onvoldoende onderscheidende elementen. EASYCURRENCY en easyMoney beschrijvend voor alle diensten die verband houden met bancaire of financiële dienstverlening: enkel gebruik pinautomaat maakt niet dat merk wordt gebruikt voor elektrische apparaten, licentieovereenkomsten en nieuwsartikelen onvoldoende om inburgering aan te tonen en easyMoney te kwader trouw gedeponeerd. EASYBUS en EASYCAR beschrijvend voor alle diensten die respectievelijk verband houden met bustransport en autovoertuigen. EASYCOFFEE vervallenverklaard vanwege non-usus: gebruik in enkel Verenigd Koninkrijk niet automatisch irrelevant voor EU door Brexit, normaal gebruik in EU onvoldoende beargumenteerd door Easygroup. EASYHOTEL, woordmerk easy en woord/beeldmerk easy geheel beschrijvend. Geslaagd beroep op inburgering EASYJET: aanzienlijk deel van Europese consumenten is bekend met EASYJET. Geen sprake van easy-seriemerk. Geen inbreuk op EASYJET: geringe mate van overeenstemming, geen verwantschap tussen diensten en enkel EASYJET als geheel vormt een bekend merk.
IEPT20240620, Rb Den Haag, Polmos v Global Beverage
Vorderingen Polomos, voorzover deze gebaseerd zijn op merkinbreuk op de voet van artikel 9 lid 1 jo. lid 2 sub a en lid 3, komen niet voor toewijzing in aanmerking: De vermeende inbreukmakende goederen hebben een T1-satus. Ze zijn dus niet-Uniegoederen en er is met opslag van deze goederen dus geen sprake van gebruik van enog teken in het economische verkeer. Vorderingen Polmos op voet van artikel 9 lid 4 (voorkomen van doorvoer goederen naar een ander (derde) land) wel toewijsbaar: Goederen Global Beverage zijn namaakproducten en Geen sprake van uitputting. Geen Auteursrechtinbreuk: Goederen zijn niet ingevoerd in de Europese Unie en niet openbaargemaakt.
IEPT20240528, Rb Den Haag, LEGO v HA Bricks
Gegronde redenen voor verzet tegen beroep op uitputting en verdere verhandeling door HA Bricks: bouwstenen en minifiguren voorzien van (metalen) kogellager en bedrukking is wijziging van de toestand van de waar. Afbreuk aan kwaliteitsgarantiefunctie van de LEGO-merken: aangebrachte wijzigingen niet slechts van ondergeschikte betekenis. Mogelijk ook afbreuk aan herkomstfunctie van LEGO-merken : bedrukking met een naam, logo of merk van een derde partij kan leiden tot de onterechte indruk van een economische band tussen LEGO en die derde.
IEPT20240524, Rb Den Haag, Philips v Hunan Beyond Medical Technology
Verstekverlening tegen in China gevestigde gedaagde. Inbreuk op Uniemerk IntelliVue met het teken IntelliView voor patiëntenmonitors. Toepassing van Haags Betekeningsverdrag. Toch nog verstekverlening tegen in China gevestigde gedaagde nu blijk is gegeven dat ze kennis heeft van de oproep en (zelfs) inhoud van de dagvaarding.
IEPT20240517, Rb Den Haag, Arpa v Stylam
Uitlatingen van Stylam over de toepassing van nanotechnologie in relatie tot krasbestendigheid en de benaming “NTM” en/of “Nano Tech(niek) Mat” ongeoorloofde reclame (6:194 en 6:194a BW): door gebruik te maken van een deel van de door Arpa gebruikte benaming aannemelijk dat het relevante publiek denkt aan de panelen van Arpa; Stylam juistheid mededeling over toepassing nanotechnologie onvoldoende aannemelijk gemaakt. Stylam moet rectificatie plaatsen.
IEPT20240515, Rb Den Haag, Coty v Prestige
Geen Uniemerkinbreuk in de zin van artikel 9 lid 2 aanhef sub a UMVo; Handel in parfumflessen op T1-status niet in de EU in de handel gebracht; De verkoop aan een in de EU gevestigde partij impliceert niet noodzakelijkerwijs dat de goederen in de EU in de handel worden gebracht (Class-criterium). Prestige maakt met het aanbieden van demonstatiemodellen inbreuk op de Coty-merken in de zin van artikel 9 lid 2 aanhef sub a, in samenhang met artikel 15 lid 1 UMVo. Versturen van aanbiedingenlijst zonder voorbehouden kwalificeert als inbreukmakend gebruik. Staking inbreuk en opgaveplicht onder last van dwangsommen.
IEPT20240506, Rb Den Haag, Greenv v Growa
Geen schending bedrijfsgeheim als bedoeld in artikel 1 Wbb: Niet aannemelijk gemaakt dat datasheet met technische informatie en specificaties van een elektrode geheim is en handelswaarde bezit. Inbreuk op de merkrechten van GREENV in de zin van artikel 9 lid 2 sub b UMVo: Grote mate van overeenstemming tussen merk en teken alsmede grote mate van soortgelijkheid van de waren en diensten maakt dat er sprake is van verwarringsgevaar. Inbreukverbod. Compensatie van de kosten.
IEPT20240424, Rb Den Haag, Hizlipara v Morpara
Beroep op ouder recht van plaatselijke betekenis ten tijde van aanvraag Uniemerk slaagt: Morpara heeft rechtscheppend (voorbereidend) gebruik gemaakt van handelsnaam PayPorter en sinds naamwijziging van Morpara geen beroep op ouder recht, evenmin grond voor inbreukverbod. Geen onrechtmatige daad: Morpara heeft als zelfstandige onderneming (oudere) handelsnaamrechten verworven Verbodsvordering en vordering tot nietigheid Uniemerk Hizlipara in reconventie afgewezen: Sinds naamwijziging kan Morpara geen handelsnaamrechten met betrekking tot ‘PayPorter’ (meer) doen gelden. Geen sprake van merkdepot te kwader trouw door Hizlipara: Onvoldoende onderbouwd. Schadevergoeding Morpara toegewezen: ten aanzien van kosten gemaakt i.v.m. onrechtmatige executie kortgedingvonnis (IEPT20220210).
IEPT20240410, Rb Den Haag, Motor Mania v Asian Gear
AGM maakt inbreuk op Model-04 en op auteursrechten ten aanzien van ontwerp model: AGM-scooters wekken bij de geïnformeerde gebruiker eenzelfde algemene indruk als Model-04. Motor Mania is gerechtigd Model-04 te handhaven: overdracht Model-04 van MM-Exclusief aan [naam 1] heeft niet gedurende faillissement van MM-Exclusief plaatsgevonden en is dus rechtsgeldig. Vorderingen Motor Mania grotendeels toegewezen: Motor Mania heeft voldoende belang bij toewijzing inbreukverbod. Gevorderde opgave en recall eveneens toegewezen. Vordering tot winstafdracht toegewezen voor zover zij betrekking heeft op de door AGM na 2 mei 2023 verhandeling van AGM-scooters genoten winst: vereiste van kwade trouw (art. 3.17 lid 4 BVIE) niet in strijd met art. 13 lid 2 Handhavingsrichtlijn en art. 45 lid 2 TRIPS-overeenkomst. Tot datum arrest Hof Den Haag (2 mei 2023) geen sprake kwade trouw. Na 2 mei 2023 wel sprake van kwade trouw. Tevens vordering tot schadevergoeding toegewezen, verwijzing naar schadestaatprocedure.
IEPT20240405, Rb Den Haag, Wijnenwereld.nl v Wijnwereld.online
Onvoldoende aannemelijk dat ‘Wijnenwereld’ als handelsnaamgebruik kwalificeert: niet gebleken dat eisende partij onder die naam haar onderneming drijft. Onvoldoende aannemelijk dat ‘Wijnwereld’ als handelsnaamgebruik kwalificeert: abusievelijke vermeldingen die inmiddels zijn gestaakt. Geen inbreuk op handelsnaam ‘wijnenwereld.nl’ door gebruik naam ‘wijnwereld.online’: niet in geschil dat sprake is van behoorlijke mate van overeenstemming, daarnaast in hoge mate beschrijvend met een (zeer) beperkte beschermingsomvang zodat geen sprake is van verwarringsgevaar.
IEPT20240405, Rb Den Haag, Meat Chips
Inbreuk op handelsnaam Meat & Chips: geen overname van handelsnaam en voldoende aannemelijk dat VOF oudste rechten heeft en verwarringwekkende gelijkenis niet bestreden. Inbreuk op beeldmerk: gebruikte logo stemt voldoende overeen met beeldmerk om verwarringsgevaar te kunnen aannemen.
IEPT20240325, Rb Den Haag, DNACC v opslagbakkie
Geen inbreuk merken ‘bakkie’: merken zijn nietig omdat zij onderscheidend vermogen missen en geen sprake van inburgering van de merken. Geen handelsnaaminbreuk op ‘bakkie’-handelsnamen door gebruik teken Opslagbakkie door gedaagde: handelsnaam Opslagbakkie van Gedaagde voldoende afstand van de ‘bakkie’-handelsnamen.
IEPT20240313, Rb Den Haag, Essity v MTS
Essity produceert consumer tissues en heeft een octrooi voor een eindstop voor rolmateriaal welke in een arresteermechanisme van een dispenser wordt geplaatst. MTS maakt daarop inbreuk. De nietigheidsaanval slaagt niet, omdat o.a. de hellingshoek van het vergrendelopperlvlak niet 117 tot 141 graden niet in genoemde documenten te vinden zou zijn. Het technisch effect van het verschilkenmerk is dat de samenwerking met een geschikt retentiemechanisme zorgt voor een betere geleiding van de materiaalrol en vergrendeling in de eindpositie. Staking van inbreuk en nevenvorderingen bevolen. Ook provisionele staking voor buitenlandse delen van het octrooi.
IEPT20240403, Rb Den Haag, High Point v KPN
Beperkte B3-versie wordt alsnog getroffen door nietigheidsbezwaar van toegevoegde materie. De uitspraken over de B1-versie zijn in kracht van gewijsde: De afwijzing van de vorderingen in de inbreukzaak door de rechtbank in het vonnis 2010 (IEPT20100915), is een zuivere afwijzing op materiele gronden en geen ‘oneigenlijke’ (en geen niet-ontvankelijkverklaring). Rechtbank gebonden aan tekst B3-versie voor zover de tekst van het octrooi niet is gewijzigd, en er over een dergelijke niet gewijzigde maatregel al een eindbeslissing is gegeven in het vonnis 2010; Sprake van hetzelfde octrooi, zij het dat de beschermingsomvang daarvan is ingeperkt met de centrale beperking; Gezag van gewijsde van het vonnis 2010 strekt zich in principe uit tot alle dragende eindbeslissingen in die zaken. De centraal beperkte versie wordt getroffen door KPNs toegevoegde materie bezwaar: Het centraal beperkte B3-telecomoctrooi is nietig.
IEPT20240301, Rb Den Haag, NGCM v TU Delft
Partijen hebben een licentieovereenkomst voor een octrooi op een biobased membrane. Er is internationaal onderzoek verricht en de conclusies zouden niet nieuw of inventief zijn. NGCM gebruikt de non-sludge-based toepassing en verzoekt een getuigenverhoor over de geldigheid van het octrooi. De verklaring van de getuigen kan niet tot de door verzoeker beoogde vaststelling van de ongeldigheid van het octrooi leiden, dat is voorbehouden aan de rechter in het kader van een daartoe wettelijk vastgelegde procedure. Geen belang
IEPT20240301, Rb Den Haag, X v Maxime Meiland en Osjato Uitgeverij
Vorderingen eiser afgewezen. Boek van gedaagde met uitlatingen over verkrachting niet onrechtmatig: naam eiser wordt niet genoemd en is alleen bekend in kring van vrienden en kennissen van gedaagde. Zelfs indien het boek wel onrechtmatig zou zijn, gaat standpunt eiser niet op: eiser heeft zijn kant van het verhaal in interviews ook buiten de (beperkte) kring van vrienden en kennissen naar voren gebracht. Daarmee lijkt een soort van evenwicht te zijn bereikt.
IEPT20240221, Rb Den Haag, Biogen v de generieken
Interventie in meerdere octrooizaken. Incidenten tot tussenkomst ex artikel 70 lid 6 ROW en artikel 217 Rv. Licentienemer en distributeur behorend tot zelfde concern als de octrooihouder, wensen eigen vorderingen tot schadevergoeding/winstafdracht in te stellen tegen de vermeend inbreukmakers. Zelfstandig vorderingsrecht niet aannemelijk gemaakt. Strijd met goede procesorde gelet op - onder meer - late tijdstip van instellen incidentele vorderingen.
IEPT20240131, Rb Den Haag, Container Centralen v curator Quality Plants
Container Centralen kan geen goederenrechtelijke aanspraak maken op de bij QPE aangetroffen Containers; CC Containers die zich binnen Containersysteem bevinden zijn oneigenlijk vermengd; Revindicatie van containers die oorspronkelijk van één eigenaar waren kan, maar is niet afgesproken binnen de pool. Uitputtingsberoep van de merk-, model, en octrooirechten die rusten op de identificatietekens slaagt niet.: Containers tegen een vergoeding laten rouleren in een gebruikerspool kwalificeert niet als in de EER in de handel brengen. Het stond de curator niet vrij om de Identificatietekens voorzien van het Merk van de Containers te verwijderen, alvorens deze containers te koop aan te bieden: Container Centralen zou dan het wezenlijke recht worden ontzegd om de van haar merk voorziene waren als eerste in de EER in de handel te brengen.
IEPT20240123, Rb Den Haag, Janssen Biotech v Samsung Bioepis
Productie biosimilar voor export en geldig beroep op productievrijstelling ABC. Bewoording Productievrijstellingsverordening (EU) nr. 2019/933 voldoende duidelijk om te bepalen hoe deze moeten worden uitgelegd: Geen reden om over te gaan tot het stellen van prejudiciële vragen aan het HvJEU.Samsung Bioepis kan een geldig beroep doen op de productievrijstelling voor export biosimilar naar derde landen; Referentienummer van handelsvergunning in exportland mag later verstrekt worden (zodra dit publiek beschikbaar is); Exportlanden hoeven niet (alvast) rechtenvrij te zijn; Tijdelijke opslag is toegestaan onder de productie-voor-export-vrijstelling. De vorderingen worden afgewezen.
IEPT20240117, Rb Den Haag, Realistic Games v Stakelogic
Maximale boete nu vaststellingsovereenkomst rondom BOOK OF CHARMS niet is nageleefd. Wat begon als een merkenrechtschending op BOOK OF CHARMS betreft online kansspelen, heeft geleid tot een vaststellingsovereenkomst. De vraag of boetes zijn verbeurd door het niet naleven van verplichtingen uit de overeenkomst. De taalkundige uitleg is de enige uitleg, gegeven het feit dat partijen over de overeenkomst niet hebben onderhandeld. Dat een boete pas verschuldigd zou zijn als zowel verplichting onder artikel 1 als artikel 2 niet wordt nageleefd, klopt niet. Ook als één van de verplichtingen niet wordt nageleefd. Maximum van boetes is verbeurd en veroordeling in de proceskosten.